Twee Polen ontkennen afpersen van IKEA

De twee Poolse verdachten van afpersing van het meubelconcern IKEA hebben verklaard onschuldig te zijn. De rechter bepaalde gisteren in een pro-formazitting dat er voldoende aanwijzingen zijn om de verdachten voorlopig vast te houden.

Op 4 december 2002 ontving de directie van IKEA een afpersingsbrief, die meldde dat er explosieven waren verborgen in de IKEA-vestigingen Sliedrecht, Duivendrecht en in een niet nader genoemd filiaal. De afpersers eisten 250.000 euro van de meubelgigant. Uit veiligheid sloot de directie alle Nederlandse vestigingen.

In Sliedrecht en Duivendrecht werden explosieven aangetroffen, een derde bom werd nooit gevonden. Een explosief ontplofte onverwachts en verwondde twee medewerkers van het Explosieven Opruimingscommando. De Polen zeggen niets met de zaak te maken te hebben. Wel zouden zij twee onbekende Russische mannen tegen betaling naar van Duitsland naar Duivendrecht en Sliedrecht hebben gereden. Een van de Polen zou met hen naar de beveiliging van de IKEA-filialen hebben gekeken, zonder op de hoogte te zijn van de geplande afpersing.