Een beetje terug

VAN HARMONIE in de internationale verhoudingen na de Irak-crisis is nog geen sprake, maar met enige opluchting kan wel worden geconstateerd dat de diplomatie succesvol is hervat. De Veiligheidsraad van de Verenigde Naties nam gisteren met veertien stemmen voor, nul tegen en één niet-stemmend lid (Syrië) een resolutie aan die het bestuur van Irak en opheffing van de sancties tegen dit land regelt. Indieners waren de Verenigde Staten, gesteund door Groot-Brittannië en Spanje. De afgelopen weken bleek dat het voormalige anti-oorlogskamp onder leiding van Frankrijk de stemming in de Veiligheidsraad niet op de spits wilde drijven en het `pad van de eenheid' wenste te bewandelen. Die verzoenende toon alleen al markeerde de omslag, nu dus gevolgd door de aangenomen resolutie 1483. Inhoudelijk stelt ze op kernpunten teleur, maar van belang is vooral de terugkeer naar normalisatie in het diplomatieke verkeer. Het puinruimen is begonnen, niet alleen in Irak, maar ook bij de Verenigde Naties in New York. De VN zijn weer een beetje terug in het spel, maar wel voorzien van beurse plekken en lelijke littekens.

ALLE PARTIJEN hebben bij de totstandkoming van de resolutie concessies moeten doen, ook de Verenigde Staten. `1483' spreekt zich uit over de politieke, culturele en economische wederopbouw van Irak en maakt het twaalf jaar oude sanctieregime tegen het land ongedaan, het wapenembargo uitgezonderd. Grote vraag was hoe essentieel de rol van de VN in Irak precies zou zijn. President Bush zei eerder dat de volkerenorganisatie `een essentiële rol' krijgt bij de wederopbouw. De goede verstaander begreep dat door het gebruik van het onbepaalde lidwoord Bush te kennen gaf dat de VN op het tweede plan komen.

Daaraan heeft deze resolutie niets veranderd. Washington heeft alleen concessies gedaan die het principiële standpunt – baas blijven in Irak tot de vorming van een regering – niet onderuit haalden. De wens van een aantal landen om de VN-gezant voor Irak hetzelfde gezag te geven als de Amerikaanse bewindvoerder is niet gehonoreerd. Ook is het niet gelukt een tijdslimiet te stellen voor de bezetting, die louter door haar status vroeg of laat problemen zal oproepen. Dat kan toch niet in het Amerikaanse belang zijn. Naar de letter van `1483' genomen stelt de rol van de VN in Irak weinig voor. Dat is te betreuren. Het is vaker gezegd: alleen de Verenigde Naties zijn door hun aard in staat het proces van politieke wederopbouw de benodigde legitimiteit te verschaffen. Een resolutie met een specifieke machtiging voor de VN als hoofduitvoerder van de Iraakse reconstructie was gepast geweest.

Maar militaire zeges dicteren het verloop van de internationale politiek. De wil van de overwinnaar is wet. Het is beter dat te accepteren dan te blijven lamenteren over hoe het zou moeten zijn. Talloze terecht te stellen vragen over de rechtmatigheid van de strijd en het naoorlogse bestuur, over de kennelijke afwezigheid van massavernietigingswapens, over de verdwijning van Saddam en over de huidige chaos zijn in een ander perspectief komen te staan nu het dictatoriale bewind is verjaagd. Saddam en zijn getrouwen zijn met succes onttroond – dat is het nieuwe uitgangspunt in de wereldpolitiek. `1483' is hiervan slechts een getrouwe weergave.

HET IS EEN GOEDE ZAAK dat de sancties tegen Irak worden opgeheven. De Iraakse olie kan weer gaan stromen. De opbrengst is voor de wederopbouw en moet de bevolking direct ten goede komen. Het is logisch dat vooral bedrijven uit de bezettende mogendheden hiervan profiteren. Het maakt bovendien het `pragmatische' stemgedrag in de VN van Frankrijk en Rusland begrijpelijk. De economische- en oliebelangen van Parijs en Moskou in Irak zijn groot. Een veto zou de eigen portemonnee ernstig hebben geschaad. Zó ver hoeven principes nu ook niet te worden doorgevoerd.