Irrationele somberheid

Geld verdienen kan nog op de Amsterdamse effectenbeurs. De belegger hoeft alleen maar de goede gok te doen: welke middelgroot of klein bedrijf wordt nu opgekocht?

Hunter Douglas, fabrikant van onder meer Luxaflex, deed deze week een bod ter waarde van 13 miljoen euro op Blydenstein-Willink, een kleinere concurrent. Hunter Douglas betaalt de overname bijna uit zijn achterzak. Eind maart had het bedrijf, dat ferm in handen is van de grootaandeelhoudersfamilie Sonnenbergh en waar ex-Philips-topman C. Boonstra ondanks zijn perikelen met justitie als commissaris aanbleef, een bedrag van 99 miljoen euro in kas. En Hunter Douglas heeft ook nog een beleggingsportefeuille ter waarde van 351 miljoen euro.

Veelzeggender dan het overnamebedrag is de premie die Hunter Douglas wil betalen bovenop de laatste beurskoers, voordat het bod werd gedaan: 97 procent. Met deze opslag versterkt Hunter Douglas een logische trend van de afgelopen twaalf maanden: naarmate de koersen op de beurs verder dalen worden de overnamepremies hoger.

Ga maar na. Hans Breukhoven bood eind 2001 een premie van 61 procent voor de resterende aandelen van ,,zijn'' Free Record Shop. Nesbic bood in februari 2002 28 procent meer dan de laatste beurskoers voor de aandelen beter bed, maar trok het bod weer in. Toen kwam een financieel consortium onder leiding van Friesland Bank, dat 47 procent extra bood voor slotenmaker Axa Stenman. Daarna de familie Wessels, die een meerwaarde van 74 procent bood voor de aandelen van bouwbedrijf Volker Wessels Stevin.

De overname van Blydenstein-Willink prikkelde afgelopen dagen ook de fantasie van gokkers en beleggers. Blydenstein-willink kreeg een opvolgingsprobleem. De parallel met voedingsbedrijf Wessanen, dat een opvolger zoekt voor topman M. Zondervan en enkele boze grote grote beleggers heeft, gaf de Wessanen-koers een verse impuls.

De stijgende overnamepremies op een dalende beurs suggeren dat de markt in één van zijn lange periodes van somberheid is beland. Het tegenovergestelde van de irrational exuberance die voorzitter van de Amerikaanse centrale banken, Alan Greenspan eind 1996 schetste. Toen droeg iedereen op de financiële markten een roze bril, nu hebben beleggers een model met gitzwarte glazen. Zij staan ermee op en gaan ermee naar bed.

Hoe hoog waren de beursindices ook alweer toen Greenspan waarschuwde voor ongefundeerde uitbundigheid? De Amsterdamse AEX-beursgraadmeter stond, omgerekend, op 285. Dat is even hoog als nu.