`Een hopeloos geval - zo voelde ik me'

Na 17 jaar WAO vond Sjoerd Damstra zelf een baan, bij een tuincentrum in De Bilt. Achteraf vindt hij het jammer dat hij nooit werd gedwongen om weer te gaan werken. De arbeidsdeskundige vindt dat nu ook.

Sjoerd Damstra, hovenier, had net een grote klant aan de telefoon toen hij opeens niets meer kon zeggen, alleen nog dat hij niet goed geworden was en of er alsjeblieft een ambulance kon worden gebeld. Een hersenbloeding. Dat was op 11 oktober 1984. Hij was 31 jaar, woonde sinds een week samen met zijn vriendin Lucia en was eigenaar van drie bedrijven, waaronder een paddestoelenkwekerij. Tien dagen na de operatie – er werd een klemmetje gezet op de zwakke plek in het bloedvat – stapte hij uit bed, liep op pantoffels het ziekenhuis uit, leende bij een fruitstal een kwartje om een taxi te bellen en liet zich naar zijn kantoor rijden. Hé Sjoerd, zeiden ze daar. Jij hier? ,,Ik wilde zo snel mogelijk weer aan het werk', zegt Sjoerd Damstra. ,,Ik had altijd bij mezelf gedacht dat ik desnoods schoenveters zou gaan verkopen. Maar ik zou nooit mijn hand ophouden.'

Toen hij na drie weken weer thuis was, begon hij meteen weer met bellen en regelen. Maar hij merkte al snel dat hij niet kon verwerken wat mensen tegen hem zeiden. Hij had geen idee meer of een opdracht vier uur zou kosten of een hele week. ,,Ik reed naar een klant in De Bilt', zegt hij. ,,Mijn haar was nog heel kort en ik had een dikke ribbel op mijn hoofd. Ik zag die klant kijken. Ik dacht: dit wordt niks.' Na een jaar verkocht Sjoerd Damstra alles wat hij had en werd hij volledig arbeidsongeschikt verklaard. De arts van de bedrijfsvereniging vond hem een hopeloos geval. ,,En zo voelde ik me ook', zegt Sjoerd Damstra. ,,Een hopeloos geval.' Hij liep in het bos met een stok tegen bomen te slaan. Hij zei de vreemdste dingen tegen mensen die hij niet kende.

Toch trouwde hij, met Lucia. Ze kregen twee kinderen en zij ging werken. Hij leerde zijn woede te koelen op een boksbal. Hij ging darten om zich te kunnen concentreren en dammen om zich te oefenen in vooruitdenken. Maar toen hij op zijn drieënveertigste opnieuw bij de bedrijfsvereniging moest komen, werd hij weer volledig arbeidsongeschikt verklaard. Dat was in 1993, het jaar waarin de WAO veranderd werd. WAO'ers moesten ook werk aanvaarden dat niet bij hun opleiding of ervaring paste. ,,Ik vond het heel bedreigend', zegt Sjoerd Damstra. ,,Ik was gewend mijn tijd op te vullen. Ik vermaakte me heel goed. Ik squashte en ik had duiven en van alles. Maar ik was eraan gewend dat ik niet werkte.'

Achteraf, zegt hij, was de herkeuring in 1993 het moment geweest dat hij, met hulp, weer aan het werk had kunnen gaan. Achteraf, zegt ook Jaap den Hartog, de arbeidsdeskundige van de UWV (Uitvoeringsorgaan Werknemersverzekeringen), dat Sjoerd Damstra toen weer voor een deel had kunnen worden goedgekeurd. ,,Ik ben daar heilig van overtuigd', zegt hij nu. Maar in 1993 vond hij, net als de keuringsarts, dat Sjoerd Damstra nog steeds niet kon werken – behalve dan als mandenvlechter of op een atelier voor damesondergoed. (Dat stond in de uitslag van de herkeuring.) Sjoerd Damstra: ,,Ze vroegen wat ik deed en hoe ik mijn dagen doorbracht. Ik deed mezelf niet zieliger voor dan ik was, eerder beter. Na afloop zat ik te janken van opluchting dat ze me er niet uit hadden gegooid.' Maar hij was ook verdrietig, omdat hij blijkbaar nog steeds niks kon. Hij voelde zich klein en onzeker.

Vijf jaar geleden, hij was 45, besloot Sjoerd Damstra dat hij zo niet wilde doorleven. ,,Ik was niet depressief, maar wel ongelukkig.' Hij ging naar de huisarts, die verwees hem naar de psychiater. De psychiater raadde hem aan om een lijstje te maken van dingen die hij graag wilde doen. De psychiater raadde hem ook aan om uit zijn hoofd te zetten dat hij nog aan het werk kon. ,,Dat is een gesloten boek, zei hij. Als je dertien, veertien jaar niet gewerkt hebt, ís het ook een gesloten boek.' Het werd vrijwilligerswerk bij het Natuur-, milieu- en educatiecentrum en in het vogelopvangcentrum. En toen zei een vriend van hem opeens dat het tuincentrum in Bilthoven een medewerker zocht, voor drie dagen per week. Hij dacht verder niet na, hij solliciteerde gewoon. En het tuincentrum wilde hem graag hebben. Hij belde Jaap den Hartog van het UWV om te vragen hoe dat moest. Op therapeutische basis, zei die. Werken met behoud van uitkering. Het tuincentrum kreeg Sjoerd Damstra gratis.

Jaap den Hartog denkt er wel eens aan wat er gebeurd zou zijn als Sjoerd Damstra níet uit zichzelf had gebeld. ,,Dan denk ik eh... speculatief... dat hij bij de volgende herkeuring... hersenbloeding... Ik denk dat de arts had aangeraden om hem werk onder beschutte omstandigheden te laten doen. Dat werk is er niet. Dus had hij een volledige uitkering gehouden.' Dat wil zeggen: die had Sjoerd Damstra nú dan nog gehad. Maar of hij die in de nieuwe WAO (zie kader) ook zou hebben gehouden, weet Jaap den Hartog niet. ,,Moeilijk te beoordelen of iemand als hij de komende vijf jaar arbeidsongeschikt gebleven zou zijn.' Maar is hij anders gaan denken, nu hij weet dat Sjoerd Damstra wél kan werken? Jaap den Hartog: ,,Hij is een uitzondering. En eh... een uitkering toekennen is altijd gemakkelijker dan niet toekennen.'

Sjoerd Damstra herinnert zich zijn eerste werkdag op het tuincentrum nog goed. ,,Mijn vrouw kwam kijken of ik goed was aangekomen. Ik riep naar haar: Luus, dit had ik tien jaar eerder moeten doen.' Maar bij die eerste werkgever liep het niet goed af. Sjoerd Damstra zou na een paar maanden een normaal contract krijgen. De drukke voorjaarsperiode was net voorbij. De werkgever begon zich af te vragen of de nieuwe werknemer, voor wie hij nu moest gaan betalen, wel in het team paste.

Bij de volgende herkeuring, kort daarna, werd Sjoerd Damstra voor 35 tot 45 procent goedgekeurd – alleen maar omdat was gebleken dat hij wél wat kon. Maar hij kreeg geen hulp bij het zoeken naar een baan. Een paar maanden later zag hij zelf een advertentie staan, deze keer van Europatuin in Utrecht. Jaap den Hartog van het UWV schakelde het reïntegratiebureau Relan in. Iemand van Relan ging mee naar het sollicitatiegesprek en vertelde de baas van Europatuin hoeveel subsidie hij zou krijgen op het loon van Sjoerd Damstra: 25.000 gulden in drie jaar. Op 13 maart 2001 stelde de baas van Europatuin de nieuwe werknemer voor aan zijn collega's. Dit is Sjoerd Damstra, hovenier. Hij is er een tijdje uit geweest, maar hij komt er wel weer. ,,Dat vond ik geweldig', zegt Sjoerd Damstra. Hij verdient nu minder dan toen hij nog in de WAO zat. Maar het kan hem niks schelen. ,,Ik sta daar nog alle dagen te springen van plezier', zegt hij. ,,De enorme voldoening als je klanten tevreden met hun planten naar huis ziet gaan. Dat heb ik al die jaren gemist.'

Gerectificeerd

Foto

De foto bij het artikel `Een hopeloos geval – zo voelde ik me' (24 mei, pagina 2) is gemaakt door Rien Zilvold.