Realisten zonder realiteitsbesef

Een spook waart door het Westen het spook van het neoconservativisme. Overal in het oude Europa, dag in dag uit, verschijnen teksten, pamfletten en interviews waarin de bevolking wordt gewaarschuwd voor de Amerikaanse neoconservatieven. Dat is een nieuwe vorm van bijgeloof, die een illusionaire vijand in het leven roept. Het antwoord daarop zou moeten zijn: Neoconservatieven aller landen verenigt U!

De neoconservatieven worden voor veel verantwoordelijk gehouden: de oorlog in Irak, de oorlog in Afghanistan, het gezagloze optreden van de VN. Zo ontstaat er een complotsfeer: straks gaat iemand nog roepen dat de aanslagen van 11 september 2001 door die neo's zijn gepleegd om aan de macht te komen. De werkelijkheid wordt zodanig gemystificeerd dat alle analyses zelfs die van intelligente en respectabele denkers lijken op een propagandaoffensief.

Door verwarring en intellectuele zwakte mist deze propagandaoorlog elke politiek-filosofische diepte. Je zou net zo goed de emotionele lotsverbondenheid van de Europese intelligentsia met Clinton en de notie van de Derde Weg kunnen noemen als oorzaak van het feit dat er zo vaak op de persoon van de neoconservatieven wordt gespeeld en nauwelijks wordt gekeken naar de vragen die ze aan de orde stellen. Men mist de jaren van Clinton: de jaren van rust, van grote congressen en grootse gebaren. In die jaren was Amerika het oriëntatiepunt voor Europa: Clinton in Amsterdam, Clinton in Rotterdam, Clinton in Berlijn et cetera. Clinton, en met hem de VS, was van ons allemaal.

Europa verkeerde in een postmodern paradijs. Tegelijkertijd leefde en leeft een meerderheid van de mensen op aarde in een premoderne hel. In diezelfde jaren was Amerika niet een supermacht, maar een snel-inzetbare vliegende brigade voor de Europeanen, om genocide en tirannie in de Europese achtertuin te bestrijden. Niet de laatste presidentsverkiezingen, maar `elf september' heeft een einde gemaakt aan Amerika als oriëntatiepunt.

De mystificatie van neoconservatieven gaat, zoals alle mystificatieprocessen, gepaard met vooroordelen. Het is een chaotisch en emotioneel proces. Over de vragen en dilemma's die de neoconservatieven aan de orde stellen, wordt niet gediscussieerd, want het gemystificeerde is gevolg en oorzaak van de problemen.

Maar de neo's zijn niet meer en niet minder dan een groep liberale denkers. In het afgelopen decennium schreven zij polemische analyses over belangrijke internationale vraagstukken. De feiten hebben hun gelijk gegeven in hun analytische diagnose. Zij gaan ervan uit dat in de postcommunistische wereld geen einde is gekomen aan de ideologische conflicten. De veiligheid van de VS en de rest van de vrije wereld is afhankelijk van het wereldwijde democratiseringsproces.

De Verenigde Staten moeten volgens de neoconservatieven alles in het werk stellen om te voorkomen dat een concreet gevaar zich kan realiseren. In dit concept ligt de nadruk niet langer op de dialoog met de vijand, al dringt zich hier terecht de vraag op wanneer en hoe een regime als een concreet en onmiddellijk gevaar mag worden gekwalificeerd.

Als een antwoord op dit concept wordt de mythe van containment opnieuw van stal gehaald: een tactiek van insluiting gericht op machtsbeperking van de vijand. Containment was de vorm waarin de westerse politiek jegens de Sovjet-Unie gestalte kreeg. Dit antwoord werd gegeven in een gemeenschappelijk kader: de Sovjet-Unie, een oud-bondgenoot tegen het fascisme, was wel de vijand, maar een vijand met westerse wortels. Het marxisme als westerse ideologie verbond de Sovjet-Unie met het Westen. De Sovjet-Unie had ook een noodzakelijke plaats in de Verenigde Naties. De VN waren immers mede door haar opgericht.

De nieuwe vijanden tegen wie de neoconservatieven een strategie ontwikkelen, zijn soms premodern en in ieder geval heel anders van aard. Zouden de `onwesterse' vijanden, als Saddam Hussein, Al-Qaeda of de ayatollahs in Iran, bereid zijn zich aan containment te onderwerpen? Vanuit het perspectief van de islamitische wereld zijn de VN voor en door het Westen opgericht, met alle voor- en nadelen vandien. Natuurlijk verschaffen deze argumenten op zichzelf nog geen legitimatie voor het voeren van oorlog tegen deze vijanden – dat blijft de allerlaatste remedie.

Jürgen Habermas opende in de Frankfurter Allgemeine Zeitung de aanval op de neoconservatieven door te stellen dat het invoeren van een democratie- en mensenrechtencultuur door unilateraal gebruik van geweld in strijd is met deze beginselen. Formeel gezien heeft Habermas gelijk. Maar voor de oprichting van een democratische samenleving zijn geen eenduidige of eeuwige recepten te vinden. Habermas' vaderland en Japan zijn met grof geweld gedemocratiseerd. Met formalistische overpeinzingen kan men echter niet ontsnappen aan de internationale politieke realiteit. Afghanistan was bijvoorbeeld een land waar de burgeroorlog zonder een extern militaire inmenging niet kon worden beëindigd. Afghanistan was, afgezien van de grove en grootschalige mensenrechtenschendingen, ook regionaal en later internationaal een gevaar.

De Europese idealisten zijn veranderd in realisten zonder realiteitsbesef. Het gebrek aan idealen kenmerkt de Europese houding in debatten over vrede, mensenrechten en democratie. We leven in een omgekeerde wereld: terwijl de progressieven de internationale veiligheid én democratie- en mensenrechtencultuur louter met de mond willen belijden, pleiten de (neo)conservatieven voor de invoering van democratie en mensenrechten in niet-Europese landen. Ongelooflijk. De reactionaire conservatieve houding van de zogenaamde progressieven wordt verhuld door de mystificatie van de neoconservatieven. De Amerikaanse sheriff van de hele wereld vertoont voorlopig linksere neigingen dan de Europese progressieven. Wonderbaarlijk.

Een kritisch debat, zonder mystificatie en complottheorieën, is onontbeerlijk. Het moet om de issues gaan en niet om de personen. De Europese intelligentsia had het liefst Al Gore gezien als de president van de VS. Zij rouwt nog steeds om het verlies. Deze emotionele houding belemmert de scherpte van het debat. Onze intellectuelen moeten zo spoedig mogelijk hun verlies verwerken en beseffen dat de huidige problemen van de wereld niet door Bush en zijnen in het leven zijn geroepen.