Het kaartenhuis van de kleine man

Zoals zoveel Nederlanders verdiende Roger D. uit Hoensbroek in de jaren negentig fors met aandelen en opties. Hij deed dat samen met een medewerker van de SNS Bank. Toen ging het mis. Hoe een beleggingsdrama een familiedrama werd.

Op welk moment Roger met speed begon, weet hij zelf niet meer precies. Het moet zijn geweest toen hij de nachten nodig had om door te gaan, na 8 november 2001. Hij moest honderden transacties narekenen die de afgelopen anderhalf jaar waren verricht. Roger wilde nagaan of de SNS Bank in Maastricht geen fouten had gemaakt. Dus toen de boekhouder uit Hoensbroek zich in een café in Roermond liet ontvallen dat hij af en toe tegen zijn zin in slaap viel, zei hij geen `nee' toen hem speed werd aangeboden. ,,Ik kreeg het adres er meteen bij.'' Op dat adres zou hij nadien wel vaker worden gesignaleerd. In het gezelschap van verkeerde vrienden. En toen hij dit jaar op 20 februari werd opgepakt, was hij zozeer onder invloed, dat hij verminderd toerekeningsvatbaar werd verklaard.

Op 9 juni bepaalde de rechtbank in Utrecht dat de SNS Bank een voorschot van 100.000 euro moet betalen aan de familie D. uit Heerlen. Door te speculeren op de beurs heeft de familie zich diep in de schulden gestoken. De SNS Bank heeft hun daarvoor verschillende kredieten te verstrekt. De wettelijk opgelegde zorgplicht is door de bank geschonden. Maar de hoofdrol vervulde Roger, zoon van de familie. Roger, 34 jaar oud, zit nu in het huis van bewaring van Roermond. Hij is veroordeeld tot een gevangenisstraf van één jaar, waarvan een half jaar voorwaardelijk voor onder meer diefstal en het bezit van drugs. Allemaal als gevolg van de problemen met de SNS Bank, beweert de familie. In ruim twee jaar tijd is Roger voor hun ogen veranderd van een hardwerkende echtgenoot, vader en boekhouder zonder schulden in een man met een strafblad en een drugsverleden. Hij moet nog twee maanden zitten. Hij heeft een schuld opgebouwd van meer dan 300.000 euro en heeft ook zijn ouders meegesleept in zijn val. Zijn vrouw Michelle verblijft sinds februari van dit jaar met hun twee kinderen bij haar ouders.

Gedreven

Op hun trouwfoto kijken Roger en Michelle zelfverzekerd de camera in. Op dezelfde muur in de woonkamer van zijn ouderlijk huis hangen de trouwfoto's van twee oudere zussen en een jongere zus. Roger groeide op in Heerlen, waar vader D. eerst werkte in de mijnbouw en later bij een uitvoeringsorganisatie sociale verzekeringen. Moeder D. ontfermde zich over de kinderen en voedde hen op volgens katholiek recept. Toen duidelijk was dat ze alle vier wilden studeren, ging ze in 1982 als schoonmaakster aan de slag, voor vier uur per week. In 1991 begon ze als surveillante op een school in Kerkrade.

Roger verdiende al vroeg geld. Met het ophalen van oud ijzer en het rondbrengen van kranten. Nadat hij in 1987 zijn VWO-diploma had gehaald, ging hij naar de HEAO om accountancy te studeren. In 1988 leerde hij Michelle kennen in het uitgaansleven van Heerlen. Toen Roger zijn examen haalde, gingen ze samenwonen. Twee jaar later trouwden ze. In 1995 kwam het eerste kind, nummer twee volgde in 1999. En terwijl Roger assistent-accountant op een kantoor in Geleen werd, werkte Michelle twee dagen per week als administratief medewerker. Samen hadden ze een modaal inkomen. ,,We hadden geen schulden en we spaarden altijd voordat we wat kochten.''

Roger begint met beleggen als hij 22 jaar is en nog studeert. Het is dan 1991. Acht jaar later heeft hij een een goed gespreide aandelenportefeuille ter waarde van zo'n 40.000 euro. De portefeuille valt op bij een accountmanager van de SNS Bank, Ronald P.. Roger: ,,Ronald vertelde mij dat ik veel meer geld kunnen verdienen door in opties te gaan handelen. Tot dan toe deed ik dat nauwelijks.''

De twee mannen overleggen dagelijks. Hoewel een accountmanager zelf aan strenge, wettelijke regels is gebonden als hij wil handelen, laat Ronald P. doorschemeren dat hij een portefeuille heeft die hij officieel door een ander laat beheren. De twee mannen blijken op dezelfde dag geboren te zijn en tussen hen groeit een vriendschap. Zo wordt dat althans door Roger ervaren. Michelle: ,,Roger vertrouwde Ronald volledig. Hij zei zelfs dat mocht hem iets overkomen, Ronald alles voor ons zou regelen.'' En zo ontwikkelt Roger zich tot een ervaren handelaar die zijn hand niet omdraait voor strangles en straddles en andere optieconstructies. Na 42 dienstbare jaren gaat Rogers vader in 1997 op 56-jarige leeftijd in de VUT. Vader en moeder D. hadden altijd het plan om een appartementje te kopen als ze met pensioen gingen. In 1999 is hun spaartegoed opgelopen tot zo'n 23.000 euro Roger stelt voor om ook met hun geld te gaan beleggen. Ze machtigen Roger om hun spaargeld te beheren.

De zaken verlopen goed. Maar als de optiecontracten van Roger op verlies dreigen uit te draaien, gaat Roger, zoals altijd, met accountmanager Ronald P. in gesprek. Hij besluit het bestaande, bijna aflopende optiecontract om te zetten in een nieuw contract zodat de handelaar zijn verlies niet hoeft te nemen. Door het `doorrollen' van zijn contracten stelt Roger weliswaar zijn verlies uit, maar tegelijkertijd ontstaat er in zijn portefeuille een grotere marginverplichting (zie kader). Om aan die verplichting te voldoen zet Roger de spaarrekening met ruim 5.000 euro van zijn zoontje in en sluit hij ook nog twee doorlopende kredieten af voor een totaalbedrag van ruim 45.000 euro. Volgens Roger gebeurt dat allemaal op advies van Ronald P.. Die heeft hem verteld dat het spaargeld en de doorlopende kredieten slechts dienen als dekking van de marginverplichting: de doorlopende kredieten hoeven nooit echt te gelde worden gemaakt. Voor vader en moeder D. wordt hetzelfde geregeld via de SNS Bank in Maastricht. Het enige dat hun wordt verteld is dat het doorlopende krediet van 23.000 euro géén consequenties heeft. Dit alles gebeurt eind 2000.

In juli het jaar daarna krijgt Roger een telefoontje van Piet W., directeur van het betreffende bankfiliaal, met de opdracht om alle doorlopende kredieten op te nemen. Hij moet onverwijld alle bedragen op de beleggingsrekening van hemzelf storten om de margin te dekken. Dat betekent dat Roger en zijn ouders vanaf dat moment voor het eerst van hun leven een schuld hebben, waarover ze ook nog rente moeten gaan betalen. Omdat het tekort aan margin verder oploopt, adviseert accountmanager Ronald P. om een extra hypotheek te nemen op de echtelijke woning. Het wordt een aflossingsvrije hypotheek van de SNS Bank voor een bedrag van ruim 200.000 euro. Volgens Roger adviseert de accountmanager om ook geld te lenen van zijn schoonvader. Maar omdat Michelle dat niet wil, sluit Roger nog twee doorlopende kredieten af bij een andere geldverstrekker. Alles bij elkaar opgeteld bedraagt de totale schuld in oktober 2001 ruim 300.000 euro.

Eind oktober past de SNS Bank een herberekening van de margin toe. De SNS Bank had deze berekening, net zoals alle andere banken, al op 1 juli van dat jaar moeten doorvoeren. Dan wordt duidelijk dat de portefeuille van Roger een aanzienlijk tekort aan margin heeft en dwingt SNS hem zijn portefeuille van de hand te doen. Dat doet hij op zeven november. Op acht november 2001 zit Roger, samen met zijn moeder en zijn schoonvader, die inmiddels van de hele situatie op de hoogte is,op het kantoor van de SNS Bank in Maastricht. Voor de SNS Bank nemen Ronald P. en directeur Piet W. deel aan het gesprek.

Roger krijgt een overzicht waarop de margintekorten van zijn portefeuille in periodes zijn weergegeven. Er is in ruim anderhalf jaar tijd gedurende dertien periodes sprake geweest van een dekkingstekort. Dat betekent dat de SNS Bank dertien keer een ontoelaatbare situatie heeft getolereerd. De bank erkent dit in het gesprek op acht november 2001. Daarvan getuigen alle drie aanwezigen. SNS belooft bij monde van Piet W. met een voorstel te komen. Maar dat voorstel komt er nooit. Sterker: SNS wordt vanaf dat moment onbereikbaar voor de familie D.. Die bellen, faxen, lopen meermalen binnen, maar twee maanden lang krijgen ze niemand te spreken: de verantwoordelijken zijn er niet of zitten in vergadering. Vader en moeder proberen uit alle macht om te worden losgekoppeld van de marginverplichtingen die hun zoon op zich heeft genomen. In januari 2002 zegt het betreffende bankfiliaal de zaak uit handen te hebben gegeven aan de juridische afdeling van de SNS Bank.

Apathisch op de bank

Roger draait na acht november 2001 door. Hij begint als een bezetene uit te zoeken hoeveel hij precies heeft verloren. Hij voelt zich bedrogen en misleid. De strategie die hij samen met Ronald P. had bedacht, is als een kaartenhuis in elkaar is gezakt. Volgens Roger mag de accountmanager van zijn werkgever vanaf dat moment niet meer met hem praten. Om door te kunnen denken en werken neemt Roger amfetamine. Hij vraagt de huisarts om slaappillen en tranquillizers, zodat hij ondanks de speed af en toe kan slapen.

In mei 2002 stort Roger in. Zijn werkgever stuurt hem met ziekteverlof en wil van hem af omdat hij al tijden niet goed presteert. Roger stemt in met een vertrekpremie. Het geld geeft hem ruimte voor een nieuwe start en hij belooft zijn vrouw dat hij van de speed zal afblijven. Hij vindt een nieuwe werkgever, maar eind december 2002 staat Roger opnieuw op straat. Opnieuw grijpt hij naar de speed en hij begint de greep op de werkelijkheid te verliezen. In januari onderneemt Roger een zelfmoordpoging, waarna de situatie thuis onhoudbaar wordt. Zijn vrouw en twee kinderen van vier en acht jaar oud trekken begin februari bij haar ouders in. Het is 20 februari 2003 als Roger door de politie op heterdaad wordt betrapt tijdens een inbraak in een woning.

Michelle hoorde pas in september 2001 dat de beleggingen niet goed liepen. ,,Roger vertelde mij dat we schulden hadden en daar schrok ik vreselijk van. Tot dat moment heb ik nooit van enig probleem gehoord.'' Vader en moeder D. zijn zwaar aangeslagen door alles wat is gebeurd. Meneer D. voelt zich verschrikkelijk in de steek gelaten door zíjn bank. Hij zit apathisch op de bank. Hij zegt: ,,Het beheerst mijn hele leven. Mensen met geld hebben invloed, de kleine man wordt gepakt.'' Op de vraag of ze zich nooit hebben afgevraagd waarmee hun zoon bezig was, antwoordt moeder D.: ,,Mijn zoon was altijd goed met geld. Als je dan ook nog eens de bank achter je hebt staan dan kan het niet stuk, toch?'' De ouders D. zijn met het doorlopende krediet een verplichting aangegaan die hun draagkracht ver te boven gaat. Van de VUT van vader en het bijbaantje van moeder betalen ze iedere maand ongeveer 450 euro af.

Inmiddels is de zaak onder de rechter. ,,De familie heeft juridisch gezien een uitermate sterke zaak,'' meent advocaat Hendrik Jan Bos, die de familie sinds juni 2002 juridisch bijstaat. ,,De SNS Bank heeft in grove mate hun zorgplicht verzaakt.''

De zorgplicht van banken is inmiddels behoorlijk streng geworden. Dat heeft vooral te maken met de enorme groei van het aantal mensen dat in een paar jaar tijd is gaan beleggen. De zorgplicht van banken, door de overheid verplicht gesteld en door de Autoriteit Financiële Markten op naleving gecontroleerd, moet zowel bank als burger beschermen. De zorgplicht gaat zelfs zo ver, dat een bank ,,moet handelen in het belang van de cliënt'', zo staat geschreven in een aanvulling op de wet uit 1999. Advocaat Bos: ,,De ouders D. zijn nooit van mogelijke consequenties van het handelen van hun zoon op de hoogte gesteld. Ook schrijft de wet voor dat een bank allerlei informatie inwint en vastlegt over de mate waarin een klant ervaring heeft met beleggen. Die ervaring of kennis hebben de ouders in het geheel niet. Bovendien heeft SNS doorlopende kredieten en een tweede hypotheek verstrekt, terwijl dat de financiële draagkracht van de familie ver te boven ging. En dan is er nog de herberekening van de margin, die vier maanden te laat is doorgevoerd. Volstrekt onverantwoordelijk.''

Geblunderd?

Intussen zijn de betrokken SNS-mensen uit Maastricht niet meer in het betreffende filiaal werkzaam. Piet W., directeur van SNS in Maastricht ten tijde van dit debacle, is vervroegd uitgetreden. Volgens Frank 't Hart, advocaat van de SNS bank, heeft dat niets met deze zaak te maken. Ronald P. woont nog steeds in Maastricht, maar werkt tegenwoordig bij een SNS-vestiging in Eindhoven. Hij werkt daar weer als accountmanager. Ronald P. wil helemaal niets kwijt over de kwestie.

't Hart reageert wel op de kwestie. Op de vraag of er niet is geblunderd door SNS in Maastricht, reageert hij ontkennend. Hij erkent dat de herberekening van de margin vier maanden te laat is gebeurd, maar dat was omdat de SNS Bank over deze herberekening vragen aan Euronext had. Er is verder niemand door in de problemen geraakt, zegt 't Hart. Het verwijt van de familie D. en hun advocaat dat de SNS Bank Roger D. te veel risico heeft laten nemen erkent 't Hart ten dele. Maar hij vindt ook: ,,Als iemand willens en wetens bepaalde risico's neemt, dan is dat mede zijn eigen verantwoordelijkheid. Wij erkennen als SNS Bank wel onze verantwoordelijkheid in de zorgplicht, daarom bieden wij aan om een deel van de schuld op ons te nemen. Van de totale beleggingsschade willen wij één-derde betalen, dat is 100.000 euro.'' Volgens 't Hart is dat percentage overeenkomstig met de jurisprudentie in dit soort zaken. Inmiddels is deze 100.000 euro reeds als voorschot op een mogelijke schadevergoeding betaald. Maar daar was wel het kort geding voor nodig waarin de voorzieningenrechter in Utrecht op 9 juni uitspraak deed. Inmiddels heeft de familie het bedrag ontvangen. daarmee hebben zij enigszins lucht gekregen in hun benarde financiële situatie.

Volgens de advocaat van de familie D., Hendrik Jan Bos, is echter niet alleen sprake van beleggingsschade. Hij stelt dat er een causaal verband bestaat tussen het handelen van de SNS Bank en dat van Roger D.. De raadsman komt uit op een schadebedrag dat is opgebouwd uit beleggingsschade én inkomensschade. Daarin zit ook een deel pensioenbreuk. De claim is ruim 500.000 euro.

Reden te meer voor beide partijen om te schikken? De advocaten zeggen dit wel te willen, maar verwijten elkaar een onwrikbare houding. De bodemprocedure waarin de rechtbank de uiteindelijke schadevergoeding bepaalt die SNS eventueel moet betalen, kan jaren duren. Het zou een novum zijn in Nederland als de rechtbank zou oordelen dat de SNS Bank naast de beleggingsschade ook aansprakelijk is voor de inkomensschade van Roger D..

Roger is de afgelopen maanden onderzocht door een psychiater, die een rapport over hem heeft opgemaakt. Zijn strafrechtadvocaat Georges van Zeijl vindt dat hij een beetje eenzijdig de schuld bij de SNS Bank legt.: ,,Roger is een intelligente man. Rationeel betuigt hij inzicht in zijn eigen daden, maar of dat ook zo door hem wordt gevoeld, betwijfel ik.'' Roger weet nu dat hij verminderd toerekeningsvatbaar was op het moment dat hij werd opgepakt. Hij herinnert er zich weinig van. ,,Veel snap ik helemaal niet. Waarom ik heb ingebroken bijvoorbeeld? Eén van de ergste dingen is dat ik het vertrouwen in mensen volledig ben kwijtgeraakt.''

Hoe kon hij zo doorslaan? ,,Ik ben gedreven'', zegt hij. ,,En ik gooi niet snel het bijltje erbij neer.'' Maar hij gaat nu nooit meer beleggen, zegt hij. Hij wil een normaal leven leiden. In de gevangenis heeft het geloof voor hem betekenis gekregen. Hij is gaan lezen, onder anderen Norman Vincent Peal. ,,Vergeving is het uitbannen van haat'', citeert hij deze positieve evangelist en zegt: ,,Ik denk wel dat ik Ronald vergeven heb.''

Wilt u reageren? Mail uw reactie naar zbrieven@nrc.nl of schrijf het Zaterdags Bijvoegsel, Postbus 8987, 3009 TH Rotterdam