Birmezen, verzet u tegen buitenlandse naties

Birma brengt zijn burgers in verwarring. Over p.r.-bureaus en een gebrek aan visie.

Militairen en illegale valutahandelaren: overal in de Birmese hoofdstad Rangoon krioelen ze over de brede lanen waar majestueuze, Britse koloniale gebouwen de voetgangers lijken te verzwelgen. Maar komen de militairen te dichtbij, dan zijn de geldwisselaars ineens weg. Ze maken zich klein, lopen in de schaduw om opeens achter een klant op te duiken en hem de koers van de dag in het oor te fluisteren: ,,Pssst, nine fifty.''

Negenhonderdvijftig kyat (spreek uit: tjat) voor één Amerikaanse dollar: liefst honderd keer minder dan wat de junta vindt dat de munt van Birma waard is. De militairen hebben sinds 1962 vrijwel alle macht in Birma, en ze proberen ook de economie naar hun hand te zetten.

Het land is al veertig jaar in een crisis die nu met een formidabele inflatie een hoogtepunt bereikt. Maar het paranoïde leger blijft bestuur, rechtspraak, economie en het persoonlijk leven van alle Birmezen beheersen. ,,Alle mensen zijn hier aardig'', zegt de geldverkoper die als kleine jongen aankwam uit Pakistan, ,,maar de regering, het leger, mijn god ze maken ons leven hier zwaar. Aan alles is gebrek.''

Ook aan elektriciteit. Toch is de honderd meter hoge gouden pagode die boven de stad uittorent de hele nacht fel verlicht. De Shwe Dagon is dan ook de belangrijkste toeristische trekpleister van de stad en Birma ziet de buitenlandse gasten met hun solide munten bijzonder graag komen. Maar vanaf buitenlandse ambassades en de restaurants van de toeristenhotels, waar een sandwich een Birmees maandsalaris kost, zijn de gebodsborden van de junta te zien: `Verzet u tegen buitenlandse naties.' En: `Vernietig alle externe elementen', want dat zijn `stromannen van negatieve opvattingen'.

Het dictatoriale regime van Birma is vol tegenstellingen. Het neemt drie dure Amerikaanse p.r.-bureaus in de arm - een ervan had president George Bush als klant toen hij nog gouverneur van Texas was - om het negatieve beeld bij te stellen dat in het buitenland van Birma bestaat. Maar de junta trekt net zo makkelijk visa in van journalisten die verslag doen vanuit het land. De machthebbers willen dat Birma zich zo ontwikkeld als de buurlanden, maar uit vrees voor studentenverzet bekort de junta het collegejaar tot drie weken.

Nog een contradictie. Birma vraagt VN-gezant Razali Ismail om op 6 juni te komen en de dialoog op gang te brengen tussen oppositieleidster Aung San Suu Kyi en de driekoppige legerleiding. Maar meteen daarop deelt de junta mee dat het weer eens leden van Suu Kyi's Nationale Liga voor Democratie gevangen heeft gezet. Drie NLD'ers krijgen twee jaar cel omdat ze boeren van wie land was afgenomen, hebben geholpen bij hun protest. [Vervolg BIRMA: pagina 4]

BIRMA

Junta-lid Awng: wij zijn ook niet perfect

[Vervolg van pagina 1] Nu oppositieleidster Aung San Suu Kyi een rondreis maakt door het noorden van Birma wordt niet zij geïntimideerd, maar iedereen die een glimp van De Dame wil opvangen. Vorige week moest een menigte rennen voor zijn leven, omdat een pro-juntagroep Suu Kyi's volgelingen met pick-ups dreigde te overrijden.

,,Tsja, wij zijn ook niet perfect.'' Politie-kolonel Hkam Awng zegt het zonder ironie. Zijn positie binnen de junta is vergelijkbaar met minister van Binnenlandse Zaken en volgens diplomaten is de redelijk doortastende Hkam Awng een van de weinige ,,lichtpuntjes'' binnen het militaire regime. ,,Ik kan het de buitenwereld niet kwalijk nemen dat het een negatief beeld van ons heeft. Maar heb geduld. Er moet hier nog veel gebeuren. Ons ontwikkelingspeil ligt ook zó laag.''

Als een bevestiging van die opmerking klinkt buiten de ministerskamer het belletje van een typemachine. Alleen hogere ambtenaren mogen er een hebben. De wind speelt met hun papieren, want ze werken in een ruimte die lijkt op een parkeergarage. Het is moeilijk voor te stellen dat dit regime ergens in Rangoon een `hi-tech zenuwcentrum' heeft ,,dat al het telefoon-, radio-, fax- en emailverkeer kan onderscheppen.'' De constatering staat in een rapport aan de VN waarin Birma met Noord-Korea en Irak bij de zeven ,,ergste van de ergste'' landen wordt ingedeeld op het gebied van burgervrijheden en politieke rechten.

In die situatie lijkt maar geen verandering te komen. Dat dit de schuld is van de junta, is evident. Maar dat Aung San Suu Kyi medeverantwoordelijkheid draagt voor de decennialange impasse, is een nieuw geluid. ,,Ze had veel meer kunnen bereiken'', zegt Ma Thanegi, een voormalige medewerkster van Suu Kyi. Ze is een van de weinige Birmezen zonder uniform die over politiek durft te praten en is met enkele welgemikte artikelen de woordvoerster geworden van de groeiende oppositie binnen de oppositie: NLD'ers die menen dat de onbuigzaamheid van Aung San Suu Kyi nergens toe heeft geleid. ,,Ze had voor de Aziatische aanpak moeten kiezen. Dus: geen confrontatie, geen dreiging met woorden als `zo niet, dan'. De junta is conservatief, die zien dat als chantage en een aantasting van hun Aziatische trots.''

Het resultaat is dat Suu Kyi's naam nimmer mag vallen in de nabijheid van Birma's steeds machtiger wordende Nummer Een, generaal Than Shwe. Een jaar geleden maakte de junta een eind aan het anderhalf jaar durende huisarrest van de oppositieleidster. Iedereen binnen en buiten Birma juichte en meende dat daarmee de onderhandelingen voor meer vrijheid en misschien wel democratie konden beginnen. Zo niet Senior General Than Shwe. Voor hem was de vrijlating niet het begin, maar het einde van de toenadering. Geen wonder dat Aung San Suu Kyi kort geleden verzuchtte: ,,Ik ben tot de conclusie gekomen dat deze regering niet is geïnteresseerd in nationale verzoening.'' Zolang Than Shwe de lakens uitdeelt blijft dat waarschijnlijk ook zo - van hem is bekend dat hij een hekel heeft aan de generaalsdochter.