OM: geen nieuw onderzoek naar oorzaak vuurwerkramp

Er komt geen volledig nieuw onderzoek naar de oorzaak van de Enschedese vuurwerkramp van 2001. Volgens het openbaar ministerie in Almelo zijn er ,,onder de huidige omstandigheden onvoldoende aanknopingspunten voor verder onderzoek''.

Wel blijven vijf rechercheurs beschikbaar voor het natrekken van tips. De noodzaak van een nieuw onderzoek kwam naar voren na de vrijspraak van André de Vries door het gerechtshof in Arnhem. De Enschedeër was door de Almelose rechtbank wegens brandstichting bij het vuurwerbedrijf S.E. Fireworks veroordeeld tot vijftien jaar cel. Het OM gaat niet in cassatie tegen de vrijspraak.

Volgens politie en justitie is het onderzoek naar de oorzaak van de vuurwerkramp ,,grondig en volledig geweest'' en zijn alle beschikbare aanwijzingen onderzocht. Technisch onderzoek heeft uitgewezen dat er bij het bedrijf te veel en te zwaar vuurwerk lag. Mede op basis hiervan zijn de beide directeuren door het hof veroordeeld tot één jaar cel. Ook heeft politie-onderzoek aangetoond dat ambtenaren van de gemeente en het rijk nalatig zijn geweest bij het handhaven van de regels. Zij konden hiervoor niet worden vervolgd.

De oorzaak van de brand bij S.E. Fireworks is nooit duidelijk geworden. Ook na de aanhouding van De Vries, in januari 2001, zijn andere sporen onderzocht; zo zijn de woningen van de klusjesman en van directeur W. Pater van het bedrijf afgeluisterd. Het OM verwijst naar een uitspraak van het gerechtshof dat ,,waar geen steen meer op de andere staat, het moeilijk is om de onderste steen boven te krijgen''. Bij de explosies op 13 mei 2000 werd een complete woonwijk weggevaagd en kwamen 22 mensen om het leven.

De belangenvereniging van slachtoffers van de vuurwerkramp heeft teleurgesteld op het besluit van het OM gereageerd, al is er wel begrip voor de argumentatie. Directeur R. Bakker van S.E. Fireworks, die denkt dat er mensen zijn die meer weten over het ontstaan van de ramp, vindt dat Enschede wordt ,,besodemieterd''. Het OM heeft aangeboden in een speciale bijeenkomst met slachtoffers uitleg te geven.

Justitie heeft besloten dat er geen rijksrecherche-onderzoek wordt ingesteld naar het mogelijk schenden van het ambtsgeheim door twee 'dissidente' leden van het rechercheteam. De korpsleiding van de politie Twente, die om zo'n onderzoek had gevraagd, verdenkt de rechercheurs ervan te nauwe banden hebben aangeknoopt met Bakker. Het OM acht de kans op succesvolle vervolging niet groot. Wel zou de korpsleiding een intern onderzoek naar de rechercheurs moeten instellen.