Drop, riskante snoep

Wie vreest voor vergiftiging heeft een moeilijk bestaan. Voeding voor vergiftigingswanen is geregeld in de kranten te vinden. Voedselschandalen zijn nieuws. Dat ons eten veiliger is dan ooit, verdwijnt makkelijk uit zicht. Vandaar dat ik met enige aarzeling over zoethoutthee en drop begin.

Dat drop geen onschuldig snoep is, werd ontdekt door de internist Revers, destijds geneesheer-directeur van het ziekenhuis in Heerenveen. In de oorlog, zoals mijn generatie de oorlog van 1940-'45 noemt, waren er veel mensen met maagklachten, waarvoor geen simpele behandeling beschikbaar was. Remmers van de maagzuursecretie, zoals Tagamet (ranitidine) of Losec (omeprazol), waren nog niet ontdekt. De melk, waarmee maagpatiënten hun maagzuur poogden te neutraliseren, was niet meer te krijgen. Een apotheek in Heerenveen verkocht echter een huismiddel dat goed leek te werken. Het werkzame bestanddeel van dit middel was succus liquiritiae, het zoethout-extract dat ook de basis vormt van drop.

Revers vond dat drop inderdaad helpt tegen maagzweren en hij meldde dat in 1946 in het Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde, kort, want `wegens papierschaarschte moet vermelding van nauwkeurige gegevens achterwege blijven'. Twee jaar later was er weer voldoende papier, zodat Revers ook een ernstige bijwerking van zijn droptherapie kon rapporteren: 1 op de 5 patiënten kreeg oedeem en forse hoofdpijn, waardoor de therapie bijgesteld moest worden.Revers had geen idee waarom zijn patiënten oedeem kregen en dit werd uitgezocht door J.G.G. Borst, mijn vader. J.G.G. Borst was sterk geïnteresseerd in het ontstaan van oedeem en als hoogleraar Interne Geneeskunde aan de Universiteit van Amsterdam was hij ook in staat om precies onderzoek te doen aan patiënten. Hij werd bijgestaan door geharnaste hoofdzusters, die zorgden dat exact werd geregistreerd wat de patiënt binnen kreeg en wat de patiënt verliet. Alle plasjes werden zorgvuldig verzameld, zodat een nauwkeurige vochtbalans gemaakt kon worden. Die balansstudies lieten zien wat er gebeurt als een patiënt drop eet: zijn nieren gaan water en zout vasthouden; het overschot aan vocht hoopt zich op in de weefsels; de patiënt krijgt hoofdpijn, een pafferig gezicht en dikke benen; er kunnen zelfs hartklachten ontstaan.

Na een tijdje verdwijnen die oedemen vaak weer, want het lichaam past zich aan. De bloeddruk gaat omhoog, waardoor de nier een signaal krijgt om water en zout uit te scheiden. Zo verdwijnt het oedeem en het overschot aan vloeistof in de circulatie, maar wel ten koste van een verhoogde bloeddruk (Borst en Borst-de Geus, The Lancet, 1963, I, 677). Als de patiënt stopt met drop zakt de bloeddruk geleidelijk weer naar normale waarden, maar dat kan weken duren. Drop is gemeen spul. Hoe gemeen, hangt uiteraard af van de hoeveelheid drop en de leeftijd van de dropeter. Kinderen kunnen er beter tegen dan oudere mensen met een hart dat niet meer zo goed pompt.

Het droponderzoek is een hoogtepunt uit de tijd dat doktoren aan de hand van zorgvuldige klinische waarnemingen fundamentele ontdekkingen deden. Computers waren er niet en de waarnemingen werden op grote vellen ruitjespapier gezet en door mijn vader opgehangen in de collegezaal, zodat in één oogopslag zichtbaar was hoe de patiënt er voor stond. Generaties Nederlandse dokters zijn met die vellen opgevoed in het voormalige Binnengasthuis in Amsterdam. Er werd even gepassioneerd gediscussieerd over zout en water toen, als over oncogenen nu. Zelfs tijdens het eten werden bij ons thuis de urine-discussies niet geschuwd.

In 1950 was al duidelijk dat de werking van drop verloopt via de bijnier. Patiënten met de ziekte van Addison, bij wie de bijnier niet werkt, reageerden totaal niet op drop. Het duurde echter tot 1987 voor de details werden ingevuld: drop bevat glycyrrhetinezuur en dat spul verstoort de aanmaak van bijnierhormonen. Veel drop eten leidt tot ophoping van het bijnierhormoon cortisol dat de nier aanzet om water en zout vast te houden. We weten nu dus waarom de patiënten van Revers hoofdpijn kregen.

Revers was niet de eerste dokter die zoethoutextract voor medische doeleinden gebruikte. De zoete wortel van de plant Glycyrrhiza glabra, waaruit zoethout afkomstig is, was een hoeksteen van de oude Chinese geneeskunde; zoethout is teruggevonden in grafkelders van farao's; en het werd al door de oude Grieken gebruikt. De Japanners passen drop al lang toe bij leverkwalen en recent zijn er zelfs goede klinische studies verschenen die een gunstig effect laten zien van drop bij chronische leverinfecties veroorzaakt door het Hepatitis C-virus. Over het werkingsmechanisme is niets bekend. Het lijkt onwaarschijnlijk dat het effect op de lever, net als de oedemen, het gevolg is van een verstoring van de aanmaak van bijnier hormonen.

In Amerika staat zoethout geregistreerd op de GRAS-lijst, `Generally Regarded As Safe'. Als je de recente medische literatuur doorkijkt, krijg je toch een andere indruk. Ook bij jonge, gezonde volwassenen kun je al met 50 gram zoete drop per dag in 2 weken de bloeddruk wat omhoog krijgen. Vijftig gram drop, dat is bijna niets voor een dropeter. Het kleinste zakje drop dat bij mijn tankstation te koop is weegt 140 gram en dat is echt een heel min zakje. De populaire zak weegt 750 gram en in mijn beleving ziet die zak er niet overmatig groot uit. Gelukkig kunnen de meeste mensen goed tegen drop, maar ik ben ook gruwelijke verhalen tegengekomen van mensen met een torenhoge bloeddruk, die niet meer dan 50 gram drop per dag aten. De hypertensie was echt veroorzaakt door dat beetje drop, want de bloeddruk werd normaal toen ze ophielden met drop eten.

Zoethout zit niet alleen in drop. Twee jaar geleden werd in het Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde een patiënte van 41 jaar beschreven, bij wie een ernstige hypertensie was gevonden bij een sportkeuring. Deze vrouw at geen drop, maar dronk 3 liter zoethoutthee per dag. Daar zit even veel glycyrrhetinezuur in als in een halve kilo drop. De auteurs van het artikel vinden de term `drophypertensie' daarom verwarrend. De zoethoutthee is in opmars, maar er kan ook zoethoutextract zitten in kauwgum, Belgisch bier en ouzo. `Zoethouthypertensie' kan dus op allerlei manieren ontstaan zonder dat je daar erg in hebt. Hypertensie is riskant omdat het stilletjes kan ontstaan en onopgemerkt kan blijven. Ook een zoethouthypertensie beschadigt de bloedvaten en ook van een zoethouthypertensie kun je een hersenbloeding krijgen.

Voor zover ik weet, is het vermalen van grote zakken drop vooral een Nederlands tijdverdrijf. In mijn lab wordt mij geregeld een dropzak voorgehouden, in buitenlandse laboratoria nooit. Een enkel dropje kan geen kwaad, maar wie zijn nicotineverslaving inruilt voor een dropverslaving, kan beter overgaan op toffees of zuurtjes. Zelfs gezonde jonge mannen kun je met een zak drop per dag een hoge bloeddruk bezorgen.

Zwangere vrouwen of hartpatiënten kunnen de zoethoutthee maar beter mijden. Wie gezond wil blijven, moet afzien.