En weer versjteert Madonna een film

Eén ding kan Madonna niet: acteren. Fan Sandra Heerma van Voss reisde met haar zus toch nog hoopvol naar Brussel om haar nieuwste film te bekijken.

Waarom gaan twee filmliefhebbers, die in hun jeugd een uitgebalanceerd menu van klassiekers opgediend kregen – Hitchcock vooraf, The Godfather als hoofdgerecht en Marilyn Monroe toe – en dat sindsdien hebben aangevuld met nachtenlange videomarathons en talloze zorgvuldig gekozen bioscoopbezoeken, waarom gaan deze twee fijnproevers naar de bioscoop voor een film waarvan alle voortekenen erop wijzen dat het een draak is? Een misser, van een regisseur die je dankzij twee eerdere knokfilms nog net `veelbelovend' zou kunnen noemen en met een hoofdrolspeelster die nu al zeventien jaar elke rol die ze buitmaakt weet te versjteren?

Omdat zij Madonna is, daarom. En hij is Guy Ritchie, haar man, van wie zij houdt en in wie zij veel ziet. De filmliefhebbers in kwestie zijn mijn zus en ik, en voor Swept Away, Madonna's laatste film, gingen wij niet zomaar naar de bioscoop, maar naar Kinepolis te Brussel, een monsterlijke megaplex met zesentwintig zalen en achttien popcornbalies. We moesten wel: na rampzalig lage bezoekersaantallen in Amerika wordt in Europa zo weinig van Swept Away verwacht dat de film de Nederlandse bioscopen niet zal halen. Zelfs de Britten, die Madonna veel vergeven nu ze zich in joggingpak door de Londense City beweegt, krijgen hem niet te zien. `Straight to video', luidde dan vroeger het eufemisme – nu brengt Sony Entertainment ook een dvd uit, met als bonus `Sixteen Deleted Scenes'.

Op onze ouders en broers na delen mijn zus en ik niets al zo lang als onze liefde voor Madonna. Toen ik twaalf was en zij negen lag er bij ons thuis voor het eerst een Madonna-plaat op tafel: van onze oudste broer, die verklaarde het een ,,lekker wijf'' te vinden. Een jaar later was Madonna's haar kort en witblond, droeg ze jaren-vijftigjurkjes in plaats van kanten corsetten, en was ze van ons.

Het Madonna-fandom kon aanvankelijk nog best, in de klas. Haar liedjes en clips vond iedereen leuk en dankzij een sexy, grotendeels zwijgende rol in het vermakelijke Desperately Seeking Susan (1986) leek het of er ook een nieuwe filmster was opgestaan. Madonna wilde ,,de wereld veroveren'', zei ze, en ze zou daar elk middel voor gebruiken. Maar de filmindustrie bleek een stuk taaier dan de pop. Naar Shanghai Surprise (1986) en Who's That Girl (1987) ging haast niemand kijken – volgens Madonna omdat de mensen haar rollen niet los konden zien van haar pop-imago, volgens de critici omdat ze niet kon acteren. Wij werkten thuis verder aan ons vijf delen tellende plakboek en gingen voortaan stiekem naar de bioscoop. Je bent een fan of je bent het niet.

De films bleven komen. Who's That Girl zagen we in een halfvol Babylon, Den Haag; Dick Tracy (1990) in een matig enthousiast Metropole; A League of Their Own (1992) met vier anderen in City 8, Amsterdam. Madonna was op haar best een glitterend showgeval, zoals Breathless Mahoney in Dick Tracy, en op haar slechtst een comédienne met schelle viswijvenstem of, nog erger, een Serieus Actrice, die zich met een gezicht van oude kauwgom en een pijnlijk camera-overbewustzijn het lot inbeeldde van een gevaarlijke seksgodin (Body of Evidence, 1993) of een met het moederschap worstelende yogalerares (The Next Best Thing, 2000). Je hoopte elke keer op weinig tekst en veel liedjes, zoals in het epos Evita (Kerstmis 1996, City 7), waarin zij ook veel mooie jurken aankreeg. Hoe hoger het videoclip gehalte, hoe beter – want in diezelfde jaren bewees Madonna zich keer op keer als uitstekend clipactrice. Haar hoogtepunt op filmgebied was Truth or Dare (1991), een documentaire over Madonna de popster. We zagen hem als Au lit avec Madonna in een royale zaal aan de Parijse Champs Elysées waar het publiek gniffelde om haar grillen en venijnige grapjes, en gingen prompt nog een keer.

Kinepolis bereiken we op een passend druilerige vrijdagmiddag, na een klein halfuur in de Brusselse metro. We hebben gereserveerd, twee maal Swept Away, 17 uur, zaal 24. ,,Het zal zo'n vaart niet lopen hoor, want de Matrieks is hier ook net uit'', had de Belgische baliedame al van tevoren gezegd, maar onze entree overtreft alle verwachtingen: we zijn alleen. Tweehonderd stoelen voor onszelf, en alle vrijheid om luid commentaar te leveren.

Swept Away is een remake van een communistisch drama uit 1974 van de Italiaanse regisseuse Lina Wertmüller. In Wertmüllers film stranden een rijke vrouw en een arme zeeman samen op een onbewoond eiland, waar hun verhouding van meesteres en slaaf zich omkeert tot die van brute meester en willoze slavin. De twee bezegelen de transitie met gepassioneerde seks. Guy Ritchie (1968) zag de film tijdens een videoavondje met `the missus', zijn naam voor Madonna, die hem een spoedcursus Europese filmgeschiedenis geeft. Hij vond hem ,,leuk'', vertelde hij de New York Times, al kreeg hij hoofdpijn van die ondertitels. Omdat de film al zo oud was en hij zeker wist dat ,,niemand die geen Italiaans sprak hem zou zien'', dacht hij: waarom geen remake? Zijn vervangster voor hoofdrolspeelster Mariangela Melato zat al naast hem op de bank; na enkele castingrondes kwam Adriano Giannini bovendrijven als vervanger van zijn vader Giancarlo in de rol van zeebonk. Scherpe kantjes als een brute verkrachting en veel bloot schrapte Ritchie uit het script; dat wilden de mensen van nu helemaal niet meer zien, wist hij, en bovendien was het geen prettig idee, zijn missus in haar nakie met een vreemde man. De paar kuise stoeiscènes die overbleven regisseerde hij van zéér nabij, met een ,,stok met een scherpe punt''.

Wat resteert is onder geen noemer te vangen. Zeker is alleen dat Ritchie een van de slechtste regisseurs is bij wie Madonna haar geringe acteertalent ooit heeft ondergebracht. Swept Away begint als gezelschapskomedie, met snel wisselende shots van een stel snobs op een boot dat een scheepscrew van Grieken en Italianen rondcommandeert. De snobs worden aangevoerd door Amber, een boze, middelbare vrouw met designer-kleding en een schelle viswijvenstem... juist. Madonna. ,,Hey! Peepee!'' is haar kreet om Giuseppe, het knapste crew-lid, mee aan te roepen. Giuseppe fronst dan boos, of hij gromt tegen zijn maten in de keuken: ,,I hete dat woman! She ies die embodiement of capietaliesm!''Maar dan komen de schipbreuk en het onbewoonde eiland. ,,Betekent dit dat we vanaf nu alle bijrollen kwijt zijn?'' schreeuw ik tegen mijn zus naast me. Met het geluid van Swept Away is niets mis. Ze knikt somber. Weg Jeanne Tripplehorn als dronken rijk loeder, weg Yorgo Voyagis als vaderlijke kok. We zijn overgebleven met Amber en Peepee, die kibbelen over vuurtjes stoken en inktvis vangen als twee vervelende scouts.

,,Waar zijn haar billen gebleven?'' moppert mijn zus na drie lange eiland-kwartieren. ,,Ze heeft een plank in haar slip.'' Madonna's zijaanzicht is inderdaad verbijsterend. Dat moet de yoga zijn. Als ze tijdens een potje Hints in de door Peepee gebouwde Robinson Crusoë-hut Jezus-aan-het-kruis uitbeeldt, toont ze ook nog haar armspieren: Popeye.

Na 96 minuten verlaat Amber snikkend per helikopter het Italië van haar spirituele ontwaken, en wij verlaten mokkend en bleek zaal 24 van Kinepolis. Wat een nutteloze film, wat een gebrek aan zelfspot of mensenkennis, wat een geklungel. Misschien was dit dan toch echt onze laatste. Bij de uitgang passeren we de poster van Swept Away. Er is een sticker opgeplakt: `Derniers jours'. De première was twee dagen geleden.