Vrees niet, 60-plussers!

De plannen van het beoogde kabinet zijn met de gebruikelijke afkeuring ontvangen. Bijvoorbeeld door iedereen die er belang bij heeft dat Nederlanders massaal blijven lenen voor een huis. De woningmarkt raakt verstoord door de voorgestelde beperking van de renteaftrek, beweren de critici. Nu is die markt al jaren op drift door de veel te hoge prijzen, waar die critici van profiteren, dus een verstoring gevolgd door lagere prijzen komt de kopers goed uit. Het is maar van welke kant je het bekijkt.

Waar gaat het om? Het kabinet wil dat mensen die hun huis met een overwaarde (verkoopwaarde minus schuld) verkopen, de opbrengst in hun eventuele nieuwe koophuis stoppen. Dus geen maximale, fiscaal toelaatbare hypotheek voor het nieuwe huis, maar een lagere lening. De overwaarde gaat in de stenen en niet in een sexy (beleggings)constructie. Wie toch maximaal wil lenen - er is geen wet die dit verbiedt - mag minder rente aftrekken. Zo bespaart de overheid de voor haar nadelige renteaftrek.

Hoe dit straks in de (fiscale) praktijk geregeld wordt, is nog niet bekend. Een regeerakkoord is immers een ruwe opsomming van goede en kwade bedoelingen, die niet getoetst zijn aan de praktijk en de politiek. Dat geldt ook voor de punten over de rentebeperking. Niet alle kopers worden er trouwens door benadeeld, zoals blijkt uit het volgende voorbeeld. Zó kan het worden: een echtpaar 60-plussers woont in een riant huis, zonder hypotheekschuld. Die woning willen ze straks verkopen en daarna een goedkoper appartement kopen, met 100.000 euro aan hypotheek. De verkoopopbrengst is hun overwaarde. Hun pensioen is zeer beperkt, omdat al hun geld in het huidige huis zit.

De verzilverde overwaarde bedraagt meer dan de koopprijs van het appartement. Met de opbrengst van de verkoop willen ze plezierig gaan leven. Het kabinet haalt echter een streep door hun plan, omdat ze de rente niet mogen aftrekken. Zijn de zorgen van het paar terecht? Dat moet nog blijken. Misschien weerhoudt de maatregel die twee zelfs van een verkeerde beslissing, want een hypotheek is geen rijk bezit.

Reken even mee: de straks 65-plussers met een gering inkomen in box 1 vallen in de laagste twee belastingschijven van 15 procent, voor een inkomen tot en met 15.883 euro, en 20,5 procent van 15.884 tot en met 28.850 euro. De twee zitten tegen die 28.850 aan. Stel dat ze tegen 4 procent de 100.000 euro voor hun huis aflossingsvrij kunnen lenen, wat niet zo vanzelfsprekend is gezien hun inkomen en leeftijd. Op zich is dat lenen om te consumeren, en niet om te investeren, wat geen verstandige strategie is, en in strijd met het kabinetsbeleid. Je moet immers een keer aflossen, maar je bouwt niets op met het geleende geld, wat leners graag over het hoofd zien.

De van het belastbare inkomen aftrekbare rente bedraagt 4.000 euro (4 procent van 100.000). Die trek je af van de top van je inkomen. Hier in het 20,5 procent tarief. De fiscus subsidieert dus 20,5 procent van die 4.000 euro rente, of 820 gulden. Het echtpaar betaalt dan 3.180 euro zelf, circa 14 procent van hun netto inkomen, na betaling van belasting.

Aan die 4 procent rente draagt de fiscus 0,82 procent bij; 20,5 procent van 4 procent. Stel dat de familie in box 3 een bedrag van 100.000 euro bezit, boven het heffingsvrije vermogen en de vrijstellingen. Over die ton (evenveel als de hypotheek) betalen ze de heffing van 1,2 procent aan de overheid. De fiscus geeft aan deze burgers dus 0,82 procent via de hypotheek en neemt 1,2 procent in box 3. Een voordelige ruil van 0,38 procent, voor de fiscus.

Maar straks? Dan mag je de verzilverde overwaarde niet langer benutten voor een extra renteaftrek. Wat dan, als je niet wilt lenen en zo leningskosten wilt besparen? Je hevelt de ton in box 3 over naar je huis door er de aanschaf mee te betalen. De fiscus bespaart dan 0,82 procent hypotheekrentesubsidie, maar loopt de 1,2 procent heffing uit box 3 mis, want dat vermogen zit in het huis. Dat is voor de huiskoper een voordelige ruil van 0,38 procent. En er zit meer in het vat. Wie zijn hypotheek heeft afgelost, of geen hypotheek heeft, hoeft het eigenwoningforfait straks niet langer bij zijn inkomen te tellen. Deze 60-plussers hoeven dus niet te vrezen, want ze zijn voordeliger uit zonder hypotheek.