Perahia: zangerig, elegant en poëtisch

In het vijfde en laatste concert van zijn Carte Blanche-serie in het Amsterdamse Concertgebouw, opteerde meesterpianist Murray Perahia gisteravond voor een klassiek pianorecital met Bach, Beethoven en Schubert. Al in de eerste maten van de Toccata uit Bachs Zesde partita in c (BWV 830) speelde Perahia zijn sterkste troeven uit: zangerigheid, elegantie en poëzie. Hier klonk geen strenge en vrome Bach ter Ergötzung van het gemoed van de liefhebbers, maar een uitnodiging om te dansen als een ballerina die ondanks duizelingwekkende pirouettes feilloos in het ritme blijft. Dat de Toccata in feite geen dans is maar een reeks improvisatorische passages en fugatische secties, weerhield Perahia er niet van de inleiding te spelen alsòf het een dans betrof.

Perahia vertaalt alle muziek in lange, zwierige lijnen, waarbinnen hij met verbluffend pianistisch raffinement nuances aanbrengt in klankkleur en dynamiek. Onbekommerd buitelden de stemmen en tegenstemmen van de Toccata over elkaar heen – kristalhelder en speels in één vrije beweging.

In de zes gestyleerde dansen die volgden, bleef dat overkoepelend mechanisme van kracht. De melancholieke Sarabande, de lichtvoetig stromende Courante en de strenge Gigue; Perahia maakte van elk deel een feest voor hart en geest.

Onorthodoxe vormgeving en extreme contrastwerking typeren Beethovens Sonate in E (op. 109), de eerste van zijn drie laatste pianosonates en opgedragen aan, vermoedelijk, Beethovens 'onsterfelijke geliefde'. Ook in dit stormachtige werk liet Perahia de zangerige melodielijnen en de stromende beweging overheersen. Zo klonk Beethoven vooral lyrisch en vervoerend, en kregen zelfs de demonische passages iets lieflijks en ontwapenends.

Wellicht had de componist zelf liever een meer markante contrastwerking gezien, met heftiger overgangen tussen tederheid en dramatiek. Maar zoals Perahia het doet kan het óók, al was het maar om de magische kracht van zijn kleurenpalet.

De Sonate in c (D 958) van Schubert kreeg een monumentale opening, waarna ook Schubert met zijn lieflijke vergezichten en donkere schaduwen werd meegesleurd in de vloeiende beweging waarin Perahia zo'n meester is. In een rivier van klank bloeiden Schuberts hartverscheurende stemmingswisselingen op als broze waterlelies, om bijna onmiddellijk weer te worden opgeslokt door het onstuimig kolkende water.

Concert: Murray Perahia (piano). Werken van Bach, Beethoven en Schubert. Gehoord: 22/6 Concertgebouw, Amsterdam.