Reddingsactie geslaagd, topman multimiljonair

KPN stond zomer 2001 met de rug tegen de muur, topman Scheepbouwer hoefde niet te onderhandelen over zijn beloning. Marktwerking speelde geen rol, macht was alles.

Voor de tweede keer in twee jaar misrekenden de commissarissen van KPN, voormalig lieveling van het volkskapitalisme, de maatschappelijke weerslag van hun beloningsbeleid. Twee jaar geleden moesten zij zich verdedigen tegen de boosheid van werknemers dat hun kersverse topman Scheepbouwer 1,6 miljoen opties kreeg. Toen stond de SP op de stoep van de aandeelhoudersvergadering, gisteren de vakbond CNV Publieke Zaak.

De commissarissen probeerden in een brief nog eens uit te leggen waarom Scheepbouwer naast een basissalaris van 1 miljoen euro en een gegarandeerde bonus van 0,5 miljoen euro per jaar ook een succesbonus kreeg van 2 miljoen euro voor de geslaagde reddingsoperatie. Hij kreeg voor een paar maanden in 2001 een bonus (0,167 miljoen euro). Over 2002 krijgt hij binnenkort een reguliere bonus (130 procent van zijn basissalaris).

En, zo voegden de commissarissen daaraan toe, hun gedetailleerde tekst en uitleg over Scheepbouwers beloning is onverplicht. KPN heeft ,,volledig voldaan'' aan de Amerikaanse en Nederlandse regels die openheid verplichten. De toevoeging dat KPN zich aan de wet houdt illustreert de groeiende geloofwaardigheidskloof tussen de zakenelite en de Nederlandse samenleving. Dat KPN zich aan de wet houdt is toch boven alle twijfel verheven? De discussie draait om de vraag of de topmanagers rekening houden met de maatschappelijke acceptatie van hun beloning, niet om de vraag of de sommetjes correct zijn berekend.

De KPN-commissarissen erkennen dat zij geen keus hadden toen zij in de zomer van 2001, terwijl KPN ,,op de rand van de afgrond'' stond, Scheepbouwer benaderden om de zaak te redden. Scheepbouwer was commissaris bij KPN. De commissarissen reppen nu over ,,extreme omstandigheden'', waarin zij ,,op korte termijn'' een ,,uitzonderlijke'' bestuursvoorzitter moesten vinden ,,die bovendien de onderneming reeds voldoende kende om terstond de bakens te verzetten''.

De beloning van Scheepbouwer heeft geen relatie met krachten van de markt, zoals de aanzuigende werking van buitenlandse topsalarissen, maar met macht. ,,Wie weet is er wel niet onderhandeld, en is dit me aangeboden'', zei Scheepbouwer eind vorig jaar in Elsevier.

Hoe verhoudt zijn beloning zich tot die van andere topmanagers die een reddingsoperatie gingen leiden? J. Hessels was ex-commissaris bij supermarktketen Laurus (Super De Boer, Konmar) en kreeg voor het leiden van de reddingsoperatie vorig jaar 100.000 euro bonus en een salaris van 225.000 euro voor een half jaar. Interim-manager J. Konings ontving bij Laurus voor een half jaar 383.263 euro.

De twee topmanagers van de noodlijdende automatiseringsbedrijf Getronics ontvangen samen 1,6 miljoen euro als hun reddingsactie slaagt.

En Scheepbouwer? Stel: hij werkt vijf jaar, vanaf eind 2001. Dat is vijf salarissen (1 miljoen euro per jaar bruto minus twee jaar 15 procent korting), vijf jaar vaste bonussen (0,5 miljoen per jaar), vijf jaar normale bonussen (100 procent van het salaris) en bij een bonus heeft hij recht op opties (waarde maximaal 2 miljoen euro, maar zeg hier: 1 miljoen) plus de opties die hij bij aantreden kreeg (waarde nu: 3,2 miljoen). Plus de succesbonus. Telt op tot 22 miljoen euro. Exclusief gouden handdruk.