's Nachts zijn in Bagdad alleen de bandieten buiten

De veiligheid in Bagdad blijft anderhalve maand na de val van Saddam Hussein een bron van zorg. De toestand verschilt per wijk, maar er is een lichte verbetering.

In een hoek van een grote rommelige markt vol plunderwaar in Nieuw Bagdad, een arme wijk in het zuidoosten van de Iraakse hoofdstad, bevindt zich een handvol wapenverkopers. In alle openheid bedrijven ze hun nering. Af en toe klinkt er een schot. Het zijn klanten die een pistool of een geweer van hun gading proberen. Niemand op de volle markt neemt er veel notitie van.

De wapenhandelaars voorzien op het ogenblik ontegenzeggelijk in een behoefte. ,,Zonder regering is er geen betere manier om je te beschermen dan een wapen aan te schaffen'', meent een ongeschoren man met een uitermate slecht gebit.

Ook anderhalve maand na de val van Saddam Hussein blijft veiligheid zorg nummer één van het grootste deel van de bevolking in Bagdad. ,,Toen Saddam Hussein er nog was, was alles ordelijk'', constateert pistolenverkoper Najim Abud. ,,Nu heerst er chaos en verkoop ik elke dag wel enkele wapens.'' Een andere man valt hem bij. ,,Ik pieker er nog niet over om mijn dochters van 16 en 17 weer naar school te sturen. Veel te gevaarlijk.'' Legio zijn de verhalen over gewapende overvallen op auto's, waarbij de bestuurder werd gedwongen zijn auto af te staan, over aanrandingen en ontvoeringen van meisjes, over schietpartijen, brandstichtingen en nog altijd voortdurende plunderingen.

Het grootste deel van de schietpartijen heeft 's avonds laat of 's nachts plaats. Dan valt er her en der in Bagdad regelmatig het scherpe geknetter van geweerschoten te horen.

De toestand is de laatste tijd enigszins verbeterd. Bij wat doorvragen willen ook klagende burgers op de markt in Nieuw-Bagdad dat wel toegeven. Er gaan steeds meer kinderen naar school, steeds meer winkeliers ook openen hun deuren. ,,Toen ik hier op 5 mei terugkeerde'', zegt de Nederlandse zaakgelastigde Joost Reintjes, ,,werd er de hele nacht doorlopend geschoten en hoorde je af en toe helikopters overvliegen. Dat is nu een stuk minder.''

Dat neemt niet weg dat het gebrek aan veiligheid nog steeds een ontwrichtende werking heeft op het openbare leven. Een deel van de winkels blijft gesloten en een deel van de ouders blijft weigeren de eigen kinderen naar school te laten gaan. En na het invallen van de duisternis is Bagdad nog steeds een ware spookstad. Vanaf 23.00 uur geldt er officieel een uitgaansverbod, maar eigenlijk is dit overbodig: nadien wil toch vrijwel niemand meer naar buiten.

Niemand behalve plunderaars en bandieten. Aan die laatsten is in Bagdad geen gebrek. Dat heeft mede te maken met het feit dat Saddam Hussein vorig jaar november een amnestie afkondigde voor duizenden veroordeelde criminelen. ,,Al voor het uitbreken van de oorlog, was daardoor de criminaliteit in Bagdad duidelijk toegenomen'', zegt Reintjes.

De Amerikanen krijgen al wekenlang veel kritiek te verduren voor de gebrekkige wijze waarop zij in de ogen van de Irakezen de orde handhaven. Al dan niet in reactie hierop zijn ze sinds ruim een week intensiever gaan patrouilleren. Op veel plaatsen in Bagdad valt dan ook 's avonds en 's nachts het gedaver te horen van voorbijrijdende pantserwagens of lichte tanks.

Volgens hun eigen opgave arresteerden de Amerikanen van zondag op maandag binnen één etmaal 311 mensen. Het ging om plunderaars, dieven en overtreders van de avondklok. Ze namen 27 geweren, 9 pistolen en 100 granaten in beslag. Verder vervangen ze nu een infanteriedivisie door een pantserdvivisie met grote ervaring in internationale vredesoperaties.

De toestand verschilt overigens per wijk. In Nieuw Bagdad is de toestand minder gunstig dan in het noordelijke Al-Kazimiya, een wijk met veel mensen uit de lagere middenklasse waar ook weinig is geplunderd. Daar zijn alle winkels open en heeft het leven zijn gewone gang al lang hernomen. Een voor de hand liggende manier om het probleem van de onveiligheid althans deels op te lossen, zou zijn de Iraakse politie meer in te schakelen. Daarmee zijn de Amerikanen inmiddels op bescheiden schaal bezig. Ze zijn begonnen met de verkeerspolitie. Erg veel verschil maakt dat overigens nog niet. De agenten doen hun best maar moeten het vooralsnog zonder uniform stellen. Daardoor zijn ze een beetje als een keizer zonder kleren en de Iraakse automobilisten behandelen hen dan ook zonder veel respect.

Toch is de verkeerspolitie ten minste tot enige daden in staat. Dat kan nog niet worden gezegd van de `gewone' politie. Weliswaar verschijnen velen van hen elke dag op hun grotendeels kaal geplunderde bureau. Maar veel meer dan rondhangen doen ze niet. Op het bureau in het district Alawiya, niet ver van het centrum van Bagdad nemen Amerikaanse soldaten het opknapwerk voor hun rekening. Onder het toeziend oog van hun eigen militaire politie zijn ze bezig zakken te vullen met zand uit de tuin van het bureau. Daarmee willen ze de toegang tot het politiebureau enigszins beveiligen. De Iraakse agenten van bureau Alawiya zien het optreden van de Amerikanen passief en enigszins gegeneerd aan. Ook zij zijn eigenlijk niet als politiemannen herkenbaar. ,,We mogen ons oude uniform niet dragen en hebben opdracht gekregen een donkere broek en een licht shirt aan te doen'', legt luitenant Abdul Rahman Jasim uit.

Op de vraag of hij zichzelf wel veilig voelt, antwoordt hij korzelig. ,,Natuurlijk niet, we voelen ons helemaal niet veilig zonder wapen. Hoe kunnen we zo ook de mensen bescherming bieden?'' Het is echter de bedoeling dat de Iraakse agenten de komende weken weer patrouilles gaan uitvoeren, waarbij ze ook nieuwe uniformen en wapens tegemoet kunnen zien.

Dan scheurt een bromfiets met twee mannen voorbij. Ze worden in vliegende vaart achtervolgd door een auto van de verkeerspolitie. Bij een rotonde 50 meter verder komt de bromfiets ten val. De berijders zetten het op een lopen en de verkeerspolitie vuurt zonder succes nog een paar schoten op hen af. De gestolen bromfiets kunnen ze echter in beslag nemen. Luitenant Jasim volgt de actie van zijn collega's aandachtig. ,,Zíj hebben wel al wapens'', zegt hij met nauw verholen afgunst in zijn stem.