Zwaan kleef aan van Peking naar Yunnan

Een leuk plan: praten met een vrouw op het platteland over het microkrediet dat ze heeft gekregen van de International Labour Organisation (ILO). Maar hoe kom je aan zo'n vrouw? Eerst maar eens naar het kantoor van de ILO in Peking. Daar sprak ik met een buitenlandse vertegenwoordiger van de onder de Verenigde Naties vallende organisatie. Hij beloofde om me te introduceren bij mevrouw Zhu Hui'e, hun plaatselijke vertegenwoordigster in de Zuidwestelijke provincie Yunnan.

Na een week kwam het bericht dat ze de fotograaf en mij graag wilde ontvangen. Het leek haar een goed idee om ons tijdens het bezoek aan de provincie te begeleiden, en ze had daarvoor een auto met chauffeur ter beschikking gekregen van de vrouwenvereniging van het district dat we zouden bezoeken. We vlogen met haar van de provinciehoofdstad Kunming naar het vliegveld van Simao, en van daaruit maakten we een uren durende tocht in een Volkswagen Santana over slingerwegen naar de afgelegen districtshoofdstad Jiangcheng, aan de grens met Laos en Vietnam.

Omdat we voorname gasten waren die een lange reis achter de rug hadden, moesten we natuurlijk eerst aan tafel om de plaatselijke lekkernijen te proeven. Aan de maaltijd verschenen ook mevrouw Li en mevrouw Luo van de vrouwenvereniging van het district. Zij hadden ook een auto met chauffeur, en met z'n zevenen reden we in twee auto's nog een paar uur verder naar het dorpshuis in het afgelegen en straatarme Baozhang.

Daar stond een menigte vrouwen op ons te wachten. We kregen een hand van de drie vrouwen van de vrouwenvereniging van het dorp, en daarna mochten we binnen in een klasje waar een stuk of tien dorpsvrouwen net onderricht kregen over een nieuwe wet die de rechten van getrouwde vrouwen beter beschermt. Nu wij er waren, werden de lessen onmiddellijk stopgezet: we moesten buiten op stoeltjes gaan zitten om een speciaal voor ons georganiseerde zang- en dansvoorstelling te zien. We waren inmiddels met zo'n vijftien toeschouwers, en er waren ongeveer twintig zangers en dansers die zenuwachtig stonden te dralen voor hun optreden.

Enig natuurlijk, zang en dans, maar eigenlijk hoopten we nu toch wel echt te spreken met de vrouw die het microkrediet had ontvangen. Want ja, we wilden niet onbeleefd zijn, maar daarover had ik nu eenmaal een verhaal beloofd aan de krant, en daarvoor hadden we die hele verre reis toch uiteindelijk ondernomen, zoals onze gastvrouwen hopelijk zouden begrijpen. We hoefden ons geen zorgen te maken: mevrouw Zhu zou het zo gaan regelen, maar dan moesten we wel eerst de zang en dans bewonderen. Die mensen hadden daar immers heel lang voor geoefend, en we wilden hen toch zeker niet teleurstellen?

Nee, dat wilden we niet, maar we wilden wel weten waar die vrouw van het microkrediet nou eigenlijk was.

Ze bleek Bi Jinchun te heten, en ze was bij haar winkel. Het zou wel lastig zijn om haar te halen, want dan moest ze haar winkel sluiten en dan liep ze inkomsten mis, en dat zouden we toch niet op ons geweten willen hebben? Voor de andere vrouwen in het dorpshuis ging dat kennelijk veel minder op: zij hadden zo te zien alle tijd van de wereld.

Na de voorstelling konden we eindelijk de hand schudden van mevrouw Bi, en ze bleek zeer bereid om uitgebreid met ons te spreken en voor de foto te poseren. Gelukkig: dat verhaal was binnen.

Tot mijn grote verbazing kon het gesprek zelfs in volledige privacy plaatsvinden: alle anderen waren weg en bleven weg. Ze waren veel te druk bezig met het nuttigen van het uitgebreide feestmaal dat speciaal voor de buitenlandse gasten was aangericht. Alleen de gasten zelf waren er niet bij.

Die hadden de maaltijd afgeslagen, omdat ze zo nodig eerst die vrouw wilden interviewen over dat microkrediet. Onbegrijpelijk, zo vond het gezelschap in grote meerderheid.