Het ijsberen de baas

Niets weg kunnen gooien. Voor het eten een lepel eerst zeven keer op moeten pakken. Elke dag thuis blijven omdat je de was moet doen, met één bepaald wasmiddel. Kom er maar eens van af. `De ketenen van de gewoonte zijn te zwak om ze te voelen, totdat ze te sterk zijn om te doorbreken', schreef Samuel Johnson (1709-1784). Hij kon het weten. Zelf moest deze vermaarde schrijver met een bepaald aantal stappen een vertrek binnenkomen of verlaten, met altijd dezelfde voet het eerst over de drempel.

Bovendstaande voorbeelden komen van Lee Baer, hoogleraar psychologie aan de Harvard Medical School en internationaal gewaardeerd onderzoeker van uit de hand gelopen zelfdwang bij het Massachusetts General Hospital. Zijn Alles onder controle gaat over de diagnose en behandeling van obsessieve, compulsieve stoornissen.

Veel volwassenen lijden aan onberedeneerbare angsten die ze met eigenaardig gedrag moeten bezweren. In zelfgekozen intimiteit houden ze dat verborgen. Met medelijden kijken ze wellicht naar gefrustreerde dierentuindieren, die dwangmatige tics en stereotiep gedrag laten zien, zoals ijsberen of zich kaalplukken. Zelf laten ze niets zien, maar volgen in een zelfde vastgeroeste gewoonte zo'n geruststellende, van ongenoegen afleidende routine. Vaak op het vlak waarop de mens nu juist zo goed is: denken. Meer zichtbaar zijn de rituele dwangbewegingen, of lichaamsverzorgingbewegingen die gaandeweg geen verzorging meer vormen, maar aantasting van het eigen lichaam.

Baer maakt je attent op de ernst van dwanggedachten en -handelingen. Mensen met obsessieve stoornissen sluiten zich nogal eens in zichzelf en in huis op, bang om voor volledig getikt te worden versleten. Baer biedt patiënten niet alleen inzichten die gebaseerd zijn op zijn specialistische ervaring. Hij geeft ook mogelijkheden om met een vragenlijst te beoordelen hoe je ervoor staat op bijvoorbeeld het gebied van reinigingsrituelen, controleer- en herhalingsrituelen, telcompulsies, dwangmatige traagheid, bijgelovige angsten, of bewaar- en hamsterrituelen.

Dwangmatig eet-, gok- en seksueel gedrag – en alles absorberende hobby's in het algemeen – worden per definitie niet onder die gedragsstoringen geschaard, omdat het individu er nog enig genoegen aan ontleent. Mensen met de stoornissen vinden de dwangmatige handelingen en gedachten juist afschuwelijk. Pas de laatste twintig jaar is de aanpak dankzij gedragstherapie en medicatie een stuk doeltreffender geworden. Baer duikt vooral in de gedragstherapie-mogelijkheden voor volwassenen, en in mindere mate, kinderen. Boeiend is de beschrijving van stoornissen die obsessieve, compulsieve stoornissen lijken te zijn, maar die toch afzonderlijke behandeling nodig hebben. Dat zijn bijvoorbeeld hypochondrie en smetvrees, maar ook het minder bekende veld van de trichotillomanie dat Baer zelf gepatenteerd heeft. De slachtoffers voelen zich gedwongen tot het verregaand, plukje-voor-plukje uittrekken van het eigen haar. Baer schrijft goed, informeel en helder. Voor dwangslachtoffers of hun begeleiders is dit on-Amerikaans nuchtere boek verplichte kost.

Lee Baer: Alles onder controle.

Over dwanggedachten en -handelingen en het overwinnen van obsessieve-compulsieve stoornissen. Nieuwezijds, 271 blz. €24,90