Wat nou, democratie?

Arabieren zijn onderdanen, geen burgers. Een Syrische student die wil slagen koopt zijn docent om voor 300 dollar per vak. Kritische geesten worden niet op prijs gesteld, nergens in de Arabische wereld. Kunnen de Amerikanen daar democratie brengen?

Toen Saddam nog heerste over Irak, werd je als westerse journalist bij iedere stap `begeleid' door een minder, een geheim agent die precies bijhield wat er met wie werd besproken. Zo ook op een koude februari-ochtend vier jaar geleden toen ik langsging bij een van de laatste Nederlanders in Bagdad, een stokoude Enschedese dame die in de jaren '50 was getrouwd met een Iraakse christen. Ze kon het land niet uit met haar familie, want een uitreisvisum kostte 20.000 dollar smeergeld per stuk.

Direct nadat we hadden aangebeld, deed de Enschedese dame het luikje van de voordeur open. Ze keek ons beiden aan, sloot het luikje en opeens was het stil. Zeker vijf minuten stonden we in de regen voor een dichte deur. Toen maakte ze hem open en zette ons op de bank met een glaasje prik. Mijn minder Mazjdi was niet zo plichtsgetrouw en accepteerde dat wij Nederlands spraken, waardoor de Enschedese dame vrij kon praten.

Irak mocht destijds olie exporteren in ruil voor humanitaire goederen, die dan onder VN-toezicht werden uitgedeeld onder de bevolking; het voedsel-voor-olie-programma. De Enschedese dame vertelde hoe na vertrek van de VN-opzichter iedereen de hulpgoederen weer moest inleveren, waarop ze werden herverdeeld onder aanhangers van Saddam.

Dit was belangrijke informatie, want de VN beweerden altijd dat Saddam keurig meewerkte. Maar waarom had de Enschedese dame ons net zo lang laten wachten bij de voordeur? Ze zuchtte en knikte met haar ogen naar Mazjdi die in een tijdschrift zat te bladeren. ,,Mijn kleindochter van zeventien logeert hier. Ik moest haar eerst via de achterdeur naar de buren smokkelen. Als die geheim agent haar ziet, komt-ie vanavond terug. Dan neemt hij haar mee voor een avondje uit en verkracht hij haar.''

Voilá, de Arabische wereld. Dit is een extreem voorbeeld, want nergens waren de onderdrukking en de wetteloosheid zo groot als onder Saddam. Maar boven alle 300 miljoen Arabieren in de 22 dictaturen van Marokko tot Koeweit en van Jemen tot Syrië hangt voortdurend een veelkoppig monster; hun eigen overheid, die wanbestuur paart aan machtsmisbruik en die oppositie afkoopt of, als dat niet lukt, meedogenloos onderdrukt.

Dat was niet wat de Arabische regimes en koningshuizen in het vooruitzicht stelden, toen ze een halve eeuw geleden, al dan niet met hulp van de CIA of de KGB, aan de macht kwamen. Op bankbiljetten uit die tijd en op postzegels zie je havens, vliegvelden, fabrieken, afgewisseld met verwijzingen naar de eigen nationale geschiedenis. De leuzen gingen over het recht van de Palestijnen om terug te keren naar hun dorpen en steden in Israël, een onwettige kolonie die zou verdwijnen. Dat waren de beloften: modernisering en welvaart, en rechtvaardigheid voor de Palestijnen.

Maar de Arabieren kregen stagnatie en onderdrukking, en nederlagen tegen Israël. Sinds 1980 is de bevolking verdubbeld, terwijl het aandeel in de wereldhandel van 35 procent daalde naar 3 procent. Spanje vertaalt in een jaar meer boeken dan de hele Arabische wereld in een eeuw.

Zelden was het falen van de zittende Arabische politieke klasse zo pijnlijk duidelijk als vorige maand, toen het trotse regime van Saddam Hussein na steeds schellere retoriek opeens ineenzeeg. Saddam Hussein en zijn getrouwen, `hoeders van de Arabische natie', vochten zich op het moment suprême niet dood maar zij verdwenen, waarschijnlijk met koffers vol geld. Soldaten gaven zich liever over of deserteerden.

Dat kwam hard aan in de Arabische wereld, waar leiders zich bedienen van dezelfde grootspraak die het regime in Bagdad tot de laatste dag had volgehouden. Demonstranten in de Egyptische hoofdstad Kairo hielden na het uitbreken van de oorlog in Irak hun eigen leider Moebarak luidkeels voor: jullie kunnen ons niet besturen en nu blijken jullie ons ook niet eens te kunnen verdedigen. De oppositiekrant Al-Usbu' kopte: ,,Arabische leiders: jullie hebben ons uitgebuit, jullie hebben ons onderdrukt en nu hebben jullie ons ook nog verkocht.'' Op Al-Jazira en andere nieuwszenders hoor je nu dagelijks hetzelfde.

De status-quo is failliet en het moet anders, dat vindt eigenlijk iedereen. Maar hoe?

Enter George W. Bush. Nadat de Amerikaanse president tevergeefs had geprobeerd een aanval op Irak te verkopen als een strijd tegen terreur of de verspreiding van massavernietigingswapens, veranderde hij eind vorig jaar van strategie. Amerika gaat democratie brengen naar Irak. Dit moet een domino-effect sorteren en overstromen naar het kartel van Arabische alleenheersers in de regio. Moest de vorige Golfoorlog de status-quo herstellen (Koeweit bevrijden), deze moet de status-quo fundamenteel veranderen. Als Amerika klaar is met de Arabische wereld, brengt die niet langer suïcidale terroristen en oorlogsmisdadigers voort, maar tevreden consumenten. Bush scoorde vooral onder Oost-Europese intellectuelen. Waren zij ook niet net bevrijd van de sovjetdictatuur?

Bij hun democratiseringsmissie hanteren de Amerikanen en hun sympathisanten drie aannames: dat democratie als systeem zal werken in de Arabische wereld anno nu; dat Amerika als buitenlandse macht zo'n democratie kan komen opleggen; en dat die democratie dan pro-Amerikaans zal zijn. Bij al deze drie aannames passen vraagtekens.

Past democratie wel bij de Arabische cultuur zoals die nu vorm krijgt? De dictaturen worden steevast voorgesteld als het probleem van de Arabische wereld. Maar ze zijn even goed te beschouwen als het product ervan. Faysal Al-Qasem, de presentator van `de tegengestelde richting', het meest controversiële discussieprogramma van de nieuwszender AlJazira, zei het zo: ,,Zoals de Arabische vader omgaat met het gezin, de imam met de gelovigen en de Arabische professor met zijn studenten, zo ook gaat de Arabische leider om met zijn onderdanen.''

Dit kun je zien als een kip-en-ei kwestie. Feit is in ieder geval dat Arabieren op dit moment nergens in hun samenleving de hiërarchische verhoudingen op een democratische manier inrichten. Dit kan veranderen. Maar het betekent wel dat onder die 22 Arabische tirannen op dit moment geen bevolking smachtend naar democratie zit te wachten totdat de Amerikanen eindelijk dat duwtje in de goede richting komen geven.

Stel nu eens dat we morgen democratie invoerden in Egypte, met 70 miljoen inwoners het belangrijkste Arabische land. Dit zou veel gemakkelijker moeten zijn dan in Irak. Egypte heeft een 5.000 jaar oude nationale identiteit en een homogene bevolking, het heeft duidelijke, internationaal erkende grenzen en alle Egyptenaren spreken dezelfde taal.

Allereerst moeten dan op de stembiljetten alle partijen een symbool krijgen, zodat alle kiezers kunnen stemmen, want zeker 40 procent van de Egyptenaren is analfabeet. Veel kiezers zijn ook straatarm, de helft leeft van minder dan een euro per dag. Dus is er meteen het risico dat zakenlieden met hun fortuin een zetel kopen, want die geeft onschendbaarheid, status en directe toegang tot ministers. En wie moeten er toezicht houden? Rechters, officieren van justitie, de politie en de geheime dienst moeten worden gezuiverd, want die zijn vrijwel allemaal corrupt en incompetent. Waar haal je hun opvolgers vandaan?

Verkiezingen worden voorafgegaan door een publiek debat over keuzes. Hebben we iets te verwachten van intellectuelen, journalisten en kunstenaars? Misschien. Tot nu toe zetten zij zich slechts in voor één programmapunt: ze willen een onmiddellijke boycot van Israël, en collega's die naar de joodse staat gaan worden voor het leven geschorst.

Verder zouden kiezers hun informatie moeten betrekken van onafhankelijke media. Daar zijn er op dit moment in Egypte een paar van, hoewel ook deze regelmatig fors worden gecensureerd. Hun koppen: `Sharon en Bush komen overeen de Aqsa-moskee te vernietigen na de val van Bagdad', `Amerika doodt miljoen kinderen met nucleaire wapens in Irak', en `massale bekeringen tot de islam in Europa'. Luister ook eens naar deze aanhef, waarmee Al-Jazira-presentator Faysal al-Qasem onlangs zijn discussieprogramma opende: ,,Moshe Dayan heeft gezegd: de Arabieren lezen niet. En als ze lezen, dan begrijpen ze het niet. Heeft hij gelijk? Hebben de Arabieren de protocollen van de ouderen van Zion gelezen, en zo ja, hebben ze die begrepen?''

Vrijheid van meningsuiting functioneert alleen bij een gedeelde lezing van de belangrijkste historische feiten, en bij een agreement to disagree over de rest. Zo'n gedeeld, stabiel, discours is er niet in de Arabische wereld. Zeker de helft denkt dat de holocaust een propagandastunt was. Dat 11 september is gepleegd door de Mossad, de Israëlische geheime dienst, en dat de protocollen van de ouderen van Zion een authentieke weergave is van de joodse wereldsamenzwering in plaats van een verzinsel van de Russische geheime dienst om pogroms te rechtvaardigen.

Die onwetendheid beperkt zich niet tot het analfabete volk. Op het curriculum van de Amerikaanse Universiteit van Kairo, 's lands duurste privé-universiteit met een collegegeld van 10.000 dollar per jaar, staat het verplichte vak wereldgeschiedenis. Een docente vertelt hoe dit jaar zes van haar twintig leerlingen bij aanvang dachten dat Hitler een moslim was.

Zal dit op termijn verbeteren? Misschien, maar het zal zeker een generatie vergen. Arabieren zijn niet alleen generaties lang volgepompt met propaganda, ze hebben evenmin de intellectuele instrumenten aangereikt gekregen om propaganda van betrouwbare informatie te kunnen onderscheiden. De Verenigde Naties hielden onlangs een wereldwijd onderzoek naar de vaardigheden van middelbare scholieren. Arabieren bleken redelijk in staat uit het hoofd geleerde informatie te reproduceren. Maar bij het creatief oplossen van problemen bungelen ze onderaan. Arabieren leren nergens kritisch denken, op school noch thuis. Inspraak? Gehoorzaamheid zul je bedoelen. Ga eens naar een college op, bijvoorbeeld, de universiteit van Kairo of van de Syrische hoofdstad Damascus. Je kunt daar honderd keer beter een foute bewering van de docent reproduceren dan deze in twijfel trekken. Wie het tentamen wil halen moet letterlijk het collegedictaat oplepelen. Een andere mogelijkheid is de docent omkopen, 300 dollar per vak in Damascus op het moment.

Het probleem met het onderwijs is corruptie en gebrekkig materiaal, maar vooral weer die omgang met het hiërarchische systeem die kritische participatie vrijwel uitsluit. ,,Toen ik in Amerika ging studeren, schrok ik me een hoedje van mijn docent die zei dat ik hem bij zijn voornaam kon noemen'', vertelt Antoinette Khalil, een Libanese docente klinische psychologie. ,,Als ik dat bij mijn eigen studenten zou doen, is al mijn gezag verdwenen. Mijn studenten verwachten dat ik mij autoritair opstel. Dit is een patriarchale cultuur. Gezag krijg je door intimidatie, en bereidheid tot inspraak wordt geïnterpreteerd als zwakte en roept agressie op.''

Zelfs de Arabische leiders hebben geen idee wat democratie inhoudt. Een Amerikaanse lobbyist van Arabische afkomst vertelt hoe Arabische leiders reageren wanneer hij hun komt uitleggen hoe ze in Washington iets gedaan kunnen krijgen: ,,Ik vertel dat ze, net als Israël, onophoudelijk woedende brieven moeten sturen naar kranten en televisiestations. Dat ze hoofdredacteuren, columnisten en parlementariërs moeten uitnodigen op aangename vakantietripjes. Dat ze middelbare-schooluitwisselingen moeten houden. Maar meestal hebben ze me dan allang onderbroken. `Jij begrijpt er niks van', roept dan zo'n president. `Ik heb bij mijn vorige bezoek aan Washington twintig minuten constructief met Bush gepraat. Maar twee dagen later noemde hij Sharon `een man van de vrede'. Hoe kan dat nou?' Want zo werkt de Arabische politiek: je praat met de hoogste baas en die heeft de absolute macht om alles op te leggen.''

Drie jaar geleden stortte een Boeing van EgyptAir bij New York in zee, waarop de Amerikaanse luchtvaartdienst tot de conclusie kwam dat de piloot zelfmoord had gepleegd. De Egyptische president Moebarak was ziedend. Hoe durfde de Amerikaanse president Clinton zo'n vernederende conclusie te laten verschijnen? De Amerikaanse ambassade in Kairo kon maar niet uitleggen dat de Amerikaanse luchtvaartdienst onafhankelijk is, en dat Clinton de bevindingen niet kon beïnvloeden.

Waar Arabieren van hoog tot laag wel mee bekend zijn, en waar zij dagelijks onder lijden, is het soort uitbuiting en onderdrukking waarvoor de Enschedese dame in Bagdad permanent moest vrezen. Want een Arabier is geen burger, hij is een onderdaan. Ga eens naar Syrië en zeg bij de bushalte: ,,Wat een smerig weer vandaag.'' iedereen zal angstig zwijgen, want misschien ben je wel een provocateur, en verwees die opmerking over het weer naar het regime. Stel je eens voor dat je als ouder thuis niet in het bijzijn van je kinderen over politiek kan praten. Want voor je het weet herhalen je kinderen in hun onschuld jouw uitspraken op het schoolplein. En er werkt altijd wel iemand voor een van de vele geheime diensten.

Het is als mondige burger in een westerse rechtsstaat moeilijk je voor te stellen wat dit met je leven doet. Als in Nederland iemand de wet overtreedt en een ander schade berokkent, stapt die ander immers naar de politie. Als die niets doet, kan hij verhaal halen bij de ombudsman, of anders bij een parlementariër, en anders wel bij de pers. Deze machten controleren elkaar en houden elkaar min of meer in evenwicht. Dat is rechtszekerheid, de basis van democratie.

Maar in de Arabische wereld zijn de politie, de overheid, de rechterlijke macht en de staatsmedia onderdeel van het probleem in plaats van de oplossing. Zij zijn de instanties die de burgers onrecht aandoen. De enige manier om je te wapenen tegen grijpgrage bloedzuigers zoals de Iraakse minder Mazjdi, is zelf connecties op te bouwen bij de geheime dienst, de politie, de rechterlijke macht en de politiek. Zo kun je je beschermen tegen machtsmisbruik en kun je veiligstellen waarop je eigenlijk gewoon recht hebt: voedseluitdelingen in Irak, in de rest van de Arabische wereld fatsoenlijk onderwijs voor je kinderen, een bouwvergunning voor je huis, water voor je akkers. Hoe groter de familie, hoe meer connecties.

Men zegt: het systeem is corrupt. Maar de werkelijkheid gaat veel verder: het systeem zelf is corruptie. De staat heeft niet genoeg geld voor salarissen waar een leraar, rechter, douanier of politieman van kan leven. En dus kunnen deze niet anders dan bijklussen met afpersing en corruptie. Dit maakt mensen weer medeplichtig aan het systeem en houdt ze tegelijkertijd kwetsbaar: ze kunnen ieder moment in het kader van een `anticorruptiecampagne' worden aangepakt. Stel, je bent een hele goede zakenman en je fabriek loopt als een trein. Dan krijg je geheid een stoet van inspecteurs langs die je net zolang lastigvallen tot je ze afkoopt. Die milieuambtenaar, bouwinspecteur of douanier heeft zijn lucratieve functie ook weer `gekocht' van zijn superieur, die op zijn beurt weer maandelijks een bedrag eist, waarvan ook weer een deel gaat naar iemand hoger in deze piramide van parasieten. Doordat iedere rechtszekerheid ontbreekt, weet je dat alles je ieder moment kan worden afgepakt. Het is dus graaien wat je graaien kan. Zoals het Arabische gezegde stelt: wie geen wolf is, is voer voor de wolven.

Schrijvers van reisgidsen maken zich vaak vrolijk over de inefficiëntie van de Arabische bureaucratie: alles duurt eeuwig. Maar dat is geen incompetentie, het is opzet. De ambtenaren sturen burgers net zo lang van het kastje naar de muur totdat die hun portefeuille trekken. Vorig jaar stak de Libanese regering miljoenen in een website met alle vereiste formulieren en documenten voor alle denkbare overheidsdiensten, zodat burgers precies wisten wat van hen verlangd werd. Het project werd direct door ambtenaren getorpedeerd, want transparantie maakt afpersing veel moeilijker. De Libanese overheid geldt in de regio dan nog als redelijk efficiënt.

Dit is de dagelijkse werkelijkheid waarin Arabieren leven, de enige ook die de meesten kennen. Verhalen over democratie zijn abstract, terwijl de boodschap van de fundamentalisten direct op de corruptie is toegespitst. Hun slogan luidt: de islam is de oplossing. Mensen hoeven alleen maar zo vroom te zijn als de koran voorschrijft, en het grootste en meest pregnante probleem in de Arabische wereld op dit moment is opgelost. Het is zeer de vraag of de fundamentalisten dit kunnen waarmaken. Maar aangezien ze overal worden vervolgd en onderdrukt, zijn ze nooit gedwongen geweest hun slogans in de praktijk te brengen.

Wat Arabieren in hun eigen buurtmoskee zien, is dat fundamentalisten als enigen de daad bij het woord voegen. Dat zij sober leven en uit idealisme klinieken, bijlesinstituten, rechtsbijstandkantoren en gaarkeukens bestieren. Dat het fundamentalisme met de martelaar/zelfmoordterrorist een wapen heeft gevonden waarop het technologisch superieure Israël en het Westen geen antwoord hebben.

Arabieren kampen met onrechtvaardigheid om de hoek en met militaire vernederingen over de grens. Op beide punten boeken de fundamentalisten succes. Geen wonder dat de (gedoogde) pacifistische tak van de fundamentalisten van Marokko tot Libanon en van Egypte tot Irak hartstochtelijk voorstander is van eerlijke verkiezingen: die gaan ze namelijk winnen. Waarmee aanname drie in het vizier komt: zal democratisering de Amerikaanse belangen in de regio dienen (olie en Israël)? Een mooie plek om die vraag te beantwoorden is de Amerikaanse Universiteit van Beiroet (AUB). Voor duizenden dollars collegeld krijg je daar een op Amerikaanse leest geschoeide opleiding, in het Engels, en van een gemengd Amerikaans-Arabische staf. De campus is zo ongeveer de enige plaats in de Arabische wereld waar mensen leren denken en waar zij zich vrij politiek mogen organiseren. AUB'ers weten wat Amerika inhoudt, wat democratie is en hoe de politiek in het Midden-Oosten functioneert.

En wat levert dit laboratorium van democratisering op aan politieke activiteiten? Inzamelingen voor de Palestijnen. Fototentoonstellingen over de intifadah: ,,Jouw bijdrage voor Irak makes the difference'', zeggen de overal opgestelde collectebussen. Eindeloze demonstraties, inclusief hard optreden van de politie. Het is een bijzondere ervaring: eerst praat je met een hippe `AUB-kid' over de nieuwe cd van de band Radiohead, de bugs in Windows 98 en de nieuwste film van Al Pacino. En dan legt zo iemand uit dat Israël zal moeten verdwijnen en de Amerikaanse inmenging in de regio direct moet ophouden. En de beste manier om dat in zijn ogen te bereiken is: democratisering.

Een jaar geleden hield opinie-onderzoeksbureau Gallup een enquête onder duizenden Arabieren in Jordanië, Libanon, Saoedi-Arabië, Marokko en Koeweit. Bij een foutmarge van 5 procent oordeelde meer dan de helft negatief over de Amerikaanse politiek. Aan de vooravond van de oorlog tegen Irak werd een nieuw onderzoek gehouden. Nu schommelde de oppositie tegen Amerika rond de 90 procent. Eenzelfde percentage meent dat de oorlog wordt gevoerd voor olie en Israël.

De conclusie is even voor de hand liggend als verstrekkend: Oost-Europa is de Arabische wereld niet. Achter het IJzeren Gordijn was de ondergrondse oppositie democratisch gezind en gold het Westen als lichtend voorbeeld. In de Arabische wereld daarentegen is de ondergrondse oppositie fundamentalistisch en belichaamt het Westen in de publieke verbeelding bovenal hypocrisie, onrecht en uitbuiting. Toen in Oost-Europa de Muur viel, stonden daar seculiere politici klaar, geen katholieke fascisten die hun SGP-achtige ideeën aan iedereen wilden gaan opleggen. Uit een recent onderzoek in Jordanië, Egypte en Saoedi-Arabië blijkt dat bijna tweederde van de ondervraagden ,,een grotere politieke rol voor de geestelijkheid'' wil.

Zou Amerika nu verkiezingen opleggen in de Arabische wereld, dan komt het waarschijnlijk in dezelfde spagaat terecht als tegenover de Palestijnen. Deze moesten vorig jaar van Amerika opeens ook democratiseren, maar wel onder de voorwaarde dat ze bij die volledig vrije verkiezingen niet op Arafat gingen stemmen. Want met Arafat had Amerika het gehad. Tegelijkertijd gaven de Palestijnen in opiniepeilingen te kennen juist massaal op hun leider te zullen stemmen.

Uiteindelijk zijn de verkiezingen toen maar afgelast.