TRAINEN: Poekoelan Tjimindie Tulen

De houten vloer kraakt en de matten zuchten onder stampende blote voeten en vallende lichamen. Tegen een wand van de trainingszaal is een tafeltje geplaatst. Met daarop een brandende kaars, een trillende bos rozen in een vaas en daarboven het ingelijste portretje van de Grote Meester en zijn leerlinge. Hun Amsterdamse volgelingen buitelen en springen en stoten ongeremde keelklanken uit; tju-tju, tjee-tjee, tu en tsa!

Dit is geen rumoerige kerkdienst, dit is een heuse vechtsport met de aanvankelijk vertedering oproepende naam Poekoelan Tjimindie Tulen. Het Poekoelangeloof, dat een mengvorm is van Indonesische en Chinese vechtsporten, heeft vele vertakkingen en deze versie is via Indonesië en Amerika naar onze hoofdstad overgewaaid. Dieren en kleuren spelen er een hoofdrol in: de tijger betekent kracht, slang beweeglijkheid, de kraanvogel staat voor balanceren en de aap voor flexibiliteit. De witte band en kleding stralen puurheid, onschuld en onbevangenheid uit, de zwarte band en kleding onderdanigheid, mysterie en kalme verborgen kracht. De gevechtshandelingen hebben namen als octopus, knife stab overhead en gun behind close by. U leest het, een sport die geknipt is voor het moderne leven, en waarbij elke denkbare aanval kan worden gepareerd met een daarbij behorende aanvals- of verdedigingstechniek. Denk maar niet dat ze u – black belt – daarna nog ooit uw gsm of portemonnee kunnen afpakken wanneer u daar vrijwillig niet toe bereid bent.

Dit is aflevering dertien van een serie over trainen.