Bedrijven bezorgd om sars

Grote Nederlandse bedrijven zijn bij het nemen van maatregelen tegen de longziekte sars vooral bezorgd om de gezondheid van hun personeel. De bedrijven dekken zich nog niet in tegen effecten als onvervulde orders.

Dat is de conclusie van een enquête die het advocatenbureau Baker & McKenzie heeft gehouden onder de vijftig Nederlandse bedrijven met de hoogste omzet, waaronder Shell, ING, Ahold en Philips. Uit de rondvraag blijkt dat tweederde van deze bedrijven maatregelen heeft getroffen wegens sars. Zestien bedrijven onthielden zich daarvan, waarvan tien die niet actief zijn in de gebieden waar gevallen van sars geconstateerd zijn. Bij achttien bedrijven mogen de werknemers niet afreizen naar door sars geïnfecteerde gebieden, tenzij de reis essentieel is. Werknemers die terugkwamen uit besmette gebieden werden door tien bedrijven in quarantaine geplaatst.

Experts zeggen dat sars nu zijn piek heeft bereikt, maar waarschuwen dat het virus na de zomer weer de kop op kan steken, wanneer het klimaat de kans op besmetting verhoogt. Onder anderen viroloog Ab Osterhaus meent dat andere griepepidemieën in de toekomst kunnen opduiken, maar dan op een grotere schaal dan bij sars het geval was. Sars heeft tot nu toe geleid tot bijna 7.300 besmettingen en meer dan vijfhonderd doden, vooral in Azië.

Baker & McKenzie adviseert bedrijven zich meer bewust te zijn van de risico's van sars en hierop te anticiperen. Dit kan bijvoorbeeld bij contractbesprekingen met kopers, waarin wordt vastgelegd dat het bedrijf niet aansprakelijk is wanneer het een order niet kan nakomen omdat de goederen uit een besmet gebied komen. Directeur J. van Vlijmen van de Nederlandse afdeling van het advocatenbureau: ,,Sars was geen drama, is het nu ook niet, maar bedrijven moeten zich wel bewust zijn van de gevolgen''.

Sars heeft vooral gevolgen voor bedrijven die actief zijn in Oost-Azië.