Kabinetsmotto: Meedoen, meer werk, minder regels

Letterlijke tekst van de inleiding van het ontwerp-regeerakkoord van het kabinet-Balkenende II.

,,De burgers zijn zich meer dan ooit bewust van de gebreken die onze samenleving vertoont en van de noodzaak de kwaliteit van onze democratie, de publieke dienstverlening, de veiligheid, het onderwijs en de zorg te verbeteren. Tegelijkertijd is de economische en budgettaire situatie van ons land dramatisch slechter geworden. Het nieuwe kabinet wil daarom hard aan de slag voor een beter Nederland. Ondanks economische tegenwind moet er flink vooruitgang worden geboekt in het oplossen van problemen waarmee de samenleving kampt.

Het kabinet zet zich in voor een sterke economie, een slagvaardige overheid, een betere democratie en een veilige samenleving. Daartoe zal beleid worden gevoerd om de concurrentiekracht van Nederland te herstellen, regelzucht en bureaucratie te verminderen, de verantwoordelijkheid en zeggenschap van burgers en samenleving te versterken en veiligheid te waarborgen. Dit kan het kabinet niet alleen. Aan het oplossen van de problemen van de Nederlandse samenleving zal iedereen naar vermogen en draagkracht moeten bijdragen.

Om dit te realiseren moet iedereen meedoen. Met werk, met vrijwilligersactiviteiten, in het verenigingsleven, op school en in de buurt. Meedoen betekent niet alles van een ander of van de overheid verwachten, maar zelf verantwoordelijkheid nemen. De overheid heeft te lang gedacht dat door steeds meer regels te maken Nederland er beter voor komt te staan. Dat blijkt echter niet te werken. Mensen kunnen veel zelf als zij daarvoor de vrijheid krijgen: als ondernemer, als werknemer, als docent, agent, verpleger of opvoeder. En als kiezer.

De vitale rol van het onderwijs voor onze samenleving moet worden versterkt. Onderwijs en kennis vormen de basis voor economische kracht, eigen verantwoordelijkheid en saamhorigheid. Onderwijs is ook een belangrijke plaats voor het doorgeven van Nederlandse waarden en normen, die voorwaarde zijn voor succesvolle integratie in de samenleving.

De krapte op de arbeidsmarkt heeft geleid tot oplopende loonstijgingen en tot een verslechtering van de concurrentiepositie. Met de negatieve internationale economische ontwikkeling worden de gevolgen zichtbaar in afnemende economische groei, toenemende ontslagen en oplopende werkloosheid. Bovendien exploderen de kosten van de gezondheidszorg. De begroting vertoont op dit moment weer oplopende tekorten. De problemen zijn niet alleen van tijdelijke, maar ook van structurele aard. Onze concurrentiepositie is fors verzwakt. Ook de stijgende kosten van de vergrijzing van de bevolking vragen om een houdbare oplossing.

Het kabinet wil de economische kracht en de concurrentiepositie van Nederland herstellen door werkgelegenheid en arbeidsparticipatie te bevorderen, de kwaliteit van onderwijs en wetenschap te verbeteren, mobiliteit mogelijk te maken en de tekorten op de begroting weg te werken. Dit alles binnen de grenzen van draagkracht en duurzaamheid.

De mensen klagen over de kwaliteit van de publieke dienstverlening. Zij voelen een te grote afstand tussen overheid en burger. Wachten in de zorg, op de trein en in de file, gevoelens van onveiligheid, beperkte openingstijden van overheidsdiensten, bureaucratie, de kwaliteit van het onderwijs, overdadige regelgeving: het zijn gespreksonderwerpen waar veel ergernis aan te pas komt. Hoewel de afgelopen jaren veel extra financiële middelen ter beschikking zijn gekomen voor allerlei publieke diensten, leidde dit niet tot een noemenswaardige toeneming van de tevredenheid. Het tegendeel lijkt eerder het geval.

Bovenmatig ziekteverzuim, bureaucratie, veel en gedetailleerde rijksregels, te veel aandacht voor beleid maken en te weinig voor de uitvoering daarvan, een ingewikkeld oerwoud van subsidies, gebrek aan handhaving: het zijn allemaal signalen van een overheid die minder doeltreffend en doelmatig is dan gewenst. Ook zonder extra geld kan beter worden gepresteerd.

De slagvaardige overheid moet zich kenmerken door minder bureaucratie en regelzucht, concrete beleidsdoelstellingen, een voortvarende aanpak van langslepende problemen en herstel van de verantwoordelijkheden van de samenleving. Versterking van het representatieve karakter van de democratie, meer rechtstreekse invloed van de burger en bestuurlijke vernieuwing moeten de afstand tussen kiezer en gekozene verkleinen.

De samenleving wordt ondertussen als steeds onpersoonlijker en onveiliger ervaren. Respect en fatsoen zijn niet zelden ver te zoeken. De publieke ruimte lijkt van niemand en in grote steden vertaalt een gebrekkige integratie zich in eenzijdig samengestelde wijken.

De kerntaak van de overheid, het waarborgen van veiligheid, moet worden waargemaakt. Daartoe moeten criminaliteit en vandalisme harder worden aangepakt, maar moet er ook veel meer energie worden gestoken in preventie, verantwoordelijkheid van mensen zelf en overdracht van waarden en normen. Naleving is primair, zichtbaar en merkbaar toezicht daarvoor voorwaarde, handhaving is sluitstuk. Daarmee opent zich een perspectief op een samenleving die wordt gekenmerkt door respect voor elkaar en tolerantie.

Deze doelstellingen en de financiële basis daarvoor zijn neergelegd in dit hoofdlijnenakkoord. De democratie en het dualisme tussen regering en Staten-Generaal worden versterkt door deze programgrondslag te beperken tot hoofdlijnen. In de regeringsverklaring en in een op de derde dinsdag van september uit te brengen beleidsprogramma zal het te voeren regeringsbeleid nader worden uiteengezet, in het vertrouwen dat op basis daarvan met de Staten-Generaal een beleid tot stand zal worden gebracht dat onze samenleving de komende vier jaren nodig heeft.''