Bobbie ontroert

Bobbie heeft ooit een tuimelende bloempot op zijn hoofd gekregen en is sindsdien zijn spraakvermogen kwijt, bovendien lijdt hij aan geheugenverlies. Het is een bekend gegeven uit de literatuur, en niet alleen die van het toneel. Het is ook een intrigerend thema: hoe staat iemand in de wereld wiens geheugen, toch de bodem van je bestaan, is weggevallen?

Regisseur Helmert Woudenberg schreef het toneelstuk Bobbie nadrukkelijk voor mimespeler Aat Nederlof. Deze acteur met het syn-droom van Down brengt de toneelwerkelijkheid van de mentale handicap griezelig dichtbij de echte werkelijkheid. In zijn rol heeft hij een verweesde uitdrukking, zijn ogen stralen iets priemends en tegelijk afwezigs uit, zijn motoriek is stroef alsof hij scheef in het leven staat. In de Bovenzaal van de Amsterdamse Stadsschouwburg doen twee schotten, een houten tafel en stoelen dienst als decor. Minimaler kan niet. Aan acteurs daarentegen geen gebrek. Liefst twee speelsters en vier spelers, buiten Nederlof om, vertellen het verhaal van Bobbies verwarring.

Woudenberg is een man van het theater. Zijn schrijfstijl is doordrenkt van goeie vondsten. Een sterke voorliefde voor raadsels en geheimen overheerst de tekst. iedereen wil iets van Bobbie, en niemand heeft eerzame bedoelingen. Van zijn ene broer moet hij opeens Harry heten, bovendien heeft deze hem er altijd van beschuldigd het baby'tje Annebel gedood te hebben door de kinderwagen in de rivier te duwen. In een bizarre reeks invallen wordt Bobbie gearresteerd en ondervraagd terwijl hij schuldeloos is, een situatie die aan Kafka's Der Prozess doet denken.

Het contrast tussen Bobbie en de andere spelers, de moeitelozen, groeit gaandeweg de voorstelling en dat geeft een mooie spanning. Het is of Nederlofs gespeelde worsteling met de tekst en vooral zijn buiten-de-wereld-staan toeneemt naarmate de druk op zijn mentale vermogens groter wordt. Roerend is de manier waarop hij telkens een briefje tevoorschijn moet halen om te lezen dat hij een nieuwe naam heeft gekregen, Harry dus.

Toch is het niet helemaal duidelijk voor welk genre Woudenberg en zijn spelers hebben gekozen. De voorstelling koerst aanvankelijk in de richting van een psychologisch drama om vlak tegen het einde pardoes een dolle, feestelijke komedie te worden à la Marivaux waarin in luttele scènes tal van onthullingen worden gedaan. Het meisje Annebel is helemaal niet dood; zij omhelst springlevend de jongeman van haar keuze. En Bobbie krijgt de plaats onder de hoede van zijn pronte moeder, de tippelaarster Ma Brown. Aat Nederlof kan aan het eind gerustgesteld verzuchten `Happy End'. Dat klopt. Het ging plots allemaal in een ijltempo, dramaturgisch gezien vallen er wat steken. Het hindert niet. Bobbie weet de toeschouwer te raken juist daar, waar iemands geestelijke vermogens wankelen.

Voorstelling: Bobbie door Studio 5 & Theater Up. Gezien: 22/5 Bovenzaal Stadsschouwburg, Amsterdam. Aldaar t/m 31/5. Inl: 020 6242311 of www.ssba.nl.