Havik

Door de eeuwen heen heeft de wilde, woeste havik de hazenschrik, fazantenjager of patrijzenvalk op weinig waardering mogen rekenen. Jagers, altijd laf, zien in deze schitterende, fiere roofvogel een geduchte medestander. In de gemengde bossen onder Beetsterzwaag ontdek ik de havikshorst, het nest, als een zwarte kroon tussen de takken.

Ik wacht. Het vrouwtje, beduidend groter dan het mannetje, landt met vooruitgestoken gele klauwen. Korte, afgeronde vleugels waarmee de vogel razendsnel tussen boomstammen kan zwenken; lange staart. De witachtige borst is bruin gebandeerd. Helaas wordt de havik, deze schuwe en tegelijk fiere bosbewoner, steeds zeldzamer. Zijn jachtmethode op klein wild en prooivogels is als een verrassingsaanval. Onder de witte wenkbrauwstreep lichten de oranje-gouden ogen op. Net gloeiend barnsteen. Deze vogel is een heerser.

Illustratie: Rein Stuurman (Zien is kennen!)

freriks@nrc.nl