Duitse economie op Titanic-koers

De Duitse economie glijdt langzaam maar zeker weg. Stijgende werkloosheid, bijna nul-groei en tegenvallende belastinginkomsten. Minister van Financiën Eichel, ooit een gevierd man en `Hans van Staal' genoemd, is nu de gebeten hond.

Grote bedragen worden al snel onwerkelijk. 126 miljard euro is zo'n bedrag. Het is de som van de geschatte belastingtegenvallers in Duitsland in de komende vier jaar. Het is de helft van de uitgaven van de federale overheid in één jaar. Het is ook het zoveelste signaal dat Schröder & Co. economie en staatsfinanciën maar niet op orde krijgen.

De kerncijfers van de Duitse economie, in omvang de derde ter wereld, lezen al geruime tijd als het logboek van de Titanic. Werkloosheid 4,5 miljoen (10,7 procent). Economische groei in 2003 0,75 procent, zegt de Duitse regering. Op zijn best 0,4 procent zegt de Europese Commissie.

Eind vorige week kwamen daar nog twee alarmsignalen bij. Duitsland balanceert op de rand van recessie: stilstand in het vierde kwartaal, krimp (-0,2 procent) in de eerste drie maanden van dit jaar. Voor het derde achtereenvolgende jaar blijft de economische groei onder 1 procent, de langste flauwte van dit formaat sinds de Tweede Wereldoorlog. Financieel-specialisten becijferden bovendien dat de belastinginkomsten dramatisch zullen achterblijven bij eerdere prognoses en zeiden er alvast bij dat ook het `tekort' van 126 miljard eigenlijk te optimistisch is. Duitsland, zei de econoom en Schröder-adviseur Bert Rürup, glijdt af tot ,,een slow-motion society''.

In de misère was er de afgelopen drie jaar altijd één lichtpunt. Terwijl de binnenlandse vraag stagneerde, schoot de export omhoog – zelfs bij een krimpende wereldhandel. De sterke euro brengt nu ook nog die steunbeer in gevaar.

In zo'n land kan het niet aangenaam zijn om de staatsfinanciën te beheren. Klem tussen dalende inkomsten en stijgende uitgaven, tussen lagere belastingopbrengsten en hogere werkloosheidsuitkeringen, kan minister van Financiën Hans Eichel (SPD) niet anders dan keer op keer falen. Begrotingsevenwicht? Zou in 2004 bereikt worden, toen in 2006, nu heet het: ,,binnen dit decennium''. EU-begrotingsnorm? In 2002 niet gehaald. In 2003 niet te halen. In 2004 op zijn best onzeker. Europees Commissaris voor Economie Pedro Solbes volgt de verrichtingen van Eichel nauwgezet, maar ziet vooralsnog geen reden voor strafmaatregelen. Ondanks alles lijkt Eichel er in te slagen het structurele begrotingstekort volgend jaar met 1 procentpunt te verlagen. Om dat te bereiken moeten wel de belastingen omhoog. Hoe Eichel de nieuwe tekorten in de komende jaren wil opvangen is nog niet duidelijk.

Ooit gold Hans Eichel als potentieel opvolger van kanselier Gerhard Schröder. Dat was in de dagen van de Nieuwe Economie, in een tijd dat er dankzij de verkoop van UMTS-licenties een uniek begrotingsoverschot werd bereikt. Zijn koosnamen uit die tijd – `Hans van Staal' en `Spaarhans'– moest hij inmiddels inleveren. De oppositie eist nieuwe verkiezingen of op zijn minst een nieuw gezicht op Financiën. De dagkoers van de SPD daalt snel. In de peilingen is de regeringspartij gekrompen tot 26 procent, bij de verkiezingen in september behaalde zij nog 38,5 procent.

Zelf stuurde Eichel de leden van de coalitie afgelopen weekeinde een brandbrief waarin hij opriep het land te hervormen, op radio en tv verklaarde Eichel dat Duitsland veel te lang op te grote voet heeft geleefd.

In de internationale welvaartsvergelijkingen is Duitsland langzaam achteropgeraakt. Tot begin jaren negentig lag het inkomen per hoofd van de bevolking in (West)Duitsland ruim boven het Europees gemiddelde. Sindsdien is Duitsland, volgens OESO-cijfers, afgedaald naar het niveau van Frankrijk en Italië. In Nederland wordt per hoofd meer verdiend dan in Duitsland.

De problemen van economie en verzorgingsstaat zijn in de afgelopen twintig jaar uitvoerig geanalyseerd en gedocumenteerd. De arbeidsmarkt geldt als te bureaucratisch, arbeid als te duur. The Economist becijferde eens dat een arbeidskracht in Duitsland 13 procent duurder is dan in de Verenigde Staten en 43 procent duurder dan in Groot-Brittannië. Dat komt doordat veertig procent van de kosten van arbeid opgaan aan sociale voorzieningen.

De Duitse gezondheidszorg is te duur en te luxe. Het Duitse pensioenstelsel niet opgewassen tegen de snelle vergrijzing. De belastingen zijn te hoog en het Duitse politieke stelsel is niet ontworpen voor snelle veranderingen. De sociale verworvenheden staan in Duitsland nog steeds in hoog aanzien, maar spannen ook samen tegen vooruitgang en groei.

Hoe het eigenlijk verder moet is ook al lang bekend. De stapel drukwerk met `aandachtspunten', `recepten', `oplossingen', `wegen uit de crisis' is hoog. Steeds zijn het weer dezelfde aanbevelingen. Soepeler ontslagrecht, minder CAO-dwang, minder subsidies gecombineerd met lagere belastingtarieven, hogere eigen bijdragen en meer concurrentie in de gezondheidszorg. En: verlaging van de staatsschuld van bijna 1,3 biljoen euro.

Een deel van deze standaard-ingrediënten hebben hun weg gevonden naar Schröders omstreden hervormingspakket Agenda 2010. Vooral de verlaging van de werkloosheidsuitkering en het soepelere ontslagrecht is linkse SPD'ers en vakbondsleden een gruwel. Toch krijgt Schröder in de eigen partij steeds meer steun voor zijn aanpak en kan hij een bijzonder partijcongres over de hervormingen, op 1 juni in Berlijn, met groeiend zelfvertrouwen tegemoetzien. Tegelijk wordt ook duidelijk dat zijn Agenda 2010 slechts het begin kan zijn van een lang proces om de langzame maar gestage afkalving van de Duitse welvaart te stoppen.