Vrije Schoolkeuze 2

Robert Sikkes stelt zich op als warm pleitbezorger voor de vrije schoolkeus van ouders. Hij projecteert dit pleidooi op de politieke en maatschappelijke bespiegelingen die er zijn over de onwenselijkheid van witte en zwarte scholen.

Zijn centrale stelling `tast de vrije schoolkeuze niet aan' vindt brede steun in de maatschappij. Maar niet als de vrije schoolkeus met de vrijheid van onderwijs wordt verward.

Met artikel 23 wordt bedoeld de vrijheid van onderwijsgevenden. Daarmee is de vrije keuze van ouders en leerlingen niet gewaarborgd. Het lijkt alsof vrije vestiging van scholen een breed aanbod en dus een brede keus zal garanderen.

Maar zo `vrij' is die vestiging niet, zeker niet vanuit het perspectief van ouders. Eén van de bezwaren die je tegen artikel 23 van de Grondwet kunt hebben, is dat dit artikel niet over ouders gaat, noch over de vrije schoolkeus. De keuze van ouders voor een school is niet meer dan een wens. Er is geen `recht op toelating' of acceptatieplicht. Niet de keuzevrijheid van ouders, maar juist artikel 23 biedt expliciet de mogelijkheden tot het weren van `vreemden'. Het is een grondrecht van scholen om dat te doen.

Die scheiding aan de poort die hieruit ontstaat ligt veel subtieler dan in een scheiding van zwart en wit. Het treft hoogbegaafden, zwakbegaafden, gehandicapten, kinderen met gedragsproblemen enzovoort. Hoewel niet is gevonden dat de vrijheid van onderwijs veroorzaker van segregatie is, is het wel de basis voor wetgeving die bepaalt dat niet de keuze van de ouder, maar het bevoegd gezag over toelating beslist. De school mag `nee' zeggen tegen een aanmelding.

Op grond waarvan dat wel of niet mag, is kiezende ouders allerminst duidelijk. Als het om vrije schoolkeus gaat, dan kunnen we beslist zonder artikel 23 van de Grondwet.

De gedachte dat ons onderwijsbestel van beleids-, wets- en overheidswege segregatie in de hand werkt, vloeit vrij logisch voort uit het feit dat ouders aan de ene kant de plicht hebben een school te kiezen, terwijl scholen aan de andere kant het recht hebben acceptatie te weigeren.

Wie durft tegen de ouders van leerlingen die op een slecht functionerende zwarte of witte school zitten, of zelfs zonder onderwijs thuis zijn omdat geen school ze wil hebben, te zeggen dat dat het gevolg is van hun `vrije keuze'?