Lokale lijmfabrikant

Tom-Jan Meeus begint zijn stuk over de misstanden bij de FC Utrecht (Z, 24 mei) met een sneer naar een lokale lijmfabrikant. Hij schrijft: ,,Deze provincieclub is nu eens niet de speelbal van een lokale lijmfabrikant of van een onroerend-goedkoning. Bij F.C. Utrecht regeert de haute finance.''

Dat is een tendentieuze sneer naar Den Braven Oosterhout, wereldleider in siliconenkitten met eigen vestigingen in meer dan 20 landen, zo'n 400 werknemers en met een president-directeur (Cees den Braven) die zijn afkomst als Schelluise boerenzoon nooit verloochend heeft. De man is recht voor zijn raap en nog steeds de eenvoud zelve.

Niet iedereen pruimt Cees den Braven, maar in het profvoetbal heeft hij voortreffelijk werk verricht. Zijn club, Dordrecht '90, hield hij op strenge wijze financieel gezond. De man was wars van status, iets waar zo veel andere bestuurders zich zo graag aan laven en mee inlaten. Zie o.a. F.C. Utrecht.

Cees den Braven bestuurde zijn club alsof het een bedrijf was en liet zich zelfs niet, na overname van SVV, in de luren leggen door John van Dijk en zijn loodsmannetje Dick Advocaat.

Dordrecht '90 was beslist geen speelbal van een lokale lijmfabrikant, maar had als voorzitter een integere succesvolle zakenman, met ongelofelijk veel zelf verdiende poen, als voorzitter die er te hard voor had moeten werken om zich door al die haute finance en andere zogenaamde hoge pieten te laten bedonderen. Cees zelfs zocht geen status en dat was uniek en tevens een gevaar voor al die andere bestuurders die zichzelf zo graag de hoogte in zagen geschoten.

Dat Den Braven bij Dordt vertrok, heeft meer te maken met het constante gezeik van machtswellustige hooggeplaatste voetbalofficials, in mijn ogen non-valeurs.Van een slapjanus als Hans van Breukelen die nu ineens berouwvol uit de school klapt, zijn er te veel van in het betaald voetbal.

FC Utrecht had in die tijd als voorzitter Theo Aalbers, een boezemvriend van Cees den Braven. Als alle betaald-voetbal-ondernemingen nu nog zulke voorzitters hadden was het Nederlandse voetbal gezond geweest. Theo Aalbers wist als bankdirecteur precies hoe al die aardige clubjongens in elkaar staken en donderde het hele zwart-geldcircuit de club uit. Nadat Theo FC Utrecht verliet ging het hek weer van de dam en begon alle gedonder dus weer opnieuw