`Eén sociaal beleid in Europa is een utopie'

Op 20 juni wordt een ontwerp voor de Europese grondwet gepresenteerd. Met daarin vrijwel niets over de sociale verhoudingen.

Kitty Roozemond, vice-voorzitter van de FNV, is teleurgesteld. In het ontwerp voor een Europese grondwet staat geen woord over de rol van de sociale partners. Ook over een sociale dialoog tussen werknemers en werkgevers wordt niet gesproken, terwijl die volgens de vakbondsvrouw toch écht bij het Europese economische model hoort.

,,Een sociaal Europa is een must. Europa mag geen groot technocratisch experiment worden'', zegt Roozemond. Vooralsnog heeft de Europese Conventie de wens van de vakbeweging genegeerd.

Op 20 juni wil de voorzitter van de Conventie, oud-president Giscard d'Estaing, een ontwerp-grondwet zonder een sociale rand presenteren aan de Europese regeringsleiders. Ruim een jaar geleden werd de Europese Conventie opgericht om over de toekomst van het grotere Europa na te denken.

Hoe komt Europa dichter bij de burgers te staan? Hoe kan Europa efficiënter bestuurd worden als het aantal lidstaten volgend jaar van 15 naar 25 wordt uitgebreid? Wat verwachten Europeanen eigenlijk van Europa? Dat zijn de belangrijkste vragen die de 105 Conventieleden – vertegenwoordigers van nationale parlementen, regeringen, het Europarlement en de Europese Commissie – hopen te beantwoorden in een Europese grondwet.

Een sociaal Europa zien de Europese burgers juist als kernprioriteit, zegt Roozemond en verwijst naar de recente eurobarometer, een jaarlijkse opiniepeiling onder de Europese bevolking. Naast het vrije verkeer van werknemers, dienen ook de rechten van Europese burgers te worden beschermd.

Aanvankelijk dreigden de sociale aspecten er in de Conventie zeer bekaaid af te komen. Over tal van thema's werden vorig jaar werkgroepen ingesteld, die aanbevelingen voor de Conventie moesten doen – van buitenlandse politiek, veiligheid, tot nationale parlementen en defensie. Een werkgroep over het sociale Europa vond Giscard niet nodig, bang als hij was dat iedere sociale verwijzing door de sceptici in Londen zou worden aangegrepen om een Europese grondwet af te wijzen. Ze gruwen al van de Europese ondernemingsraad. Na een lobby van de Europese vakbeweging kwam de werkgroep er toch.

Maar van aanbevelingen voor een sociaal Europa is in de grondwet nauwelijks iets terug te vinden. Verwijzingen naar volledige werkgelegenheid, een sociaal minimum en fiscale harmonisatie waren zonder meer kansloos. ,,Maar de sociale dialoog en de autonome rol van de sociale partners horen in de grondwet te staan'', zegt Roozemond. Net als het recht om te staken. ,,Europa heeft baat bij een cultuur van compromissen.''

Tijdens het debat in de Conventie over het `sociale Europa' bleek elk land iets anders te verstaan onder het Europese model. ,,Een sociale agenda voor Europa betekent de terugkeer naar de jaren zeventig van het verfoeide tripartiete overleg (overheid, werkgevers, werknemers). Toen werd Europa de `zieke man' van de wereld genoemd. Dat kan ik niet steunen'', zei de vertegenwoordiger van het Britse parlement in de Conventie. Hoe had Margaret Thatcher haar economische hervormingen kunnen doorvoeren, hield hij de Conventieleden voor. Maar de Oostenrijkse vertegenwoordiger zag het anders. ,,Wij vinden sociale vrede heel belangrijk.'' Het streven naar sociale cohesie hoort zonder meer thuis in de grondwet, vond hij.

Maar een intentieverklaring in een Europese grondwet is nog iets anders dan het afstaan van sociale bevoegdheden aan Brussel. Daar voelde niemand voor op de Conventie. Ook de Nederlandse vakbeweging is zeer gereserveerd. ,,Een Europees sociaal beleid is een utopie'', zegt Roozemond. Te groot zijn de sociale verschillen tussen de lidstaten en de sociale-zekerheidsstelsels. Dat blijkt alleen al bij de pensioenen. ,,Je moet er toch niet aan denken dat Zuid-Europese landen met richtlijnen komen voor ons pensioenstelsel.''

De sociale partners, die als waarnemer aan de debatten in de Europese Conventie deelnemen, zijn het er over eens dat de EU zich slechts mondjesmaat met sociale politiek moet bemoeien. Dat moet een zaak van de lidstaten blijven. Brussel kan hooguit een richting aangeven.

Op praktische terreinen als arbeidsomstandigheden zijn wel Europese regelingen te treffen. Zo mag in Nederland een zak cement nog maar 25 kilo wegen, zwaardere zakken zijn slecht voor de rug. Dat geldt net zo goed voor Griekse ruggen.

,,Ook het vrije verkeer van werknemers in de Europese Unie laat te wensen over'', zegt Roozemond. De arbeidsmobiliteit in Europa bedraagt slechts twee procent. Zelfs Jacques Schraven, voorzitter van de Nederlandse werkgeversorganisatie, vindt het na vijftig jaar Europese eenwording bedroevend. Er is Europese wetgeving die moet voorkomen dat grensarbeiders, die in het ene land werken en in het andere wonen, benadeeld worden als ze een beroep doen op de sociale verzekeringswetten. Tegelijkertijd werpen regeringen hindernissen op voor vrij verkeer van mensen. ,,Grensarbeiders dreigen te worden vermalen'', zegt Roozemond. Ze worden bedreigd met dubbele belastingen en dubbele premies, terwijl uitkeringen die in de EU moeten worden verstrekt, eindeloos op zich laten wachten.

Ook blijkt de helft van de EU-lidstaten vakdiploma's uit andere EU-landen niet te erkennen. Er lopen honderden rechtszaken tegen de landen die zich hier niet aan houden. Roozemond verwacht wel dat de mobiliteit van werknemers na de uitbreiding met de Oost-Europese landen zal toenemen. ,,Wij wijzen onze leden erop dat ze vooral niet bang moeten zijn voor migranten uit Oost-Europa. We zijn tenslotte altijd beter geworden van de Europese integratie.''

,,Daarom moet de Conventie het eens zien te worden over hervorming van het Europese bestuur. Europa kan alleen verder integreren als de EU efficiënter wordt én democratischer.''

Dit is het tweede deel van een korte serie over Nederland en de Europese Conventie