Harry Potter en de mythische manager

Alleen iemand die afgelopen week twintig meter onder de grond heeft doorgebracht kan het zijn ontgaan dat het vijfde deel van de Harry Potter-serie is verschenen.

Dertien miljoen exemplaren in de eerste druk, alle verkooprecords verbrijzeld, nachtelijke rijen voor de boekwinkels. Is er iets magisch aan de hand?

Veel lezers hebben gedurende enkele welbestede en doorwaakte nachten voortgelezen. Uitgevers, boekhandels, filmproducenten en de auteur J.K. Rowling melden zich grijnzend bij de bank. Zij strijken bij elkaar enkele honderden miljoenen euro's op.

Zelfs managers van grote ondernemingen kunnen zich aan diezelfde bron laven. Vooral zij die in administratieve keurslijven zijn vastgeklonken of van het ene in het andere angstvisioen tuimelen, kunnen iets leren van de Potter-gekte. Namelijk dat niet de hele wereld ten onder hoeft te gaan aan zelfbeklag en gespeelde empathie. Er is een sprankje hoop dat verstandige creativiteit, beheerste fantasie en een elegant gebruik van tegenstellingen het plezier in goed management kunnen terugbrengen.

Het verhaal rond Harry Potter laat zien waarom sommige projecten van een gewoon succes een doorslaand succes worden. Dezelfde elementen verklaren waarom sommige gezagsdragers saai en braaf blijven (Gates van Microsoft, Kist van ING) en anderen een magische aantrekkingskracht vertonen en volle zalen blijven trekken (Fitzgerald van Unilever, Welch van General Electric). De overeenkomst tussen het management van de Potter-magie en die van magnetische managers kan in twee principes worden gevangen: blijf min of meer bescheiden en wees een meester in het exploiteren van tegenstellingen.

Potter-auteur Rowling verkocht in 1998 alle rechten op verfilming, licentieverstrekking en vervaardiging van pretartikelen (poppetjes, brillen, etc.) voor 500.000 dollar. Dat is een fooi als men zich bedenkt dat alleen al de twee films 1,8 miljard hebben opgebracht. Een interessant element is dat de Potter-magie zichzelf in stand houdt en versterkt. Elk boek plaveit de weg voor een film, die op zijn beurt de boekenverkoop stimuleert, die weer de afzet van pretartikelen opvoert. Lego produceert Potter-kastelen en Mattel (van Barbie) maakt Potter-speelgoed.

In totaal zijn ongeveer 75 productlicenties verstrekt. Dat is eigenlijk niet heel veel – deskundigen denken dat Potter gemakkelijk 300 licenties kan ophoesten. Daarvoor is heel bewust niet gekozen, en dat versterkt de exclusiviteit. Coca-Cola mag tot eigen ergernis maar een heel klein beetje inspelen op Potter. De sprookjesfiguren op de blikjes zijn helemaal taboe en het Potter-management vindt sowieso al dat Coke te massaal is.

De vraag is telkens weer: hoe ver kan je gaan met het uitmelken van het merk? En het antwoord is altijd: promoot de film en de pret eromheen precies voldoende dat de Potter-lezers zich niet gaan ergeren. Zolang Potter in staat blijft de lezers te betoveren, volgt de rest, niet andersom.

Waarom betoverde Jack Welch, de legendarische oud-topman van General Electric? Wat maakte hem tot afgod van het managende mensdom? Een belangrijk element is de manier waarop hij in zijn jaren bij GE met tegenstellingen omging. Hij wist de juiste balans te vinden tussen individualisme en aanpassingsvermogen. Te veel eigengereidheid had hem in een isolement geduwd en te veel kloongedrag was ten koste van zijn effectiviteit gegaan. Welchs ideeën, zoals systematisch ontslag van de slechtst presterende managers en de zware investeringen in opleidingscentra, waren creatief maar net niet te dol. Zijn denken was `out of the box', maar het magische zat 'm in zijn keuze van de `box' – namelijk de passende. Welch wist precies voldoende aanpassingsvermogen te etaleren om als een pure GE-man te worden beschouwd, maar ook voldoende afstand te bewaren om onaantastbaar te blijven. Als functionaris was hij vervangbaar, als persoonlijkheid niet – ziedaar het onderscheid tussen macht en mythe.

De denkwereld van Harry Potter is eveneens `out of the box' maar net zo min totaal krankzinnig. Wie zou geen uitschuifbare oren willen hebben om gesprekken van anderen af te luisteren? En is het zo merkwaardig om via het litteken van een ander diens gedachten te willen lezen? Welke marketingmanager durft het aan om eens te denken aan snoepjes met de smaak van sardines, oorsmeer of braaksel?

Een positief effect van beheerste vernieuwing is een intiem groepsgevoel. Een wereldwijde reorganisatie (`destroyyourbusiness.com' heette dat bij GE) wordt legendarisch zodra het groepsgevoel is versterkt. Bij GE koos de top voor vormen van vernieuwing die altijd herkenbaar waren voor enkele honderden vertrouwelingen, verspreid over alle vestigingen. Kliekvorming hoort bij vernieuwing.

Ook Harry Potter blijft zich ontwikkelen. Maar de basis blijft intact. Hij beleeft het moment van de eerste zoen (`Hoe was het?' `Nat') en blijft daarmee een van ons. De Potter-boeken zijn verkrijgbaar in 55 landen en overal is de betekenis van de eerste zoen hetzelfde. Overal wordt dezelfde snaar beroerd.

Potter en de mythische manager baseren vernieuwing op vertrouwdheid. Zij maken hun lezers en medewerkers voortdurend warm voor een volgend boek of een ander project, zij geven de indruk dat je erbij hoort. Harry Potter geeft managers hoop.

verwey@public-business.com