Liquidatie in Amsterdam

Een 57-jarige Joegoslaaf is vanochtend vroeg in de PC Hooftstraat in Amsterdam doodgeschoten. Een 35-jarige metgezel raakte gewond en moest in het ziekenhuis worden opgenomen. Hij verkeert niet in levensgevaar. De aanslag vond even voor half vier plaats.

De mannen waren in de binnenstad van Amsterdam uitgeweest. Toen zij in hun geparkeerde Mercedes stapten werden ze onder vuur genomen. De man achter het stuur werd dodelijk getroffen. Nadat de daders verscheidenen schoten hadden gelost, gingen ze er op de fiets vandoor. Het slachtoffer was ,,een bekende van de politie'', zegt een politiewoordvoerder. ,,We gaan uit van een afrekening in het criminele milieu.''

De schietpartij vond plaats voor kledingwinkel Oger. Later in de ochtend waren de resten van het misdrijf goeddeels uit het straatbeeld verdwenen. Enkele rechercheurs stonden op de hoek van de dure winkelstraat bij een politiebusje. Volgens een verkoopster van Oger was het verspinterd autoglas dat zij `s ochtens voor de winkel aantrof, het enige teken dat er die nacht iets gebeurd was. Dit jaar zijn achttien mensen door geweld om het leven gebracht. In lang niet al deze gevallen, zo zegt de politie, is sprake van een criminele liquidatie.

Eerder werden in Amsterdam enkele kopstukken en minder bekenden uit het `milieu' onder vuur genomen, in sommmige gevallen op klaarlichte dag op drukbezochte plekken. Bij die aanslagen bezweken Jan Femer en Heineken-ontvoerder Cor van Hout. Zwaargewond raakten John Mieremet en Gijs van Dam jr. Schutters die lopend, op de fiets of per auto opereerden, liquideerden Ibrahim Akasha, Magdi Barsoum, Sam Klepper en George Plieger.