Moloko oefende even in Rotterdam voor Pinkpop

Interessante podiumacts met een lange adem zijn in de dance-sector dun gezaaid. Alleen al daarom heeft het Engelse duo Moloko het een streepje voor, met muziek die ontstijgt aan de beperkingen van de triphop waartoe werden gerekend bij hun debuutalbum Do You Like My Tight Sweater (1995). Moloko maakt popmuziek in de breedste zin van het woord, met verantwoorde jazz-referenties, hitgevoelige melodieën en marktwaardige housebeats. Bandleider Mark Brydon mag zich gelukkig prijzen met zangeres Roisin Murphy, een boeiende podiumpersoonlijkheid die boven alles de lol van een popconcert weet te benadrukken. Hun verbroken persoonlijke relatie doet daaraan niets aan af, want op het recente (vierde) album Statues heeft de Moloko-sound zich verdiept, van charmante tweepersoons-computerpop tot een volwaardig bandgeluid met orkestrale uitstapjes.

Tussen een echte drummer en gitarist nam Brydon een bescheiden positie in als basgitarist, terwijl hij het instrumentale vuurwerk overliet aan toetsenman Eddie Stevens. Achter een enorme batterij toetseninstrumenten verkoos Stevens (met bolhoed) het ronkende en knorrende Hammondorgel tot favoriet. Een tweede toetsenman werd praktisch aan het gezicht onttrokken, al speelde hij toonaangevende partijen.

De strijd om het blikvangerschap was echter snel beslecht toen de hoogblonde Roisin Murphy het podium betrad. In een perfecte mix van elegant en ordinair deed ze de moonwalk op pumps met stilettohakken van vijftien centimeter, als een Cilla Black die zich plotsklaps met een jong danspubliek geconfronteerd zag. Ze danste een lompe kozakkendans en sprak als een dokwerker, maar op haar zang viel niets af te dingen. Ze kon haar stem van zwoel fluisterend laten ontaarden in een furieuze lawine van doorleefd temperament, waarin zich haar Ierse afkomst openbaarde.

Hoe serieus Moloko ook probeerde om het titelnumer van de cd Statues donker en statig te laten klinken, het bleef vrolijk en aanstekelijk. Heel Nighttown huppelde en pulseerde bij montere popsongs als Time is now en Cannot contain this, een hedendaagse variant op de psychedelische soul van The Temptations ten tijde van Papa was a rolling stone.

Hoewel Moloko's Hammondblues met dansbeats in een dampende club als Nighttown pas echt tot recht kwam, namen ze een voorschot op Pinkpop door een afgepaste show op festivallengte weg te geven. Veel te snel verdwenen ze na iets langer dan een uur van het podium. Bij de slome toegift Over & over werd een blik violen opengetrokken, waarbij de lollige Stevens een uit het niets opdoemend orkest dirigeerde. Roisin Murphy keerde terug in een vorstelijke cape, alsof ze zojuist een James Brown-achtige prestatie had geleverd. Als ze in aanmerking wil komen voor de titel `Hardest working woman in showbizz', had het wat langer mogen duren.

Moloko. Gehoord: 17/5 Nighttown, Rotterdam. Herh.: 25/5 Virusfestival Eindhoven; 9/6 Pinkpop Landgraaf.