Pensioen meenemen: doen of niet?

Als werknemers van baan veranderen, kunnen ze hun oude pensioenrechten meenemen naar hun nieuwe pensioenregeling. Pensioenbreuken behoren tot het verleden. Maar er komt veel kijken bij het overdragen van pensioenrechten. Bovendien is het niet altijd gunstig.

Jarenlang werkte Ron Verhoef (53) als psycholoog bij een GG en GD. Al die jaren bouwde hij pensioen op bij het ABP, het pensioenfonds voor ambtenaren en onderwijspersoneel. Het ABP heeft een eindloonregeling, dus Verhoef zou een pensioen krijgen waarvan de hoogte gebaseerd is op zijn laatstverdiende loon. Acht jaar geleden stapte Verhoef over naar het bedrijfsleven. Hij ging werken bij een reïntegratiebedrijf, waar hij langdurig zieke werknemers begeleidde bij hun terugkeer in het arbeidsproces.

Verandering van baan betekent bijna altijd - tenzij mensen in dezelfde sector blijven werken - dat werknemers afscheid moeten nemen van hun oude pensioenregeling en gaan deelnemen aan een nieuwe regeling. Pensioenregelingen kunnen sterk van elkaar verschillen. Ook Verhoefs nieuwe werkgever had een eindloonregeling - ondergebracht bij verzekeraar Amev -, maar het grote verschil was dat in de ABP-regeling indexatie plaatsvindt en in de nieuwe regeling niet. ,,Omdat ik niet wist of ik mijn pensioen moest meenemen, bracht mijn nieuwe werkgever me in contact met een bemiddelaar. Die adviseerde negatief, omdat de nieuwe pensioenregeling niet waardevast was. De opgebouwde bedragen worden niet lager, maar door de inflatie zou ik er in koopkracht op achteruit gaan. Het klonk logisch, dus ik heb dat advies opgevolgd.''

Eind vorig jaar veranderde Verhoef opnieuw van baan. Nu werkt hij als psycholoog in de verslavingszorg en bouwt hij pensioen op bij PGGM, het pensioenfonds voor de zorgsector. PGGM heeft net als het ABP een geïndexeerde eindloonregeling. ,,Daarom wilde ik nu wel overdracht. Van PGGM kreeg ik een formulier waarop ik moest invullen waar ik pensioen had opgebouwd en in welke periodes dat was. Ik kon mijn ABP-pensioen en mijn pensioen bij het reïntegratiebedrijf meenemen naar PGGM. PGGM heeft dat geregeld, ik heb er zelf niets voor hoeven doen. Ik heb me er ook niet echt in verdiept. Maar ik weet dat het goed zit en het lijkt me straks gemakkelijk om één pensioen te krijgen in plaats van allemaal verschillende uitkeringen.''

Sinds 1994 hebben werknemers wettelijk het recht om de `pensioenreservewaarde' die ze hebben opgebouwd bij de pensioenregeling van hun oude werkgever over te dragen aan de pensioenregeling van hun nieuwe werkgever. Daarmee kunnen werknemers pensioenbreuken voorkomen.

Overigens is zo'n breuk niet altijd nadelig. Dat blijkt al uit het verhaal van Ron Verhoef, die destijds besloot zijn ABP-pensioen niet over te dragen aan zijn nieuwe pensioenregeling. Als werknemers bij hun eerste werkgever een goede pensioenregeling hebben en bij hun tweede werkgever een regeling die beduidend minder is, is overdracht meestal niet gunstig.

In Nederland zijn meer dan 20.000 pensioenregelingen en de verschillen zijn soms groot. De ene regeling gaat bijvoorbeeld uit van een pensioenleeftijd van 65, de andere van 62. In de ene regeling bouwen werknemers behalve een ouderdomspensioen ook een nabestaandenpensioen op, in de andere regeling is er een nabestaandenpensioen op risicobasis. Bij de ene regeling bouwen werknemers pensioen op zodra ze gaan werken, bij de andere regeling pas vanaf hun 25ste verjaardag. Er zijn regelingen waarin werknemers elk jaar 1,75 procent opbouwen, in andere regelingen wordt jaarlijks 2 procent opgebouwd. Sommige regelingen gaan uit van het laatst verdiende loon, andere van het gemiddelde loon dat werknemers in hun hele loopbaan verdienen.

Daarnaast zijn er beschikbare premieregelingen en gecombineerde regelingen. In dat laatste geval bouwt een werknemer bijvoorbeeld tot een bepaald salaris pensioen op in een middelloonregeling en voor mensen die meer verdienen zit daar bovenop een beschikbare premieregeling. Ten slotte kan de indexatie van pensioenen op verschillende manieren plaatsvinden en zijn er ook regelingen die niet indexeren.

,,Wel of niet overdragen kan een lastige beslissing zijn'', zegt Willem Kroes, secretaris van de pensioencommissie van de Stichting van de Arbeid. De Stichting brengt binnenkort aan de bewindslieden van Sociale Zaken en Werkgelegenheid een advies uit over waardeoverdracht. In het advies worden de technische rekenregels geëvalueerd - pensioenregelingen zijn uitgebreider en flexibeler dan in 1994, waardoor het bepalen van de waarde bij overdracht ingewikkelder is geworden - en wordt aangegeven hoe de overdracht sneller kan. Vaak zijn werknemers wel een jaar bezig met de verhuizing van hun pensioen. Ook wordt aangegeven hoe werknemers beter geïnformeerd kunnen worden over de voor- en nadelen van overdracht. ,,Het is voor werknemers niet altijd duidelijk welke aspecten een rol spelen en hoe zwaar ze die moeten laten wegen bij hun beslissing'', zegt Kroes. ,,Mensen kijken vaak alleen naar de financiële kant, maar andere aspecten in de regeling zijn zeker zo belangrijk.'' Hij adviseert werknemers die overdracht overwegen zich niet alleen te laten leiden door de offertes van de pensioenuitvoerders, maar ook advies te vragen aan een onafhankelijke adviseur.

Cuno Duursma (39) weet uit ervaring dat het lastig kan zijn om een beslissing te nemen over waardeoverdracht. Na zijn studie informatica werkte hij met een onderzoeksbeurs van de Europese Unie een paar jaar in een Italiaans onderzoekslaboratorium. ,,Vlakbij het Lago Maggiore. Het was mijn leukste baan, maar ik bouwde geen pensioen op.'' Daarna kreeg hij een tijdelijk contract als onderzoeker bij de Vrije Universiteit in Brussel.

Toen hij daar allang weer weg was, kreeg hij een briefje ,,met excuses voor deze laattijdigheid'' van de Belgische Rijksdienst voor Sociale Zekerheid, waarin werd meegedeeld dat hij was toegetreden tot een pensioenregeling. ,,Dat briefje heb ik wel bewaard, maar ik heb er niets mee gedaan. Pensioen begint me de laatste tijd pas te interesseren.''

Vanuit Brussel stapte Duursma als onderzoeker over naar TNO en werd hij deelnemer aan het TNO-pensioenfonds. Na twee jaar vertrok hij naar ING, waar hij intelligente adviessystemen ging ontwikkelen. Hij droeg zijn TNO-pensioen - een eind-loonregeling - over aan de pensioenregeling van de ING Groep, eveneens een eindloonregeling. ,,Ik heb niet uit laten rekenen of dat gunstig was. Het leek me alleen maar handig, want ik dacht dat ik wel lang bij ING zou blijven.''

Drie jaar later had hij alweer een nieuwe werkgever, een Amerikaans consultancybedrijf. Ook daar bouwde hij pensioen op, maar niet lang, want een jaar later vertrok hij naar CMG. Daar geeft hij alweer twee jaar ict-advies aan de overheid en de non-profitsector. CMG heeft een beschikbare premieregeling: dan is de hoogte van het pensioen niet gebaseerd op het eindloon, maar stelt de werkgever premies beschikbaar. Deze premies worden belegd, waardoor de hoogte van het pensioen vooraf niet bekend is.

Duursma vraagt zich sinds kort af of hij zijn ING-pensioen (waarin ook zijn TNO-opbouw zit) zal overdragen aan de regeling van CMG. ,,Als je van baan verandert, moet je waardeoverdracht eigenlijk binnen twee maanden aanvragen, maar de regeling van CMG gaat soepel om met die termijnen.'' Zojuist heeft hij een offerte gekregen. Bij een beschikbare premieregeling hangt het pensioeninkomen af van het beleggingsresultaat. In de offerte is het uitgangspunt een rendement van 8 procent per jaar. Op basis van dat rendement zou overdracht gunstig zijn. ,,Maar het rendement kan ook 4 procent zijn, of negatief'', zegt Duursma. ,,Hoe ziet het plaatje er dan uit?''

Hoewel hij zich realiseert dat de prognose wellicht te rooskleurig is, overweegt hij zijn oude pensioen over te dragen. ,,Als ik een jarenlange pensioenopbouw had in een eindloonregeling zou ik het waarschijnlijk niet doen, want dan ruil je zekerheid in voor risico's. Maar het gaat maar om vijf jaar opbouw in een eindloonregeling. Als ik dat overdraag naar de beschikbare premieregeling, bepaal ik zelf of ik in aandelen, obligaties of mixfondsen ga zitten. Dan heb ik het in eigen hand en dat past beter bij mij.''