Hersengymnastiek

Nederland telt zo'n achthonderd buurthuizen. De Achterpagina bezoekt er deze week elke dag één. Vandaag de bingoavond in Goedereede.

Als ze zou kunnen, ging ze zeven dagen per week. Jannie uit Ridderkerk is `verslaafd' aan bingo, al meer dan twintig jaar. ,,Het gaat niet eens om het winnen'', zegt ze. ,,Het gaat om de spanning, om als eerste `bingo' te kunnen roepen.''

Het is zaterdagavond en Jannie zit, zoals elke zaterdag, samen met man, dochter, schoonzoon, kleindochter en een vriendin aan één van de lange tafels in buurthuis Oostdam in Goedereede op Goeree-Overflakkee. Het zaaltje zit stampvol, er moeten zelfs tafels bijgezet worden. Het is de wekelijkse bingoavond van fanfarekorps De Hoop uit Stellendam.

Jannie en haar familie komen er helemaal voor uit Ridderkerk, vijftig kilometer verderop. ,,Een ander gaat een avondje naar de kroeg, wij gaan een avondje bingoën.'' Dat is niet alleen een vorm van ontspanning: ,,Je blijft er ook pienter van'', zegt haar vriendin. ,,Het is toch een soort hersengymnastiek.''

Jannie gaat gemiddeld zo'n vier keer per week naar een bingoavond. ,,En één keer in de twee weken draai ik zelf een bingo in buurthuis De Klinker in Ridderkerk.'' Zaterdagavond naar Goedereede gaat de hele familie mee, door de week gaat ze samen met de vriendin. Dan nemen ze de gratis bus die vanuit Rotterdam, via Ridderkerk, naar de bingo van de speeltuinvereniging in Dordrecht rijdt. ,,Ik ben een bingoweduwnaar, ik zit drie avonden per week alleen thuis op de bank'', zegt haar man.

Vanavond is de hoofdprijs 450 euro. Die heeft ze zelf nog nooit gewonnen. ,,Mijn man wel een keer.'' Wat het prijzengeld betreft, is het met de bingo overigens niet meer wat het geweest is. ,,Vroeger kon je 10.000 gulden winnen bij de bingo in de oude Metro-bioscoop in Rotterdam. Daar kon je zeven dagen per week heen en er zat iedere avond duizend man binnen. Wij gingen ook elke dag.''

,,Maar ja, dat was allemaal illegaal, hè'', zegt haar man. ,,En toen die bingo-organisatoren elkaar begonnen te liquideren, is het verboden.'' De maximale prijs op een bingo-avond is toen op 1.000 gulden gesteld, en commerciële bingo werd verboden.

Sindsdien moet je goed zoeken om nog een beetje aan je trekken te komen als bingoliefhebber. ,,Dat is toch jammer, want er is animo genoeg.'' Alleen naar bingo in bejaardenhuizen gaan ze niet. ,,Dat is geen echte bingo, daar kun je alleen een mand met boodschappen winnen.'' In het casino kun je ook bingoën, maar dan ben je zo door je geld heen, zegt Jannie. ,,Hier kun je voor 28 euro de hele avond aan alle ronden meedoen.''

De avond begint met een `snelle ronde'. Dat betekent dat iedereen één velletje met getallen heeft en dat je bingo hebt als je van boven naar beneden, van links naar rechts, van linksboven naar rechtsonder of van rechtsboven naar linksonder een rijtje vol hebt. De inzet is 2,50 voor vijf rondes, wie bingo heeft wint 12,50 euro.

Zodra de nummers worden voorgelezen kun je een speld horen vallen. Iedereen zit geconcentreerd nummers aan te strepen met speciale, van thuis meegebrachte bingostiften (extra dik). En dan, bij de derde ronde: ,,Bingo!'' Jannie's man heeft bingo.

Na de eerste vijf `snelle' rondjes om erin te komen, volgt het echte werk: per ronde drie velletjes tegelijk. Dan moet je nog beter opletten, want op alledrie kunnen de opgenoemde getallen staan. Wie bingo roept, wordt gecontroleerd, en je hebt pas gewonnen zodra de spelleider het zegt: ,,We hebben een goede bingo!''