`Oorlog Irak was en blijft rechtvaardig'

Nu de vondst van massavernietigingswapens in Irak uitblijft, klinkt de kritiek op de gerechtvaardigdheid van de oorlog steeds luider. Christelijk ethicus Th. Boer deelt die kritiek niet en opent juist, met behulp van kerkvader Augustinus, de aanval op het pacifisme binnen de kerken.

Herinnert niemand zich kerkvader Augustinus meer? Dr. Th.A. Boer (43), hervormd theoloog aan de Utrechtse universiteit, heeft zich dat de afgelopen maanden vaak afgevraagd toen hij de ene na de andere afwijzende kerkelijke reactie op de oorlog in Irak las. ,,Immoreel, illegaal en onbezonnen'', vond de Wereldraad van Kerken. ,,Waar bommen vallen, wordt haat gezaaid. Onontkoombaar'', aldus de Samen op Weg-kerken in Nederland.

Volgens Boer getuigen dergelijke verklaringen van een eenzijdig pacifisme. ,,Alsof zij nog nooit van Augustinus hebben gehoord die stelde dat oorlog altijd een kwaad is, maar soms nodig om een nog groter kwaad te bestrijden.''

In twee artikelen die dezer dagen verschijnen in het tijdschrift Woord en Dienst past Boer, die christelijke ethiek aan het Hervormd Seminarium doceert, de doctrine van Augustinus (354-430; zie kader) over de rechtvaardige oorlog toe op de oorlog tegen Irak. Boer acht het de hoogste tijd dat, net als twintig jaar geleden toen de gereformeerde ethicus Harry Kuitert het opnam tegen het kernwapenstandpunt van de kerken, er weer eens pittig wordt gediscussieerd over hoe christelijk ethiek en oorlog zich moeten verhouden. ,,Veel kerkleiders produceren hierover meer kreten dan argumenten'', zegt Boer.

De conclusie van zijn artikel luidt: De oorlog tegen Irak was en blijft een rechtvaardige oorlog gezien de grove mensenrechtenschendingen en het risico van de (nieuwe) inzet van massavernietigingswapens. Sterker nog, stelt Boer: ook christenen die zich laten inspireren door het pacifisme van Jezus Christus, kunnen de aanval op Irak verdedigen.

Ter verdediging hiervan maakt Boer een strikt onderscheid tussen een rechtvaardige oorlog en een kruistocht. ,,Twee heel verschillende dingen die pacifisten gemakkelijk op één hoop gooien. Alles wat niet pacifistisch is, is voor hen meteen kruistochtdenken, terwijl er wel degelijk een middenpositie denkbaar is.'' De rechtvaardige oorlog ,,berust op een principiële afkeer van geweld. Alleen in uitzonderlijke situaties, en onder strikte voorwaarden moet voor geweld worden gekozen.''

Met die voorwaarden blijkt iets paradoxaals aan de hand te zijn. Velen mogen Augustinus vergeten zijn, zijn voorwaarden komen juist heel bekend voor. Er moet voor de oorlog een rechtvaardige reden zijn (bijvoorbeeld het stoppen van een grove schending van de internationale rechtsorde of de mensenrechten), de intentie moet rechtvaardig zijn (een oorlog begin je niet uit wraak, haat of prestige maar om recht te doen), het moet het laatste redmiddel zijn, de prijs moet niet te hoog zijn, en het bestoken van niet-strijdenden is verboden.

,,De criteria zijn helder en stringent, maar ze geven de aanhanger van de rechtvaardige oorlog nooit absolute zekerheid'', schrijft Boer. ,,Hebben we echt alles gedaan om oorlog te voorkomen? Zijn burgers ontzien? Spelen minder nobele motieven niet mee? Anders dan de pacifist leeft de aanhanger van de rechtvaardige oorlog altijd met een potentieel opspelend geweten.''

De moderne kruisridder daarentegen is te herkennen aan zijn absolute geloof in het eigen gelijk en aan zijn minder gerechtvaardigde intenties. Boer herkent iets daarvan in president Bush en zijn neo-conservatieve aanhang. ,,After all, he tried to kill my dad'', liet Bush zich over Saddam Hussein ontvallen, herinnerend aan een mislukte aanslag op het leven van Bush sr. waar de Iraakse geheime dienst achter zou zitten. ,,Dat suggereert wraak en daar moet iemand die de rechtvaardige oorlog steunt ver van vandaan blijven.'' Ook verraadt Bush' verwijzing naar de axis of evil – het verdelen van de wereld in het rijk van goed en kwaad – kruistochtachtige reflexen. ,,Daarom noem ik de oorlog tegen Irak het liefst `een gerechtvaardigde oorlog, ondanks George Bush'.''

Waar blijven de Verenigde Naties in uw betoog, die de soevereiniteit van staten willen beschermen en gewapend ingrijpen aan instemming van de wereldgemeenschap willen binden?

,,De theorie van de rechtvaardige oorlog kent geen Verenigde Naties, maar kent wel het begrip soeverein, dat is een legitieme overheid die eventueel tot zo'n oorlog mag besluiten. Het is allerminst gezegd dat de VN die taak van de soeverein kunnen overnemen. Dat zou een vorm van wereldregering suggereren. Bovendien: ook de VN kunnen dwalen. De Veiligheidsraad zou een oorlog kunnen sanctioneren die aan de genoemde criteria niet voldoet. De gedachte dat een dictator de eigen bevolking mag terroriseren, zolang hij dat maar op eigen bodem doet, is zeer omstreden.''

Er is inmiddels in de Verenigde Staten en Engeland een felle discussie ontstaan over de vraag of de risico's van de massavernietigingswapens niet opgeklopt zijn door politici. Maakt dat de oorlog niet minder rechtvaardig?

,,Je ziet wel vaker dat na zo'n oorlog de publieke discussie in een soort achtbaan raakt: was deze nu wel of niet rechtvaardig. Het wel of niet vinden van massavernietigingswapens kan daarvoor zorgen, maar ook of er straks een bijna even wreed sjiitisch regime komt als dat van Saddam.

,,Toch hangt de vraag of de oorlog te rechtvaardigen was maar voor een beperkt deel af van ontwikkelingen nadien. De wezenlijke vraag waarop de Amerikanen en Britten mogen worden aangesproken is: hebben zij half maart 2003, op basis van de hun toen ter beschikking staande informatie, een verantwoorde beslissing genomen? Feit is dat wapeninspecteurs lege hulzen voor biologische wapens hadden gevonden, dat Iraakse wetenschappers niet vrij konden spreken en aldus de verdenking voedden dat het regime iets te verbergen had. Ook ontbrak een Iraakse verklaring voor de verdwijning van chemische en biologische wapens in het verleden.''

Loodst u als ethicus de wereld niet een nieuw, oorlogsrijk tijdperk binnen? Er worden altijd wel ergens op grove wijze mensenrechten geschonden.

,,Je moet blijven bedenken dat in de theorie van de rechtvaardige oorlog het gebruik van geweld altijd een kwaad is. Het mag dan soms op zijn plaats zijn, maar toch verlies je je onschuld, je integriteit. De eerlijkheid gebiedt overigens wel te zeggen: als zeer grove schendingen van de mensenrechten een aanleiding mogen zijn voor ingrijpen, dan zou je ook aan een land als Noord-Korea kunnen denken. Als miljoenen mensen vermoord worden door een repressief regime, is het maar de vraag hoe lang je weg mag kijken. En wat die minder nobele motieven betreft: Mient Jan Faber van het Interkerkelijk Vredesberaad heeft gezegd dat hij best geloofde dat de Amerikaanse regering minder nobele motieven had, zoals expansiedrift, maar dat hij los daarvan een eigen reden had om de oorlog tegen Irak rechtvaardig te vinden, gelet op wat Saddam met de Koerden had gedaan. Ik geef hem daarin gelijk.''

Hoe praktisch is Augustinus' onderscheid in intenties eigenlijk? Het zal een Iraakse burger die per ongeluk bij een Amerikaanse luchtaanval om het leven komt, niet uitmaken of dat is gedaan uit wraak of uit het zoeken naar gerechtigheid.

,,Je moet aan mensen die een kind verliezen of hun huis kwijtraken, niet vragen of de oorlog rechtvaardig is. Natuurlijk hadden ze liever onder Saddam geleefd mét kind en mét huis. Tragiek, het lijden van onschuldigen, is een van de grootste argumenten tegen een oorlog. Juist daarom dienen je intenties zuiver te zijn. Zijn ze dat niet, dan wordt het proces van heropbouw opgezadeld met een bijna ondraaglijke last''.