Het gevoel van veiligheid

Rotterdam is de bakermat van preventief fouilleren. Na de eerste scepsis heerst nu tevredenheid, al is de oogst aan gevonden wapens vooralsnog niet erg spectaculair.

GroenLinks-gemeenteraadslid Bea Kruse is gerustgesteld. Wanneer haar collega Gerard Dorsman van Leefbaar Rotterdam tegen haar zegt dat ,,het er goed uitziet'', beaamt ze het volmondig: ,,Meneer Dorsman, het gaat príma.''

Het is vrijdagnacht half één. In de Delftsestraat achter het Weena in Rotterdam staan de twee gemeenteraadsleden te kijken hoe vijf agenten preventief fouilleren: ze stoppen alle auto's, fouilleren blank en zwart, openen elke kofferbak en vragen niet-bestuurders pas om identificatie als ze een wapen vinden. Is dat niet het geval, dan bedanken ze voor de medewerking, ,,prettige avond nog''.

Gemeenteraadsleden die toekijken wanneer de politie preventief fouilleert: het is niet ongebruikelijk in de stad. Burgemeester Ivo Opstelten riep ze er een tijdje terug zelfs toe op, tijdens de bespreking in de commissie bestuur en veiligheid van de eerste evaluatie van het fouilleren: ,,De politie zal het zeker waarderen'', suggereerde hij.

In elk geval moet het de argwaan verminderen die met name de linkse partijen hebben tegen dit nieuwe, onorthodoxe middel om de veiligheid in de stad te vergroten. Weliswaar wordt er intussen in meer steden preventief gefouilleerd, maar in het Rotterdam van Leefbaar Rotterdam, CDA en VVD gebeurde het wel het eerst. En gebeurt het nog steeds het vaakst.

De stad is de bakermat van het preventief fouilleren: de bevoegdheid die de politie sinds september heeft om in een bepaald, door de burgemeester aangewezen gebied ,,vervoermiddelen te onderzoeken, een ieder aan de kleding te onderzoeken en te vorderen dat verpakkingen die men bij zich draagt worden geopend''.

De wetsartikelen die dit mogelijk maken, zijn te danken aan een uitgebreide lobby van de stad, die werd ingezet na een schietpartij in de metro, nu vijf jaar geleden. Vier jaar geleden mocht de stad er van het rijk ermee experimenteren. Dat gebeurde in de Millinxbuurt. De proef werd door de rechter toen nog beoordeeld als `onrechtmatig'.

Maar bakermat of niet, bij het debat in de gemeenteraad dat nodig was omdat de raad de burgemeester toestemming geeft `veiligheidsrisicogebieden' aan te wijzen, heerste scepsis. Niet bij CDA, VVD en Leefbaar Rotterdam. Of, zoals Gerard Dorsman namens die laatste partij tijdens het debat zei: ,,Wij verzoeken de burgemeester er geen al te terughoudend gebruik van te maken. Wij horen namelijk van burgers dat zij het juist prettig vinden dat de politie zichtbaar controleert wat dat betreft komen mijn fractiegenoten en ik kennelijk andere burgers tegen dan sommige andere leden van deze raad. Ikzelf zal de eerste zijn die zich laat fouilleren als dat de veiligheid in de stad kan bevorderen.''

Die terughoudendheid was er vooral bij de partijen aan de linkerkant van het politieke spectrum: PvdA, SP, GroenLinks. Verwoord door Bea Kruse tijdens het debat: ,,Fouilleren is niet iets dat men zomaar doet, want de individuele verdenking wordt hier losgelaten. Misschien vindt de heer Dorsman dat niet erg. Maar er zijn mensen die daar anders over denken.'' Deze partijen waren bang voor stigmatisering van bepaalde wijken en bevolkingsgroepen, voor een onevenredige inzet van de politie en voor het niet goed kunnen meten van de resultaten.

Al deze onderwerpen komen ter sprake in Dat ieder menschenkind het hoort: Ontwapen hen! Ontwapen!, het eerste evaluatierapport van het preventief fouilleren in de stad (de dichtregel komt uit C.S. Adama van Scheltema's Te Wapen). Volgens het rapport is van stigmatiseren geen sprake. Weliswaar worden er relatief veel allochtonen gecontroleerd, ,,maar dat hangt samen met de bevolkingssamenstelling in de aangewezen gebieden''. Wel worden agenten naar aanleiding van de suggestie van discrimatie in een tv-programma ,,tijdens de briefings nog nadrukkelijker dan voorheen gewezen op de a-selectieve steekproeven die genomen moeten worden''. Klachten over (vermeende) discriminatie zijn er vrijwel niet: drie tot nu toe.

Anderzijds was de inzet van de politie in het begin inderdaad aan de grootschalige kant: ,,Het bevriezen van een deel van het publieke domein bleek veel inzet te kosten en operationeel gezien bewerkelijk te zijn.'' Daarom wordt er nu gewerkt in kleine groepjes van een stuk of vier, vijf agenten die niet een heel gebied afzetten, maar alleen op een bepaalde plek in dat gebied mensen en auto's aanhouden.

En dan de resultaten. Die zijn ,,zo vlug na de acties moeilijk te beoordelen'', aldus de evaluatie. Natuurlijk wordt er een optelsom gemaakt van alle in beslag genomen wapens: vuurwapens, slagwapens en vooral steekwapens, tot nu toe enkele honderden. Het zijn wapens in de zin van de wet: alleen bij een bepaalde afmeting, en gedragen op een bepaalde plek, kunnen ze worden ingenomen. Dat betekent: niet een honkbalknuppel in een sporttas met honkbalkleren, wel een Zwitsers zakmes in een jaszak onder handbereik.

Maar ook al vindt het college dat ,,elk in beslag genomen wapen er één is'' (de burgemeester bij de bespreking van de evaluatie), dat wil niet zeggen dat de in beslag genomen wapens anders zouden zijn gebruikt bij een roofoverval of in een straatgevecht. Een trendbreuk in het aantal gewelds- en wapenincidenten is in elk geval nog niet zichtbaar, al stijgen de meldingen ook niet.

Het neemt niet weg dat het college tevreden is: het publiek heeft tijdens de acties ,,positief tot enthousiast gereageerd'' en onder de bevolking en in de media zouden zelfs al stemmen opgaan voor nog meer bevoegdheden voor de politie. Fouilleren op scholen en in het openbaar vervoer bijvoorbeeld. Daar is volgens de evaluatie geen directe aanleiding toe, maar ,,de noodzaak, wenselijkheid en operationele uitvoerbaarheid van een en ander'' zullen de komende tijd wel worden bestudeerd.

Deze vrijdagnacht houden Bea Kruse en Gerard Dorsman het tegen een uur of één voor gezien: het fouilleren verloopt naar wens (Kruse tegen de agenten: ,,Jullie vinden het geloof ik ook wel stoer. Een beetje Amerikaans''). De agenten gaan voor een korte pauze (,,een kopje koffie drinken, ook belangrijk'') naar het bureau. De actie, twee nachten lang van elf uur 's avonds tot zes uur 's morgens, zal uiteindelijk 2 vuurwapens,

6 slagwapens en 36 steekwapens opleveren. Er zijn dan 313 auto's aangehouden, 928 mensen gefouilleerd en 44 mensen gearresteerd.