Hof: ramp verwoestte waarheid

Vrijspraak voor André de Vries en een hogere straf voor de directeuren van S.E. Fireworks. Het gerechtshof in Arnhem oordeelt wezenlijk anders over de vuurwerkramp dan de rechtbank in Almelo. Terwijl de feiten dezelfde zijn.

Over één ding zijn de rechtbank in Almelo en het gerechtshof in Arnhem het eens. Het onderzoek naar de vuurwerkramp is met het horen van bijna tweeduizend getuigen en het gebruik van bijzondere opsporingsmiddelen zeer uitvoerig geweest. Maar de interpretatie van het `monnikenwerk' van politie en justitie verschilt. Terwijl de rechtbank het bewijsmateriaal tegen De Vries als wettig en overtuigend beoordeelde, is het gerechtshof er niet van overtuigd dat De Vries verantwoordelijk was voor het eerste vlammetje.

Dat moeten politie en justitie grotendeels zichzelf verwijten. Onder druk van de maatschappelijke opinie, die graag helderheid wil over de oorzaak van de vuurwerkramp, zijn de opsporingsinstanties volgens het gerechtshof te hard van stapel gelopen. Getuigen en verdachten zijn met ,,grote indringendheid en vasthoudendheid'' gehoord, zo schrijft het hof in zijn vonnis. Als een verklaring niet direct in overeenstemming was met andere onderzoeksbevindingen, werd ,,met niet steeds zichtbare terughoudendheid'' tot aanhouding of vervolging wegens meineed overgegaan. Dat heeft geleid tot een ruim assortiment van tegenstrijdige verklaringen.

,,We willen weten om te weten'', schrijft het hof. Maar ,,waar geen steen meer op de andere staat, is het moeilijk de onderste steen boven te krijgen''. De grote ,,ophelderingsbehoefte'' in de samenleving lijkt zo geleid te hebben tot ,,een zekere neiging tot legendevorming''. De vele onjuiste of tegenstrijdige getuigenissen zouden echter niet ingegeven zijn door ,,kwade wil of eigenbelang'', maar juist ,,in alle oprechtheid'' zijn afgelegd, voortkomend ,,uit een zo diepe behoefte om op vragen een antwoord te geven dat de behoefte een juist antwoord te geven daaraan ondergeschikt wordt''.

Het is wrang voor justitie dat het gerechtshof twee rechercheurs die hun superieuren een `tunnelvisie' hebben verweten, prijst voor hun kritische houding: ,,Dat zij het gevaar van een te eenzijdige benadering signaleerden, moet hun toch als een verdienste worden aangerekend.'' Justitie heeft eerder over hun kritiek gezegd dat ,,het sop de kool niet waard is''.

Een aantal aanwijzingen of bewijsmiddelen tegen De Vries bleken na nader onderzoek niet te kloppen. Zo was een verklaring van een getuige die gehoord had dat De Vries gesproken had over ,,een grote bom'' die bij S.E. Fireworks zou ontploffen, aantoonbaar onjuist. Diezelfde verklaring was in augustus vorig jaar door de Almelose rechtbank nog gebruikt als een van de elf bewijsmiddelen.

Omdat andere getuigen voor het gerechtshof in Arnhem eerder afgelegde verklaringen nuanceerden of deels inslikten, is het gerechtshof het bewijs met een zekere behoedzaamheid gaan bekijken. Een aantal aanwijzingen zijn overeind gebleven, maar vormen in de ogen van het hof onvoldoende overtuigend bewijs. Zowel de rechtbank als het gerechtshof is ervan overtuigd dat De Vries gezien de vuurwerksporen op zijn rode sportbroek op korte afstand van de explosies heeft gestaan. Maar het hof voegt eraan toe dat de aanwezigheid van De Vries in het rampgebied op zichzelf niet belastend is, omdat veel meer mensen daar rond die tijd waren. ,,Dat hij de brand gesticht kan hebben, wil niet zeggen dat hij het gedaan heeft'', stelt het gerechtshof. De Vries heeft zich door zijn ontkenning en zijn pogingen om een vals alibi te verkrijgen wel verdacht gemaakt.

De Vries heeft tegenover enkele medegedetineerden, onder wie een undercoveragent in het huis van bewaring in Maastricht, gesproken over zijn betrokkenheid bij de vuurwerkramp, maar het gerechtshof hecht hier beduidend minder waarde aan dan de rechtbank. In Almelo werden de uitlatingen van De Vries ,,betrouwbaar en consistent'' genoemd, omdat hij zich herhaalde malen in soortgelijke omstandigheden over zijn betrokkenheid had uitgelaten. Het gerechtshof in Arnhem bestempelt dezelfde uitlatingen als ,,vormeloos, vaag en onsamenhangend''. De Vries heeft weliswaar tegenover de undercoveragent verklaard dat hij het gedaan heeft, maar daarbij heeft hij geen daderwetenschap prijsgegeven. Details over bijvoorbeeld een ,,geïmproviseerd huisje'' en een ,,kacheltje'' op het terrein van S.E. Fireworks bleken niet te kloppen. Het hof neemt in aanmerking dat De Vries zich op een ,,rare manier'' uitdrukt. Uit psychologisch onderzoek is gebleken dat hij weliswaar volledig toerekeningsvatbaat is, maar een ,,verstandelijk en emotioneel beperkt persoon'' is.

In de strafzaak tegen de beide directeuren van S.E. Fireworks heeft justitie wel een overwinning geboekt. Justitie ging in hoger beroep tegen het vonnis van de Almelose rechtbank omdat deze de directeuren Bakker en Pater had vrijgesproken van de beschuldiging `dood door schuld'. Volgens de rechtbank konden Bakker en Pater niet verantwoordelijk worden gehouden voor de escalatie van de brand en de gevolgen omdat ,,niemand in Nederland enig benul'' van vuurwerk had. Het gerechtshof is met het openbaar ministerie van mening dat Bakker en Pater weliswaar niet wisten hoe gevaarlijk het op hun terrein opgeslagen vuurwerk was, maar dat zij dit wel hadden kunnen en moeten weten. ,,Onachtzaamheid en onzorgvuldigheid van anderen pleit S.E. Fireworks niet vrij'', concludeert het gerechtshof. Bakker en Pater hebben drie maanden in voorarrest gezeten en zullen, als het vonnis ten uitvoer wordt gebracht, na aftrek van strafvermindering nog zo'n vijf maanden de cel in moeten.