ZELF RUZIES BEZWEREN

Veel ruzies tussen leerlingen kunnen het best door leerlingen zelf worden opgelost. Scholieren worden daarom getraind in `bemiddeling'. `Waar ben je nou echt boos over?'

Ruzie is er nooit als je het eens nodig hebt. En dus ensceneren de leerling-mediators van het Thomas a Kempis College in Zwolle voor het bezoek van de krant maar een ruzie. Omdat ze dan het beste kunnen laten zien wat hun taak is: bemiddelen tussen kemphanen en stimuleren dat deze zelf met een oplossing voor hun conflict komen.

``Zo gaan we dan altijd zitten'', zegt mediator Sandra (14, 2-havo/vwo), terwijl ze in het klaslokaal twee tafeltjes omdraait en tegen twee andere zet, zodat er een groepje ontstaat. ``Meestal zijn er twee mediators en twee leerlingen die ruzie hebben. Die zetten we schuin tegenover elkaar.'' Kevin (14, brugklas vmbo/havo) knikt. Hij speelt in het rollenspel één van de ruziemakers, samen met zijn klasgenote Kim (13, brugklas vmbo/havo). Leon (13, brugklas vmbo/havo) speelt de tweede mediator.

``Willen jullie het probleem oplossen?'' opent Sandra het gesprek. Kevin en Kim knikken en vertellen wat er aan de hand is. ``Hij noemde mij `kakker' en hij heeft mijn jas op de grond gegooid'', zegt Kim, met haar armen boos over elkaar. ``Omdat jij mij `gothic' noemde'', pareert Kevin. Leon vraagt door. ``Is er nog meer wat je dwars zit?'' Op verzoek van de mediators bedenken Kevin en Kim een oplossing voor hun ruzie: elkaar niet meer uitschelden. ``Normaal schrijven we de afspraak op en spreken we een datum af waarop we weer bij elkaar komen om te bespreken of het werkt'', zegt Sandra. ``En we zeggen ook altijd dat wat de ruziemakers vertellen binnen deze vier muren blijft.''

Mediation (bemiddeling) is `in'. Steeds vaker worden bij conflicten, zoals echtscheidingen en arbeidsconflicten, erkende mediators ingeschakeld. Erkende mediators hebben daartoe een opleiding gevolgd en zijn gecertificeerd door de koepelorganisatie NMI (Nederlands Mediation Instituut). De afgelopen jaren nam het aantal geregistreerde mediators toe van 664 in 1998 tot 3980 nu. Van hen zijn er vijftig tot honderd gespecialiseerd in onderwijszaken, vertelt Marjolein Thiebout, voorzitter van de NMI groep Onderwijs Mediators en directeur van Quest Mediation in Delft. ``Mediation kan in het onderwijs vooral een rol spelen bij het terugdringen van het ziekteverzuim, want in 40% van de gevallen ligt er een conflict aan ten grondslag.'' Kennelijk beseffen de betrokken ministeries dat ook, want onlangs zijn er drie door OC&W en Sociale Zaken gesubsidieerde IMO-projecten van start gegaan: Introductie Mediation in het Onderwijs.

Naast de reguliere mediation is er de peer mediation, waarbij leerlingen bemiddelen bij conflicten tussen mede-leerlingen (peer staat voor gelijkwaardigheid). Zelfs in het basisonderwijs gebeurt dit al. De kinderen worden opgeleid door erkende mediators. Ze krijgen les in de belangrijkste vaardigheden die iedere mediator moet bezitten: luisteren, doorvragen, samenvatten, koel blijven, geen partij kiezen, durven ingrijpen als het verhit wordt. En ze oefenen veel in rollenspellen. Hebben ze eenmaal hun certificaat `peer-mediator' op zak, dan worden ze door docenten ingeschakeld bij conflicten die zich daarvoor lenen: ruzies tussen hartsvriendinnen, ruzies over afgepakte vriendjes, spullen die vernield zijn, roddelen, schelden, kleine pesterijtjes. `Zware' gevallen, zoals pesten waarbij een grote groep leerlingen is betrokken, komen niet in aanmerking voor mediation door leerlingen.

De grondbeginselen van (peer-)mediation komen oorspronkelijk uit de Verenigde Staten. In Nederland zijn inmiddels verschillende organisaties actief op dit gebied, en allemaal zijn ze bezig het wiel uit te vinden met lesmethodes en begeleiding. Daarom is Carla van Eldik Thieme, directeur van bureau In Gesprek in Amsterdam en lid van NMI Onderwijsgroep, hard bezig een landelijk platform voor peer-mediation op te richten om in kaart te brengen hoeveel organisaties en scholen op dit gebied actief zijn. Zij schat dat er 30 tot 40 scholen mee bezig zijn.

Eén van de organisaties die leerlingen opleiden tot mediator is `Geweldloos Samenleven', die haar oorsprong vindt in de Doopsgezinde Broederschap. De organisatie wil zo een bijdrage leveren aan de bestrijding van het toenemend geweld in de samenleving, zo staat er op de website van de organisatie te lezen. Overigens is Doopsgezind zijn geen voorwaarde om aan het project mee te kunnen doen, noch voor de scholen, noch voor de mediators, vertelt Maarten van der Werf, die onder andere leerlingen van het Thomas a Kempis College in Zwolle heeft getraind. Hij heeft lesmateriaal ontwikkeld over `mediation' dat in zes lessen klassikaal behandeld wordt. In die lessen worden ècht geïnteresseerde leerlingen gerekruteerd om `mediator' te worden. Uiteindelijk kiest de klas dan welke twee of drie leerlingen daadwerkelijk getraind zullen worden.

Leon en Kevin vertellen dat ze mediator wilden worden omdat ze dachten er veel van te kunnen leren: rustig blijven, luisteren, onpartijdig zijn. Janneke (13, brugklas havo/vwo) wilde mediator worden omdat het volgens haar nooit opschiet als leraren een ruzie tussen leerlingen bijleggen. ``Dan moeten ze allebei nakomen ofzo, maar de ruzie gaat er niet van over.'' Docente Gerdien Pastink knikt als ze dat hoort. ``Wat wij als docenten moeten leren is om de stap naar de mediator zetten. Maar wat weten wij als volwassenen nu van een ruzie tussen hartsvriendinnen? We denken te vaak `doe niet zo stom allebei, jij strafwerk, jij nablijven'. Maar daarmee los je het conflict inderdaad niet op.''

Pastink is nu één van de docenten die op het Thomas a Kempis College het peer-mediationproject begeleidt, maar aanvankelijk stond ze er bijzonder sceptisch tegenover. ``Ik vond het zó soft, zó zweverig. Maar ik ben helemaal omgegaan toen ik een training van de leerlingen bijwoonde. Ze kunnen zóveel, dat onderschatten wij als docenten nogal eens. Ze kúnnen die ruzies echt oplossen, dat heb ik zelf ook gevoeld toen ik met een collega meedeed aan een rollenspel. Ze stellen precies de goede vragen: waar ben je nou echt boos over, wat vind je er nou echt van?''

Onderwijsmediator Thiebout verwacht nog een aardig neveneffect van peer-mediation: ``Juist in het onderwijs zijn veel conflicten gedrags-gerelateerd. Docenten die elkaar niet groeten, coalities die gevormd worden binnen het docententeam. Als de docenten zien dat hun leerlingen les krijgen in conflicthantering, pikken ze er zelf misschien ook wel iets van op. Want groot en klein verschillen wat dat betreft niet zoveel.''

In september wordt in Soesterberg een internationale conferentie over peer-mediation gehouden. Meer informatie: www.conflict-prevention.net