Saving Private Lynch, de arthouse-versie

God bless Jessica Lynch! Jessica Lynch, het negentienjarige blonde, blauwogige icoon van Golfoorlog Twee, de eerste Amerikaanse krijgsgevangene sinds de Tweede Wereldoorlog die uit vijandig gebied is bevrijd. Net toen het thuisfront begon te morren, kwam daar als een godsgeschenk het nieuws over de wonderbaarlijke bevrijding van deze all-American heldin. Nu kon het hele land de gruizige beelden zien van haar riskante, heroïsche bevrijding door Amerikaanse elitetroepen, die zich een weg schoten het ziekenhuis in en de frêle blondine op een met de stars and stripes bedekte stretcher afvoerden per Black Hawk helikopter. Geen wonder dus dat de televisiekanalen geen genoeg konden krijgen van `de vrouw die het aanzien van deze oorlog heeft veranderd', zoals een presentator haar omschreef. En geen wonder dus dat Mohammed Odeh al-Rehaief 500.000 dollar kreeg aangeboden.

Wie?

Mohammed Odeh al-Rehaief is de 33-jarige Iraakse advocaat die met gevaar voor eigen leven de Amerikanen naar het ziekenhuis in Nasiriya geleid zou hebben waar Lynch lag. Hij werd na de reddingsactie samen met zijn gezin in alle haast overgebracht naar de Verenigde Staten en kreeg daar binnen een paar weken politiek asiel, een baan bij een consultancybureau van een republikeinse Senator, en, zo werd afgelopen week bekend, een boekcontract van een half miljoen dollar bij uitgever HarperCollins. Want Jessica Lynch kan zich niets kan herinneren van haar verblijf in het Iraakse ziekenhuis, noch van de reddingsactie. Volgens de dokters zal dat zo blijven. Al-Rehaief daarentegen heeft een prachtig heldhaftig verhaal, en nog politiek correct ook: `Je krijgt eindelijk een Iraakse hoofdpersoon die zijn verhaal doet, en, beter nog, het gaat over de redding van een Amerikaan,' zei een redacteur van HarperCollins. De advocaat had naar eigen zeggen gezien hoe Lynch werd mishandeld door haar bewakers, toen hij toevallig in het ziekenhuis zijn vrouw, een verpleegster, opzocht. Hij besloot het frele blonde meisje te redden en liep zes mijl door `Ambush Alley' naar de Amerikaanse mariniers om ze van zijn ontdekking op de hoogte te stellen. Zijn boek, dat met een co-auteur zal worden geschreven, en ongetwijfeld binnen de kortste keren gaat worden verfilmd, draagt de werktitel `Rescue in Nasiriya: The Untold Story of American P.O.W. Jessica Lynch's Harrowing Ordeal and the Iraqi Who Risked Everything to Save Her.' De auteurs worden bijgestaan door een team van researchers die de gaten in Al-Rehaiefs verhaal moeten aanvullen.

Gaten? Ja, Al-Rehaief was er tenslotte niet van het begin tot het eind bij, zegt de uitgever. Dat nog geen enkele onafhankelijke bron het verhaal van Al-Rehaief heeft kunnen bevestigen, doet voor HarperCollins minder ter zake. En waarom niet wat `researchers' ingeschakeld, die de rest kunnen invullen? Ieder zijn eigen oorlog, en de winnende partij schrijft nu eenmaal de geschiedenis. Maar dan wil ik hier toch even een ander scenario onder de aandacht brengen, een dat het waarschijnlijk een stuk beter zal doen bij een internationaal filmpubliek dan de Hollywoodversie die nu al in de maak is. Een paar weken geleden interviewde een journalist van de Britse Times, artsen in Nasiriya en andere mensen ter plekke en kwam terug met met een heel ander verhaal. Dit wordt nu aanstaande zondag om kwart over acht nog eens dunnetjes overgedaan door het documentaireprogramma Correspondent van BBC 2. `Wat de Amerikanen vertellen is als het verhaal van Sinbad de Zeeman - het is een mythe,' vertelde dokter Harith al-Houssona de Britse journalisten. Toen Lynch dreigde te worden overgebracht naar een ander ziekenhuis gaf Al-Houssona de ambulance de opdracht om haar naar een Amerikaanse controlepost te brengen. De Amerikanen openden echter het vuur, en ze konden nog maar net wegkomen. Vervolgens werden Amerikaanse soldaten gesignaleerd in een plaatselijk restaurant, waar ze vroegen of er nog bewakers in het ziekenhuis waren. Ober Hassam Hamoud vertelde dat alle Feyadeen waren vertrokken. De avond erop vielen zwaarbewapende, in het rond schietende commando's met helikopters, tanks, en een draaiende filmcamera het ziekenhuis binnen, waar ze doodsbange artsen ondervroegen, een verlamde patient die aan een infuus hing in de handboeien sloegen, bedden opensneden en tenslotte de kamer van Lynch binnenstormden en haar per stretcher afvoerden.

`We waren stomverbaasd,' vertelde dokter Anmar Uday. `Waarom zouden ze dit doen? Er waren geen militairen, geen soldaten in het ziekenhuis. Het was als een Hollywoodfilm. Ze schreeuwden 'Go, go, go', met pistolen en losse flodders en het geluid van explosieven. Ze maakten er een show van, een actiefilm zoals van Sylvester Stallone of Jackie Chan.'

Ikzelf had eigenlijk eerder een verfilming door Quentin Tarantino in gedachten, met als verrassende hoofdrolspeelster de blonde, niet al te slimme maar wel all-American Britney Spears. Onder de commando's zouden zich zeker Leonardo diCaprio en Brad Pitt moeten bevinden, met als hun strenge commandant Tim Roth. Een paar hoogtepunten:

Twee zich stierlijk vervelende soldaten bij een bewakingspost, druk in gesprek over de respectievelijke merites van Playboy en Penthouse. In de verte doemt een ambulance op. `What the fuck's this?' De jongens hebben nog geen enkele actie gezien, en schieten dankbaar hun wapens leeg op de naderende ziekenwagen.

Een groezelig restaurant in Nasiriya, waar Brad en Leonardo een oeverloos gesprek voeren over wat mensen in Bagdad op hun kebab eten.

De bestorming van het onbewaakte ziekenhuis, met veel lawaai, rondspattend plasma en losgetrokken infusen. `Hold it right there, motherfucker,' zegt Brad tegen de dokter die een stethoscoop ophoudt. Ondertussen dringt Leonardo de kamer van Jessica binnen: `Jessica Lynch! We are United States soldiers and we're here to protect you and take you home.' Jessica kruipt weg onder haar laken.

Ik zou nog even door kunnen gaan, maar ik moet ook aan mijn auteursrechten denken. En zou ik dan nu alsjeblieft mijn 500.000 dollar in ontvangst kunnen nemen?