Ontspannen vezels

Met het drogen van de was verkrampen de vezels in ons textiel. Strijken met vocht ontspant die vezels. Stoomgeneratoren zijn de nieuwste gereedschappen. Zij vormen de derde generatie elektrische strijkijzers.

Water en een heet voorwerp. Deze twee ingrediënten zijn de laatste vijf eeuwen voldoende om tegendraadse textielvezels in het gareel te dwingen. Alleen is dat niet altijd zo geweest. Want vroeger gebeurde dat koud.

De Romeinen rond het jaar nul deden dat met hun linnenpers. Duizend jaar later hebben de Noren hier strijkgereedschap van glas geïntroduceerd. Niet lang daarna ontstaat – ook nog steeds koud gebruikt – strijkgereedschap van steen en aardewerk.

De metalen strijkijzers beginnen hun opmars in het begin van de 16e eeuw. Die worden al snel verwarmd toegepast. Dan ontstaat er een hausse bij de ontwikkelingen in strijkijzerland. Dit leidt in de jaren negentig van de twintigste eeuw uiteindelijk tot de introductie van zogenaamde stoomgeneratoren. Deze hebben een groot en apart waterreservoir in een soort basisstation. Daarin wekt het apparaat stoom op onder drukken van 2,5 tot 4,5 bar. De stoom gaat via een slang – broederlijk naast het elektriciteitssnoer in een gezamenlijke ommanteling – naar het strijkijzer. Met een druk op de knop blaast iemand dan een enorme stoomwolk in het te strijken textiel. Als dat eenmaal gebeurt, is het bijna aaien van textiel met de strijkbout voldoende om zelfs de weerbarstigste kreuken en vouwen weg te krijgen.

Bij strijken gaat het in beginsel om een proces in drie stappen. Als textiel is gewassen en gedroogd, zitten de vezels verkrampt in elkaar. Dat is zichtbaar aan de kreukels. Het ontspannen van die vezels gebeurt met water en/of stoom. De vezels nemen het vocht op en worden dan slap en plooibaar. De zogenaamde strijksprays die op de markt zijn, verbeteren het ontspanproces. Na vochttoediening kan de kreuk er pas uit worden gehaald. Dat kan op verschillende manieren: vochtige kleding ophangen waardoor de zwaartekracht het uitrekken voor zijn rekening neemt. Ook helpt het uitslaan van nat wasgoed voordat het wordt opgehangen. Maar het best gaat het ontkreuken met een strijkijzer. De zoolplaat drukt de kreukels als het ware uit de kleding. Hoe warmer zo'n zoolplaat is, des te beter dat gaat. Tegelijk begint dan de derde stap van het proces. Dat is het fixeren – of verkrampen – van de kreukvrij gemaakte vezels met de warme zoolplaat.

Bij de twee laatste stappen van het strijkproces blijkt het grote belang van de strijkijzerzool. Op zowel droog als nat textiel mag dat namelijk niet stroef gaan. Want dan duw je zo nieuwe kreukels in de stof. Als de zoolplaat weer te glad is, kan het glijden van de plaat over het textiel te snel gaan. Zodat kreukels niet verdwijnen. Om aan deze randvoorwaarden te voldoen produceren fabrikanten als Tefal, Philips, Braun en Bosch die zoolplaten van de meest exotische materialen: van complexe roestvrijstalen legeringen tot aan speciaal email. Met fantasienamen als Ultragliss Diffusion, Careeza, Saphir en Granit Glissee. Deze materialen geleiden de warmte goed zodat de zool een egale temperatuur heeft. Maar ze zijn ook nog krasvast om de kans op het ontstaan van stroefheid tijdens het gebruik te verminderen. Voor het strijken van tere weefsels voegt Braun bij sommige strijkijzers losse opzetzolen toe – van weer een ander materiaal.

De temperatuur van een zoolplaat heeft ook zijn beperkingen. Als deze te hoog is, tast het de stof aan. Daarom beschikken de meeste strijkijzers – al dan niet staploos instelbaar – over grofweg drie temperatuurstanden. De laagste is de warme stand met een maximumtemperatuur van ongeveer 110 graden Celsius. Dan komen de matig hete stand tot 150 graden en de hete stand met een maximale zooltemperatuur van 200 graden. In textiel dat voorzichtig moet worden gestreken, is meestal een strijkijzersymbool aangebracht. Een kruisje door het symbool betekent een absoluut strijkverbod. Dit op straffe van het niet meer toonbaar zijn van het kledingstuk. Een, twee of drie stippen in het symbool geeft de drie toegestane strijktemperaturen aan.

,,Dit systeem is vroeger door de Groningse ingenieur Reint Smit ontwikkeld'', weet Guus den Besten, conservator van het Nederlands Strijkijzer Museum in Noordbroek, te vertellen. Het zogenaamde Smit-systeem is inmiddels wereldwijd geaccepteerd.

Strijken kost veel elektrisch opgewekte warmte. Vooral als intern stoom wordt opgewekt, zoals bij de stoomstations of bij het verdampen van opgespoten water tijdens het strijken. Want de hoeveelheid energie voor verdampen is pakweg 500 keer zo groot als de hoeveelheid warmte die nodig is om water een graad in temperatuur te verhogen. Daarom worden strijkijzers steeds krachtiger gemaakt. Ze zijn er tegenwoordig al van ruim 2.000 watt.

De Franse strijkijzerfabrikant Tefal zegt de markt voor stoomstations te hebben opengebroken. Deze markt is – aldus Tefal – flink groeiend. In Nederland laat Philips hetzelfde geluid horen. Dat is niet voor niets, want volgens gebruikers gaat het strijken er tweemaal zo snel mee als met een standaard stoomstrijkijzer. Die hoge strijksnelheid is mogelijk door de grote continue stoomproductie van het strijkgereedschap. Bij zo'n station ligt dat op ongeveer 70 tot 100 gram/minuut. Standaard stoomstrijkijzers komen meestal niet verder dan zo'n 30 tot 60 gram/minuut. Dit betekent even oppassen bij de aanschaf, omdat sommige leveranciers op de doos alleen de grootte van korte stoomstoten vermelden. Ook is de stoomproductie van belang bij het verticaal strijken. Dit is niets anders dan een stoomblazend stuk strijkgereedschap langs kreukelig hangende kledingstukken te halen – zonder die aan te raken.

Over het aanbevolen soort water voor de strijkijzers zijn de leveranciers het niet eens. Dit hangt af van het soort kalkverwijderaar in het strijkgereedschap. De een past eenmalig te gebruiken staafjes kalkbindend materiaal toe en bij de andere kunnen de staafjes weer worden ontkalkt. Zodoende bevelen sommige fabrikanten nadrukkelijk kalkhoudend water aan. Andere producenten raden weer aan om het kalk in kraanwater eerst met gedemineraliseerd – of gedestilleerd – water te verdunnen. Zuiver water heeft wel het voordeel dat het belang van antidruppelsystemen, die kalkvlekken op strijkgoed moeten vermijden, afneemt.

Tefal, samen met Rowenta en Krups onder de paraplu van de Groupe SEB – beweert bij strijkgereedschappen marktleider te zijn. Dit strijkt in tegen de haren van Philips, dat hetzelfde beweert. Braun zegt alleen verzekerd te willen blijven van de derde marktpositie. Runner-up Bosch heeft zich voorgenomen een flink aandeel in die markt te veroveren.

In Nederland gaan jaarlijks naar schatting 750.000 nieuwe strijkapparaten over de toonbank.