Tiel - Dodewaard

Joyce Roodnat wandelt door Nederland en de rest van de wereld. Deze week in de Betuwe.

Staan we lekker te kijken naar een haas melkchocoladekleurig, in stramme zit tussen platwaaiend gras worden we weg getoeterd. De haas ook. Een auto met haast, en dat op zo'n stille weg.

We klimmen de dijk op en blijven daar, want we kiezen voor de `hoogwatervariant' van het Lingepad. Niet dat er gevreesd moet worden voor een nat pak. Van hoog water is geen sprake, al heeft het gehoosd, waait het nog altijd hard en blikkert er driftige golfslag in de Waal. Maar die variant voert tussen de fruitgaarden door en ik wil appelbloesem zien onder de stormzon die af en aan tevoorschijn komt.

Er bloeit van alles. De weilanden zien geel van de paarden- en boterbloemen, de bermen zijn wit van het fluitenkruid, bij de hoeves onderaan de dijk staan kastanjes met witte en rode kaarsen. Maar geen spoor van roze of wit in de appel- en perenbomen. Ze zijn groen en iel en er ligt zelfs niet één roze blaadje op de grond tussen hun dunne stok-stammen. Is mei te vroeg voor de Betuwe in bloei? ,,Jullie zijn te laat'' vertelt een man. Op zijn rechterbovenarm beweegt een tatoeage. ,,Het is afgelopen. Alles is al weg.'' Hij draagt geen jas maar hij heeft het niet koud. Niet eens kippenvel.

Goed, dan maar geen bloesem, maakt niet uit. Op deze dijk is het heerlijk wandelen, zeker met zo'n wind in de rug. In de verte glijden duwboten over de onzichtbare rivier. Over de gaarden en de bruine akkers en de weiden snellen enorme wolk-schaduwen, met vlietende vlekken koud zonlicht ertussen. Buitendijks rusten twee zwanen, ze lijken te drijven op het als bezeten golvende gras om hun zware lijven.

We verlaten de hoogwatervariant voor een spoor door het weiland direct aan de Waal. Een kudde halfwas kalveren galoppeert ons voorbij en man kijkt bijgevolg even als Rowdy Yates uit Rawhide. En dus als Clint Eastwood, jawel. Het spoor wordt versperd door prikkeldraad. Paarden drentelen naderbij om hun smalle neuzen in andermans zaken te steken. Prikkeldraad overklimmen is geen doen, dat leidt tot bloed en gescheurde kleren. Maar rechts staat een houten paardenren die de prikkels overklimbaar maakt. Onder een simpel egaal wit gespoten verkeersbord wordt gewaarschuwd: `Verboden aan te raken', en dat `in de zin van art. 9 Waterstandswet 1900'.

Even verder tref ik op een mestvaaltje een bedrijfsjasje. Roze met blauw: Albert Heijn. De verbeelding komt met een drama aan de kassa, maar ik houd me aan de feiten: hier ligt een echte Frans Molenaar in de koeienstront.

Dodewaard heeft een sombere naam en dankzij de, zes jaar geleden gesloten, kerncentrale al helemaal de schijn tegen. Onterecht. Het zicht op de Waal is er vorstelijk, met de schepen, de visdiefjes en de contouren van hijskranen en een steenfabriek. En onderaan de Dodewaardse kerk wonen vier kangoeroes. Eén is een albino.

19 km. Kaarten 11-15 uit: J. Huijbregts (eindred.): Lingepad. Uitg. Wandelplatform-LAW, Amersfoort. Eind- en beginpunt zijn verbonden per trein en bus. Opstappen op station Hemmen-Dodewaard, tot Kesteren, daar bus 45. Inl. tel. 0900 9292. Of per regio-taxi, tel. 0900 2022385, minimaal 1 uur vantevoren reserveren.