Overheid laat zich niet inkrimpen

Het kabinet-Balkenende I wilde de rijksoverheid inkrimpen. Het wilde 15 procent minder uitgeven aan personeel van buiten. Het werd 19 procent meer.

Het kabinet-Balkenende had vorig jaar al de doelstelling om de rijksoverheid in te krimpen. Maar dat is niet gelukt, zo blijkt uit het gisteren verschenen Sociaal Jaarverslag Rijk 2002. Er kwamen 6.000 rijksambtenaren bij en er werd 18,9 procent meer besteed aan de inhuur van extern personeel en adviseurs.

Dit geeft aan hoe lastig het zal worden om de overheid in te krimpen. De komende jaren zal het aantal ambtenaren werkzaam bij de ministeries met circa 13.000 moeten inkrimpen, zo is in de formatie tussen CDA, VVD en D66 besloten.

Het persbericht van het ministerie van Binnenlandse Zaken van gisteren lijkt haast een statement: Groei rijksoverheid door krachtig veilgheidsbeleid, staat boven het bericht.

Ofwel: de politiek heeft vorig jaar prioriteiten gelegd bij verbetering van de veiligheid en daar zijn nu eenmaal mensen voor nodig. De politiek zal dus duidelijke keuzes moeten gaan maken.

In 2002 werden gevangenissen met 1.500 arbeidsplaatsen uitgebreid, de rechtelijke organisatie met 1.000 en inlichtendienst AIVD met 100. Het verbeteren van inspecties was ook een grote wens van politici, met name door de ramp in Enschede en de cafébrand in Volendam. Bij de inspectie van Verkeer en Waterstaat en Volksgezondheid kwamen er respectievelijk 670 en 140 arbeidsplaatsen bij.

De inhuur van externen steeg tegen de wens van het kabinet in. De doelstelling was om in 2002 15 procent minder aan personeel van buiten uit te geven, maar het werd bijna 19 procent meer. In 2001 werd 689 miljoen uitgegeven aan het externe personeel, in 2002 was dit 767 miljoen euro. Het grootste deel van dit bedrag (322 miljoen euro) wordt uitgegeven aan automatisering. Daarnaast vormen uitzendkrachten (150 miljoen), organisatieadviezen (45 miljoen) en juridische adviezen (24 miljoen) grote posten.

Het tweede paarse kabinet wilde al 5 tot 15 procent bezuinigen op externen. Dat lukte niet. Ook afgelopen jaar was er een ongewenste groei te zien.

Het was afgelopen jaar bij de begrotingsbehandeling van Binnenlandse Zaken vooral het Kamerlid De Graaf (D66) die zich over de grote groei van het beroep op externe opwondt. Hij diende hierover een motie in.

De Graaf kan vanaf volgende week als de tweede minister op Binnenlandse Zaken nu gaan proberen de inhuur van externen te beteugelen.