Kind in eigen wijk op school

Nijmeegse kinderen moeten in de toekomst in hun eigen wijk naar de basisschool. De scholen willen op die manier voorkomen dat er `witte' en `zwarte' scholen ontstaan of scholen met voornamelijk kinderen van hoog- of laagopgeleide ouders. Ook moet er een evenredige verdeling in het aantal leerlingen komen. Sommige scholen kampen met een te gering, andere met een te groot aantal leerlingen.

Nijmegen wordt voor dit doel opgedeeld in zeven stadsgebieden. De scholen hebben afgesproken dat zij geen leerlingen uit andere stadsdelen accepteren. Uitzonderingen worden alleen gemaakt voor ouders die bijvoorbeeld al kinderen op een school in een ander stadsdeel hebben, of in verband met hun werksituatie gekozen hebben voor een school buiten hun eigen wijk. Verzoeken van ouders die een uitzondering op de regel willen, worden beoordeeld door een onafhankelijke commissie. De afspraak geldt niet voor scholen die geen directe wijkfunctie hebben, zoals de Montessorischool.

Het college van B en W staat achter de maatregel. Onderzocht is dat 43 procent van de basisschoolkinderen in Nijmegen buiten de eigen wijk naar school gaat. Hierdoor ontstaat er minder binding met de eigen wijk. Het komend jaar worden er in de verschillende stadsgebieden discussiebijeenkomsten gehouden om met (toekomstige) ouders te praten over de noodzaak van betere spreiding.

Van de 36 basisscholen in Nijmegen zijn er acht `zwart' – meer dan 50 procent van de leerlingen is van allochtone afkomst. Ook zijn er scholen met een sociaal-economische segregatie; de leerlingen zijn met name afkomstig van laagopgeleide ouders.