Jos Brink speelt Jacques van Tol

Jos Brink gaat vanaf najaar 2004 de hoofdrol spelen in een musical over de omstreden tekstdichter Jacques van Tol (1897-1969). Het idee is van librettist Koen van Dijk (`Cyrano', `Joe') die ook de tekst schrijft.

De productie wordt uitgebracht door het theaterbedrijf van Albert Verlinde, en is geïnspireerd door de Van Tol-biografie De spookschrijver van Henk van Gelder. Ruut Weissman regisseert.

Jacques van Tol heeft vanaf de jaren dertig vele klassiekers geschreven voor het amusement, de revue en het cabaret, waaronder de hits van Louis Davids (De Kleine man, Naar de bollen), liedjes voor Wim Sonneveld (Ome Thijs, Haal het doek maar op) en Corry Brokken (Mijn ideaal) en bijna alle sketches in meer dan dertig jaar Snip en Snap revue. Zijn naam raakte echter onherstelbaar beschadigd door zijn NSB-activiteiten tijdens de Tweede Wereldoorlog, toen hij met zijn Zondagmiddagcabaret van Paulus de Ruiter op de radio nazi-propaganda bedreef.

Jos Brink wil de rol graag spelen, vooral wegens het dubbele karakter van het personage. Tegen het ANP zei Brink: ,,Hij heeft hartstikke mooi werk geschreven. Na de oorlog werd hij weliswaar gezuiverd, maar hij werd toch door iedereen gevraagd. Hij gebruikte allerlei schuilnamen, maar sommige artiesten, zoals Sonneveld, zetten zijn teksten gewoon op hun eigen naam.'' Volgens Brink was Van Tol volslagen a-politiek. ,,Ik begrijp ook niet hoe die man bij de NSB heeft kunnen gaan.''

Het auteursrecht voor de liedjes die Van Tol schreef, liet hij geregeld afkopen, zodat vaak niet bekend was dat Van Tol de schrijver was. Voor andere liedjes gebruikte hij pseudoniemen. Tijdens de oorlog schreef hij ook Willy Waldens Als op het Leidscheplein de lichtjes weer gaan branden, dat door velen als een verkapt verzetslied werd gezien. Van Tol ging er prat op dat hij voor iederéén hoogwaardig maatwerk kon schrijven. Het werk voor de NSB zag Van Tol, die geen nazi was, niet als schandelijk, maar als ambachtelijk goed gemaakt.