Opinie

Teletoeters

Ik ben boos. Laaiend, loeiend, vlammend en onblusbaar. Op wie? Op sportjournalist en collega-columnist Paul Onkenhout van de Volkskrant. Wat een sukkel. Wat een nitwit. Wat een watje! Waarom? In zijn door mij altijd graag gelezen column schrijft hij afgelopen zaterdag dat hij, wachtend op zijn vliegtuig naar Minsk, op Schiphol naast de Teletoeters stond. Dat is dat door het dagblad De Telegraaf gesponsorde dweilorkest dat alle wedstrijden van het Nederlands voetbalelftal wegblaast. Ieder potje van Oranje wordt al jaren opgeluisterd door deze carnavaleske en vooral intens burgerlijke blaaspoepers.

Youp

En iedere echte voetballiefhebber wordt bij het horen van de eerste tonen van dit Thialfgereutel getroffen door een stevige literstoot adrenaline. Het orkestje is ondraaglijk. Zowel psychisch als fysiek. In mijn stuitendste dromen heb ik ze al een aantal malen gekielhaald, gevierendeeld, gevild en levend ingezouten. Ik heb ze in diezelfde dromen een week naar alle dvd’s van BZN laten kijken en luisteren, aan een kerstdiner met Willibrord Frequin laten zitten en met Edwin de claimbaron een nacht laten doorzakken. Martelen dus. De Teletoeters hoeven niet dood, maar wel weg. Ver weg. Zuidpool, Nova Zembla of een ondoordringbaar regenwoud met hele enge beesten. En wat deed Onkenhout? Hij liet ze schieten. Dus hij heeft ze niet door de röntgenmachine van de handbagage geduwd en ook niet tegen een monddoekloze gesarste Chinees aangeduwd of onder het landingsgestel van het vliegtuig gebonden. Nee, hij heeft naar ze geknikt en er een stukje over geschreven. Paul had volksheld kunnen worden, verlosser, een beeld bij Madame Tussaud kunnen krijgen. Tenminste als hij had toegeslagen. Wat had hij moeten doen? Hij had ze moeten uitschakelen, op de vlucht moeten jagen, traumatiseren. Deze kans krijg je maar eens in je leven. Het uitschakelen van de Teletoeters is de droom van elke liefhebber. Een volk ontlasten.

Voetbal weer voetbal maken. Dit Brabants getoeter elimineren. Maar hij deed het niet. Hij liet ze. Hij liet ze lopen. Wat een dombo. Wat een muffe muts.

Nooit meer krijgt hij de kans. Jaren zal deze merrie door zijn dromen trekken. Hij had de kans. De absolute kans. Vanochtend om tien over zes heb ik mijn abonnement op de Volkskrant opgezegd.