Daadkracht en dualisme

Het is nog altijd niet het ooit door CDA-leider Balkenende beloofde A-viertje, maar het gisteren gepresenteerde regeerakkoord van CDA, VVD en D66 doet met veertien pagina's toch weldadig kort aan. Tegelijkertijd kent het gepresenteerde programma een van de meest omvangrijke bezuinigingspakketten dat door een naoorlogs kabinet is gepresenteerd. Het woord mager ontbreekt opvallend in het allitererende motto `Meedoen, meer werk, minder regels'.

Saneren is onmiskenbaar de belangrijkste opdracht die de nieuwe coalitie voor zichzelf ziet weggelegd. Daar is het regeerakkoord, afgezien van de titel, gelukkig ook heel eerlijk over. Er zijn, in tegenstelling tot vorige kabinetten, geen pogingen ondernomen om de talloze pijnlijke maatregelen te neutralisen met mooi klinkende maar geen geld kostende beloften. Het regeerakkoord is bovenal een bezuinigingsakkoord.

Ondanks de omvangrijke bezuinigingen van 13,1 miljard euro (waar extra uitgaven van 3,4 miljard tegenover staan) zal er over vier jaar nog altijd sprake zijn van een financieringstekort. Het toont nog eens de ernst van de situatie aan. Een politiek gegeven is dat het CDA in de mislukte formatieronde met het PvdA over ongeveer dezelfde bedragen sprak. Het debat zal de komende tijd dan ook niet gaan over de noodzaak van de maatregelen, maar over de verdeling van de pijn.

Wat dit laatste betreft, oogt het pakket van CDA, VVD en D66 tamelijk evenwichtig. Niemand wordt gespaard. De grootste bezuinigingsbedragen zijn gevonden in een voorgenomen beperking van ambtenarensalarissen en uitkeringen. Hierdoor komt ook de koppeling tussen lonen en uitkeringen onder druk. Maar gezien de ontwikkelingen in het bedrijfsleven is ook in die sector alle reden voor loonmatiging. De belangrijkste reden dat Nederland de afgelopen jaren binnen Europa achterop raakte, is de forse loonstijging die zich haast ongemerkt over de hele linie heeft voltrokken. Daarvoor wordt nu de prijs betaald.

Het bezuinigingsprogramma is ook ambitieus. Voordat de nu aan het papier toevertouwde maatregelen werkelijkheid zijn geworden, moeten heel wat hobbels worden genomen. Te denken valt bijvoorbeeld aan de plannen om het recht op de WW en de WAO te beperken en het voornemen een eigen risico van 200 euro per volwassene in het ziekenfonds te introduceren. Het recente verleden heeft laten zien hoeveel maatschappelijk verzet dergelijke voornemens hebben opgeroepen. Maar met een verwijzing naar de economische werkelijkheid kan het kabinet niet anders dan de rug recht houden.

Op het niet-financiële vlak is het regeerakkoord van de drie aanstaande coalitiepartijen bescheiden. In grote lijnen is het een voortzetting van het het eerste kabinet-Balkenende. Terecht is extra accent gegeven aan onderwijs. De 700 miljoen euro die er tot 2007 bijkomen, zijn een noodzakelijke en verantwoorde toekomstinvestering. Hoopvol is de aankondiging dat het kabinet de vorming van steeds grotere scholen wil proberen af te remmen.

Voorts zal het nieuwe kabinet iets moeten laten zien op het terrein van de bestuurlijke vernieuwing. Met een herziening van het kiesstelsel, waardoor het mandaat van individuele volksvertegenwoordigers vergroot zal worden, denkt de nieuwe coalitie een ,,belangrijke bijdrage'' te kunnen leveren aan versterking van de democratie. Het is de vraag of hiermee een antwoord wordt gegeven op het publieke ongenoegen tegenover `Den Haag' dat vorig jaar met de komst van Pim Fortuyn zo manifest werd.

Ook in dit regeerakkoord worden even warme als paradoxale woorden gewijd aan het dualisme. Een regeerakkoord met afspraken die een meerderheid van het parlement binden, is immers per definitie een inperking van de onafhankelijke positie van parlementariërs en strijdig met het dualisme. Dit geldt al helemaal voor een coalitie die slechts kan rekenen op een meerderheid van drie zetels en zich dus nauwelijks dissidenten kan veroorloven.

Het eerste kabinet-Lubbers, dat aan het begin van de jaren tachtig een naar omvang ongeveer vergelijkbaar bezuinigingspakket presenteerde, kon dit realiseren door de twee regeringspartijen in hoge mate te disciplineren. Het aanstaande kabinet van CDA, VVD en D66 wacht met zijn streven naar meer dualisme de zware, zo niet onmogelijke opgave aan te tonen dat het ook anders kan.