`Nee, Europa bestaat (nog) niet'

Zolang Europa verdeeld is over een gemeenschappelijk buitenlands beleid, bepalen de Verenigde Staten wat er gebeurt.

Bestaat Europa? ,,Nee, Europa bestaat niet'', zei deze week John Hulsman, van de Amerikaanse conservatieve denktank Heritage Foundation op een studiebijeenkomst in Parijs over Europees-Amerikaanse betrekkingen. Tot luid protest onder Hulsmans gehoor leidde dat niet. De meesten hoopten alleen dat Europa ooit zál bestaan.

De oorlog in Irak heeft, behalve tot een verslechtering van de transatlantische betrekkingen, ook geleid tot grote verdeeldheid binnen de Europese Unie over het buitenland- en veiligheidsbeleid. ,,Omdat Europa niet bestaat, zoeken de Verenigde Staten individuele Europese landen als bondgenoten. Er zullen in Europa altijd landen zijn die de kant van de Verenigde Staten kiezen'', voorspelde Hulsman.

Barry Lowenkron, beleidsplanner van het ministerie van Buitenlandse Zaken in Washington, was diplomatieker maar niet minder duidelijk: ,,We moeten toegeven dat het moeilijk is om consensus met heel Europa te bereiken. Maar we kunnen niet niets doen omdat niet iedereen wil. Dan moeten we een `coalition of the willing' vormen.'' Hulsman: ,,Iedereen moet het eens zijn, die formule gaat niet meer. Een Belgisch veto over Amerikaanse defensie, dat kan niet.''

De Franse minister van Defensie, Michèle Alliot-Marie, probeerde de Europeanen op de conferentie, georganiseerd door het Institut de relations internationales et stratégiques, een oppepper te bezorgen. Ze voorspelde dat het politieke en militaire Europa ,,een spectaculair succes'' wordt. Ze zei dat de Europese defensiemacht in Macedonië weliswaar niet groot is, maar ,,symbolisch'' van groot belang. Ze vond dat Europa en Amerika als ,,gelijkwaardige partners'' met elkaar moeten omgaan.

Maar een verdeeld Europa is voorlopig niet gelijkwaardig. Denis Verret, vice-president van EADS, de Frans-Duits-Spaanse holding van vliegtuig-, defensie- en ruimtevaartindustrie, zei dat de omgang tussen de Verenigde Staten en Europa te vergelijken is met die tussen een olifant en een groep onderling vechtende kippen. Waarover vechten die kippen? Over hun relatie met de olifant. Amerikanen en Europeanen waren het geheel met elkaar eens dat de kern van de Europese meningsverschillen de vraag is welke betrekkingen de landen met de Verenigde Staten willen hebben.

Tomas Ries, onderzoeker van het National Defence College in Finland, zei dat de VS de macht hebben om dingen in de wereld tot stand te brengen en dat Europa alleen invloed kan uitoefenen als het, zoals de Britse premier Tony Blair, met Washington samenwerkt. ,,Blair heeft in Washington een reputatie opgebouwd, maar hij heeft geen invloed'', schamperde Jane Sharp van het Center for Defence Studies van het Londense King's College. ,,Blair kan alleen invloed in Washington uitoefenen als hij namens heel Europa praat. Maar hij heeft zijn positie in Europa juist ondergraven.''

Nicole Gnesotto, directeur van het Institut d'Études de Sécurité de l'Union Européenne, onderscheidde twee soorten Europese landen. De ene groep ,,vindt alles beter dan het risico van een crisis met de Verenigde Staten''. Een minderheid met Frankrijk en Duitsland vindt: ,,Als je het niet met de Verenigde Staten eens bent, moet je erover praten.'' Dat verschil maakt een gezamenlijk beleid na de uitbreiding van de EU volgend jaar mei nog moeilijker.

Voor Polen, een van de toetredingslanden, is de veiligheidsgarantie van de Verenigde Staten van even groot belang als de economische voordelen van het EU-lidmaatschap. Polen heeft zich de afgelopen maanden naadloos bij de Verenigde Staten aangesloten en is hiervoor beloond met een militaire rol in het naoorlogse Irak.

Tegelijkertijd is de Franse president, Jacques Chirac, hard tegen Polen uitgevallen. Jerzy Nowak, de Poolse ambassadeur bij de NAVO: ,,Voor Centraal-Europese landen is het een nachtmerrie om te moeten kiezen tussen de Verenigde Staten en de EU. De NAVO is voor ons het belangrijkste instrument om een renationalisering van de defensie te voorkomen. In onze regio kennen we het gevaar daarvan.''

Volgens Vjatsjeslav Nikonov, van de Russische stichting Politika, bestaat het gevaar dat de Verenigde Staten na de ervaring met Irak concluderen dat bondgenoten niet betrouwbaar zijn en daardoor gestimuleerd worden om nog meer unilateraal op te treden. ,,Emotioneel is Rusland het eens met de kritiek op Amerika van het `oude Europa'. Maar rationeel moeten we met Amerika meedoen als we niet keer op keer tot de coalitie van de verliezers willen behoren'', is zijn recept voor zijn land.

In deze situatie is het voor de VS eenvoudig om de Europese landen uit elkaar te spelen. Geen Europees land, ook Frankrijk niet, stelt het belang van goede transatlantische betrekkingen ter discussie. Maar zolang Europa verdeeld is, kunnen de VS bepalen wat goed is. Pierre Hassner, van het Centre d'Etudes et de Recherches Internationales, zei te hopen dat Frankrijk, Duitsland en Groot-Brittannië een gezamenlijke opstelling over defensie gaan innemen. Parijs en Berlijn moeten volgens hem begrijpen dat een top over Europese defensie samen met België en Luxemburg weinig zin heeft. ,,Ik geloof niet dat België en Luxemburg bij de defensie een vervanging zijn voor Groot-Brittannië'', zei hij.

Gnesotto heeft vertrouwen in de studieopdracht die de EU-ministers van Buitenlandse Zaken onlangs gaven aan Javier Solana, de EU-coördinator voor buitenlands beleid. Die zou het begin van een oplossing kunnen zijn. Tot nu toe vertellen de VS dat terrorisme, massavernietigingswapens en landen van de `As van het Kwaad' een bedreiging voor de veiligheid vormen en hebben de Europese landen de keus om zich bij de aanpak hiervan aan te sluiten of niet. Solana gaat onderzoeken wat voor Europa de belangrijkste bedreigingen zijn. Dat zou een punt van Europese overeenstemming kunnen worden dat niet geheel samenvalt met de Amerikaanse prioriteiten.