Stork profiteert van besparingen

Vooral door te snijden in de kosten van de luchtvaartdivisie Stork Aerospace en overige kostenbesparingen heeft Stork in het eerste kwartaal een nettowinst geboekt van 17 miljoen euro. Vorig jaar maakte Stork in dezelfde periode nog maar drie miljoen euro winst. Over heel 2002 werd een verlies geleden van 42 miljoen.

De omzet van Stork (luchtvaartindustrie, machinebouw en technische dienstverlening) bedroeg in het eerste kwartaal 435 miljoen euro, tegenover 503 miljoen in 2002.

Bestuursvoorzitter S. Vollebregt zei tijdens een toelichting op de jaarcijfers vanochtend dat hij voor het gehele boekjaar uitgaat van een duidelijk positief nettoresultaat. Het bedrijf verwacht, ondanks de economische tegenwind, een hogere winst van tussen de 7 en 12 procent.

Tot de kostenbesparingen die Stork heeft uitgevoerd behoort het terugbrengen van het aantal arbeidsplaatsen met negenhonderd, zoals vorig jaar al is aangekondigd. Voor 400 werknemers is inmiddels een definitieve vertrekregeling getroffen. Stork telt nu 15.630 werknemers.

Door de recessie in de luchtvaart blijven de resultaten van Stork Aerospace, dat het onderhoud verricht van de Fokker–vloot en onderdelen bouwt voor de vliegtuigbouw, onder druk staan. Het eerste kwartaal was nog redelijk goed verlopen door extra werk aan 17 Fokker 100-toestellen die het Duitse Germania heeft aangeschaft.

Stork investeert wegens de luchtvaartrecessie terughoudend in deze sector. Het bedrijf steekt alleen geld in nieuwe vliegtuigprogramma's en in een nieuwe fabriek die in opdracht werkt voor de Europse vliegtuigbouwer Airbus.

Vollebregt heeft nog weinig bekendgemaakt over de langetermijnplannen die hem met Stork voor ogen staan. Hij wil met Stork met een beperkt aantal actviteiten doorgaan. Vollebregt, die vorig jaar A. Veenman opvolgde die naar de NS is gegaan, heeft een strategisch plan uitgewerkt, waarvan de inhoud nog steeds geheim is.