Bedplassen

Op de een of andere manier lukt het de meeste mannen met een strenge moslimachtergrond niet zich aan te passen aan het leven in een westerse maatschappij. Ze slagen er niet in hun rol als vader naar behoren te vervullen, maken zoveel mogelijk kinderen maar nemen geen enkele zorgrol voor die kinderen op zich, houden met alle macht vast aan hun traditionele rol als gezinshoofd maar gedragen zich daar niet naar, terroriseren dag in dag uit hun vrouwvolk thuis, raken ziek of overspannen en laten daarna het hele zootje aan hun vrouw over terwijl ze zich bezighouden met allerlei louche handeltjes en illegale praktijken.

De moslimvrouw ziet zich gedwongen de rol van haar man over te nemen. Ze moet het huishouden bestieren, zorgen voor haar (vele) kinderen en daarnaast contacten met school, gemeente en andere instanties onderhouden. Om zelf niet overspannen te raken delegeert de moeder taken aan de oudste dochters. Naast hun schoolwerk moeten de dochters daarom huishoudelijke taken vervullen en zorgen voor de jongere zusjes en broertjes. Elke vorm van pret of plezier wordt deze meisjes zo ontzegd.

Veel van deze dochters hebben thuis voortdurend ruzie. Want hun broers steken in navolging van de vader geen vinger uit en commanderen en treiteren hun zusters voortdurend. Dat zulke meisjes vaak last hebben van bedplassen verbaast me niks.

Een voorbeeld. Bij de wachtkamer van een ziekenhuis waar ik net klaar was met mijn tolkdienst, kwam ik een Soedanese vrouw tegen met haar dochter van elf die voor haar moeder moest tolken. Meestal wordt erg geheimzinnig gedaan over het bedplassen van de kinderen. Maar al na een paar minuten vertelde de moeder over het probleem van haar dochter. Het meisje liep meteen rood aan.

Uit eerdere gesprekken weet ik dat bedplassen vaak een teken is van spanning. Deze kinderen voelen zich bedreigd. Ik vond het daarom niet aardig van de moeder dat ze in het bijzijn van haar dochter zo loslippig was. Geheimen van kinderen moet je als ouder niet aan Jan en alleman verklappen. Ik voelde met het meisje mee. Omdat ik zelf geen dienst meer had, stelde ik aan de vrouw voor dat ze alleen naar haar afspraak met de cardioloog zou gaan en dat ik buiten met haar dochter in het zonnetje zou wachten. ,,Nee, ze moet voor mij tolken'', zei de moeder.

Kinderen van allochtonen moeten vaak tolken voor hun ouders. Dat is onjuist, je moet kinderen niet belasten met al te `grote' problemen. Zo'n gesprek met een cardioloog is ook veel te moeilijk voor een meisje van elf. Hulpverleners die allochtone patiënten vragen kinderen te laten tolken, zouden daar twee keer over moeten nadenken. Tolken is een taak voor professionals. Het is toch vreemd: overheden en hulpverleners die het moeilijk vinden om volwassen allochtonen te dwingen de Nederlandse taal te leren, oefenen moeiteloos druk uit op kinderen! Er zijn vast en zeker andere manieren van bezuinigen waarvoor kinderen geen tol hoeven te betalen.

In het ziekenhuis was het me intussen gelukt om voor de moeder een tolk te regelen. Met haar dochter zat ik even later een uurtje buiten op het plein. We keken naar de duiven en genoten van de zon. Het meisje was eerst aan het tekenen, maar na tien minuten begon ze me haar levensverhaal te vertellen. Van mij had het niet gehoeven, ik hoor al meer vreselijke verhalen dan goed voor me is. Maar het meisje bleef maar praten, eindelijk luisterde er iemand naar haar. Tja, als ik zo'n familie had als zij, ging ik waarschijnlijk ook bedplassen.