Spanje en NAVO ruziën over ongeluk

Het vliegtuigongeluk van afgelopen maandag in Turkije waarbij 62 Spaanse soldaten verongelukten op hun terugreis uit Afghanistan heeft gezorgd voor spanningen tussen het Spaanse ministerie van Defensie en de woordvoering van de NAVO. Bij het ongeluk kwamen ook de dertien bemanningsleden, twaalf uit Oekraïne en een uit Wit-Rusland, om het leven.

De onenigheid betreft de rol van de Namsa, het logistieke bureau van de NAVO dat wordt ingeschakeld bij het inhuren van vervoerscapaciteit naar gebieden als Afghanistan.

Het Spaanse ministerie stelt de NAVO verantwoordelijk voor de veiligheid van de ingehuurde toestellen. De Jak-42, waarin de Spanjaarden reisden, was ingehuurd bij een chartermaatschappij uit Oekraïne.

Volgens NAVO-woordvoerder Yves Brodeur speelde Namsa slechts een bemiddelende rol en voert het geen specifieke controles uit. De Spaanse minister van Defensie, Federico Trillo, maakte hem volgens het dagblad El Mundo vervolgens uit voor lichtzinnig en onverantwoordelijk. NAVO-secretaris-generaal George Robertson, die gisteren op bezoek was in Spanje, ontkende dat er onenigheid bestaat tussen Spanje en de NAVO.

Hoewel het onderzoek naar de oorzaak van de ramp nog in volle gang is, worden in Spanje veel vraagtekens gezet bij de inzet van Oost-Europese charters. Op de onafhankelijke televisiezender Telecinco getuigde een Noorse legerkapitein, die met hetzelfde vliegtuig had gevlogen, dat er tijdens de vlucht olie uit de motoren ontsnapte. Het contract met de chartermaatschappij werd naar aanleiding hiervan opgezegd.

Ook tijdens de rouwplechtigheid die eergisteren in Zaragoza plaatshad getuigden familieleden dat er al eerder klachten waren over de maatschappij. Defensie ontkent dit. Tijdens de plechtigheid werd Trillo uitgescholden door familieleden van de slachtoffers. Slechts de aanwezigheid van de Spaanse koning, de koningin en de kroonprins kon voorkomen dat de zaken uit de hand liepen.