Prijsstijging in VS kleinst sinds 1966

De inflatie in de Verenigde Staten neemt snel af. In april kwam de zogeheten kerninflatie, zonder de invloed van voedsel- en energieprijzen, terecht op 1,5 procent. Dat is het laagste niveau sinds 1966.

De gestage daling van de inflatie wakkerde gisteren op de financiële markten de vrees aan dat de VS terecht komen in een periode van deflatie. Van maand op maand daalden de prijzen in april veel sterker dan verwacht met 0,3 procent. De kern-inflatie kwam voor de tweede achtereenvolgende maand uit op 0 procent.

De Amerikaanse centrale banken maakten vorige week voor het eerst gewag van het risico van een ,,onwelkome substantiële val'' van de inflatie in de VS. Centrale banken behoeden de economie normaliter voor een te hoge inflatie, maar de kans dat de prijsstijging juist te langzaam gaat, of omslaat in een daling van de prijzen (deflatie) wordt de laatste maanden gering, maar wel steeds groter geacht. Ook de Europese Centrale Bank meldde vorige week uitdrukkelijk beducht te zijn voor een al te grote val van de inflatie in de Eurozone. Daar ligt de gemiddelde inflatie nu nog rond de 2 procent, maar de inflatie in Duitsland bedraagt al minder dan 1 procent.

Deflatie wordt als gevaarlijk beschouwd voor de economie, omdat een structurele daling van de prijzen onder meer kan leiden tot een stijging van de reële schulden van bedrijven en consumenten en uigesteld bestedingsgedrag. Omdat centrale banken hun rentes niet onder nul kunnen laten dalen, valt hun vermogen om de economie te stimuleren in het geval van deflatie goeddeels weg. In Japan dalen de prijzen per saldo nu al een aantal jaren achtereen, bij een hardnekkig stagnerende economie. De rente van de centrale bank van Japan staat al anderhalf jaar op nul.

Op de valutamarkt kelderde de koers van de Amerikaanse dollar gisteren met bijna anderhalve cent ten opzichte van de euro, tot rond de 1,1550 dollar per euro. Handelaren houden er rekening mee dat de Amerikaanse centrale bank paardenmiddelen inzet om te voorkomen dat er deflatie optreedt. Daaronder vallen niet alleen verdere renteverlagingen vanaf het huidige, al uiterst lage, niveau van 1,25 procent. Ook andere acties van de centrale bank, die neerkomen op het pompen van extra dollars in het financiële systeem, worden op de valutamarkt niet uitgesloten.