Bruto Nationaal Geluk

Steve Stevaert, partijvoorzitter van het Vlaamse sociaal progressief alternatief, wil gratis onderwijs en gratis openbaar vervoer. Maar ook moeten de Belgen van hem beter hun belastingen betalen. Zijn partij doet het goed in de opiniepeilingen voor de Belgische parlementsverkiezingen van 18 mei. Tegenstanders noemen hem een populist. `Impopulaire maatregelen kunnen populair worden als je ze maar goed uitlegt', zegt Stevaert.

`Is den halfgod er al?' wil een inwoner van het Vlaamse stadje Lommel weten. Hij loopt het dorpsplein op, waar stalletjes en spreekgestoelte klaarstaan voor de 1-meiviering.

,,Half?'', vraagt een dorpsgenoot. Schaterend slaat hij de ander zo hard op de rug dat het schuim van zijn pint over de rand van het glas druipt.

Even later is hij daar, Steve Stevaert, voorzitter van het sociaal progressief alternatief (sp.a), de man aan wie sommige Vlamingen olympische kwaliteiten toedichten. Zoals meestal draagt hij een pak dat slecht zit en hem massiever maakt dan hij is. Hij heeft een klein, bleek hoofd met een haakneus en kort, warrig grijs haar. Het zijn vooral zijn ogen die verraden dat hij in bijna alle omstandigheden van het leven geniet: ze schieten snel en opgewekt alle kanten op. Zo neemt hij het bomvolle plein de Dag van de Arbeid is in België nog steeds een vrije dag – een ogenblik in zich op. Dan stapt hij er middenin. Hij omhelst oude vrouwtjes die zonder gêne op hem aflopen: ,,Och Steve, hoe is 't jongen?!'' Hij drukt vakbondsmannen met rode sjaaltjes om ferm de hand. Eentje vertelt hem: ,,Gij zijt goed voor de werkende klasse, want ge doet wat ge klapt (zegt)!'' Hij kletst in (Belgisch-)Limburgs dialect met de dames van de gezonde winkel van de socialistische partij, die folders over verantwoorde maaltijden uitdelen. ,,Weg met het biefstuksocialisme!'', roept Stevaert, terwijl hij een folder over groente in zijn zak steekt. De vrouwen liggen dubbel van het lachen.

Stevaerts echtgenote loopt hem met een plastic beker koffie achterna, maar ze komt er niet tussen. Pas als de hoempa gaat spelen, weet de socialistenleider zich los te rukken. Hij beklimt het podium voor het stadhuis. Omgeven door rode rozen houdt hij een vlammend betoog over zijn stokpaardje: iedere Belg moet eens normaal belastingen gaan betalen, zodat de overheid genoeg geld krijgt om de basisvoorzieningen voor iedereen te bekostigen. Gratis onderwijs voor alle leerplichtigen! Gratis openbaar vervoer! Weg met de onzinnige regeling dat mensen die veel verdienen en grote huizen hebben vrijwel alles van de belasting kunnen aftrekken, en mensen met een kleine beurs en een klein huis vrijwel niets! Afschaffen ook, die belasting op het afsluiten van een hypotheek: ,,Het is toch onzinnig dat we in dit land een belasting hebben op het hebben van géén geld?!'' En handen af van het brugpensioen (de VUT): ,,Mensen die langer naar school gaan, kunnen best langer doorwerken. Maar iemand die van jongs af aan zware lichamelijke arbeid doet, moet vervroegd kunnen uittreden. Zijn wereld stort in als hij hoort dat hij een paar jaar extra moet werken. Ja, ik zie u denken: dat kan die meneer makkelijk zeggen, want hij is zélf bijna niet naar school geweest! Maar partijvoorzitter kun je heel lang zijn, hoor. In China moet je zelfs tachtig zijn om het te kunnen wórden.''

Gelach. Applaus. Ongeveer alle Vlaamse media zijn erbij. Je kunt de radio of tv niet aanzetten, of je hoort zijn woorden van die ochtend herhaald. En politici van andere partijen zien zich genoodzaakt om erop te reageren.

Wie is deze man, die steeds vaker in de peilingen figureert als de populairste politicus van Vlaanderen vóór de liberale premier Verhofstadt, en zelfs vóór de christen-democraat Jean-Luc Dehaene, die met steeds meer verve de rol van `vader des vaderlands' speelt? In het Limburgse Hasselt, waar Stevaert (49) burgemeester is, neemt hij expres de fiets voor kleine afstanden, want als hij gaat lopen, houden mensen hem zo vaak staande dat hij geen meter opschiet. Lopend een praatje weigeren is bot. Op de fiets niet, verklaart hij zelf: je steekt je hand op en je kunt dóór, zonder dat het onaardig overkomt. In Limburg, ooit een katholiek bastion, gaan de socialisten volgens analisten misschien wel 40 procent van de stemmen halen grotendeels dankzij hem. Stevaerts politieke tegenstanders noemen hem een populist, omdat hij precies zegt wat het volk wil horen. Op die manier zou hij zoveel mogelijk stemmen willen halen bij de verkiezingen op 18 mei. `Steve Stunt', noemt men hem, omdat hij als burgemeester en tot voor kort als Vlaams minister van Mobiliteit (in april trad hij af om partijvoorzitter te worden) geregeld de publiciteit haalde met `leuke dingen voor de mensen'. Zo maakte Stevaert het openbaar vervoer in Hasselt gratis voor iedereen, deelde hij cheques uit aan Vlamingen die een straatbarbecue wilden houden en organiseerde hij gratis concerten voor jong en oud. Met dit soort acties maakt Stevaert het zijn opponenten moeilijk: hoe kunnen zij iets aanvallen dat gratis is? ,,Tja, zo kan iedereen zich geliefd maken'', smaalt een politicus van de liberale VLD, die toegeeft dat premier Verhofstadt de zenuwen krijgt van Stevaert.

De VLD en de sp.a (socialistische partij anders) schommelen in de peilingen allebei rond de 20 procent, net als de christen-democratische CD&V. Het kan dus spannend worden.

Grinniken

Toch heeft Stevaert ook een serie impopulaire maatregelen op zijn naam staan. Zo zette hij de Vlaamse wegbermen vol flitspaaltjes en stelde hij ongekend hoge boetes in voor te hard rijden. Ook was hij in 1998 de eerste (en tot nog toe de laatste) Vlaamse minister van Ruimtelijke Ordening die huizen die zonder bouwvergunning waren neergezet zonder pardon liet weg-bulldozeren. Ook dat was een trap tegen de schenen van menige Vlaming, die het gebrek aan sancties op dit terrein door de jaren heen juist als aanmoediging is gaan beschouwen om `zonevreemd te bouwen'. Belgen hebben, zeggen zij zelf, een baksteen in de maag: het eigen huis legaal gebouwd of niet is heilig. En dan is er Stevaerts steeds terugkerende pleidooi om de miljarden aan belastinginkomsten die de staat jaarlijks misloopt eindelijk eens te innen. Iedereen weet dat hij gelijk heeft als hij zegt dat creatief boekhouden een nationale sport is in België. Niet alleen biedt de wet volop mogelijkheden om dat legaal te doen, maar zelfs als het illegaal gebeurt, is de controle minimaal. Het gevolg is dat `de gewone man' in loondienst het volle pond betaalt en dat veel anderen en niet alleen de meer gegoeden – daaraan ontsnappen door BV's op te zetten of zwart te werken. Kortom, half België profiteert ervan. Niemand zit te wachten op een politicus die hun die verworvenheid wil ontnemen.

Stevaert grinnikt als je hem deze paradox voorlegt. Hij grinnikt trouwens opvallend veel. ,,Impopulaire maatregelen'', zegt hij dan, ,,kunnen populair worden als je ze maar goed uitlegt. Ik ben voor een rechtvaardige samenleving. Dus ik ben vóór alles wat ertoe bijdraagt om dat te bereiken. Voorwaarde is wel dat je het goed uitlegt. Als ik alleen zeg dat belasting betalen ieders plicht is, krijg ik niemand mee. Als ik mensen laat zien dat ik met die extra geïnde franken van plan ben om het leerplichtonderwijs voor allen gratis te maken, begrijpen ze het al beter.'' En dat uitleggen, dat doet hij meesterlijk. ,,Ik streef naar Bruto Nationaal Geluk'', houdt hij zijn electoraat voor. Als iedereen keurig belasting betaalt, kan de staat meer voor u doen en u zult merken, na verloop van tijd kunnen de belastingen zelfs omlaag. Dat is socialisme pur sang: het herverdelen van de middelen. Het is bovendien een positieve boodschap, redeneert hij, die zelfs de meest klagerige Belg nog kan aanspreken. Vriend en vijand zijn het erover eens: de man staat dichter bij het volk dan welke andere politicus ook. Zijn missie is simpel. Hij wil het socialisme aan de klassieke achterban teruggeven. De partij, vindt hij, is jarenlang gekaapt door de generatie van '68. Door de intellectuelen, de dogmatici, de vakbonden, die losgetrild waren van het volk voor zover ze daar ooit al deel van uitmaakten. Stevaert is een van de weinige Belgische politici die nooit iemand persoonlijk aanvallen. Maar hij maakt één uitzondering: voor de intellectuelen. Hij noemt ze `zagen' of ,,zondagskinderen die in naam van de arbeiders en bedienden en zelfstandigen van alles vertellen waar die mensen het niet mee eens zijn''.

Voor hem is de voormalige Franse premier Lionel Jospin daar een schoolvoorbeeld van. ,,Die had het heilige uitgevonden: de 35-urige werkweek. Ik dacht meteen: dat willen de mensen helemaal niet. De arbeider is uit op een hoger inkomen, niet op arbeidsduurverkorting. Minder werken en minder geld hebben, dat werkt niet. Met meer vrije tijd en minder geld heeft de arbeider een probleem, dat ervaar ik bij mijn eigen vrienden. De Fransen zullen tot de vaststelling komen dat dit een dommigheid was. Dan komt er weer een klasse die zegt: `Nooit meer de 35-urige werkweek!' Dat is ook dom. Want in andere tijden is het misschien een goed instrument.''

Stevaert heeft met de Britse premier Tony Blair gemeen dat hij de socialistische partij terug wil brengen naar het midden. Als je alleen uitdraagt dat je voor de zwakkeren opkomt, voor de losers wil zorgen, vindt hij, dan krijg je op den duur niemand meer mee. Veel mensen vinden dat een nobel streven, maar wie identificeert zich nu graag met losers? Vandaar dat hij BTW-verlagingen wil voor de horeca en constant praat over geld verdienen. Dáár, redeneert hij, is de gewone burger mee bezig. Het risico dat hij zo aan de linkerkant van de partij kiezers verliest is beperkt. Daar opereren vooral de Groene Partij (Agalev), en die partij heeft voor veel socialisten een te intellectualistisch, exclusief imago. Vandaar ook dat hij rustig de vakbonden tegenspreekt als zij pleiten voor het behoud van de VUT voor iedereen.

Stevaert houdt er overigens helemaal niet van om met Blair vergeleken te worden. Diens pro-Amerikaanse houding bevalt de Vlaming helemaal niet. En hij vindt Blair een koele kikker. Ook in Nederland vindt hij het socialisme te afstandelijk niet verwonderlijk voor een man die overal in Vlaanderen slogans ophangt als `Het socialisme zal gezellig zijn, of het zal niet zijn'. Stevaert zag Wouter Bos eerst als een verademing, na de kilte van Ad Melkert en de ,,onbegrijpelijke zet van Wim Kok om wel te koken, maar te vertrekken voor het restaurant openging''. Bos begreep tenminste dat je je best moet doen om de boodschap aan het volk te verkopen. Voor de verkiezingen in januari ging Stevaert naar een PvdA-bijeenkomst om Bos te steunen. Hij was niet echt overtuigd, zeggen mensen die erbij waren. ,,Hij betwijfelt of Bos een stevige visie heeft. De bijeenkomst was hem ook te afgemeten. Bos keek alsmaar op zijn horloge, wimpelde vragen uit de zaal af, en vertrok lang voor het einde.''

Steve Stevaert is zijn eigen peilingsbureau, wordt wel over hem gezegd. ,,Hij voelt perfect aan wat mensen drijft'', zegt Willy Claes, ex-partijvoorzitter, voormalig secretaris-generaal van de NAVO én de man die Stevaert begin jaren '80 `ontdekte'. ,,Hij heeft een ingebouwde antenne, ogen in zijn rug. Zelfs de premier is daar jaloers op, veronderstel ik.''

Stevaert mag intussen tot de gegoede middenklasse behoren (hij woont in een appartement vol designmeubels en moderne kunst), die antenne voor dingen waar ,,de gewone man van wakker ligt'' stamt uit zijn jeugd: hij komt uit een arm mijnwerkersmilieu. Studeren vond hij maar niks. Hij ging naar de hotelschool in Hasselt, dat was tenminste praktisch. Daarna werd hij café-eigenaar en wel één met een perfecte neus voor trends, want hij heeft er vijftien bezeten en verkocht ze allemaal met stevige winst. Stevaert is financieel binnen. Hij zoekt de macht niet om het geld. Anders dan veel anderen van eenvoudige komaf koketteert hij niet direct met het feit dat hij bij de incrowd hoort. Hij doet juist het tegenovergestelde: hij cultiveert het níét-gewichtig doen, gelardeerd met een dosis zelfspot. Hij wil niet als intellectueel overkomen, of als iets wat daarnaar zweemt. Dus nu iedere zichzelf respecterende politicus in België serieuze boeken schrijft, publiceerde hij in maart een kookboek dat de welluidende titel Koken met Steve meekreeg. Hij gaf een serie interviews aan damesbladen, bij wijze van promotie. Van dat boek zijn al 22.000 exemplaren verkocht als je de boekhandelaren moet geloven, zijn dat er ongeveer 20.000 meer dan het gemiddelde boek van enig ander politicus. Maar wie het koopt krijgt er wel gratis het boekje Steve op de rooster bij een lang interview van Yves Desmet van de krant De Morgen met hem, waarin de wereld volgens Stevaert uiteen wordt gezet. ,,Ik ben er zes uur voor geroosterd, da's langer dan een speenvarken'', zei hij tijdens de presentatie in zijn oude hotelschool. ,,Maar het is heel makkelijk te lezen, want ik begrijp het zelf.'' Stevaert praat een soort koeterwaals-Vlaams, ook expres, zeggen sommigen. ,,Wat mij nog het meest dwarszit aan dat kookboek, is dat er ergens `peper en zou' staat, geen `zout'. Da mij da nu juis moet overkome!'' Hij kan smakelijk vertellen over een receptie bij een baron die hem bij de ingang vroeg: ,,Wilt u eerst even uw handen wassen?'' waarop Stevaert naar zijn nagels keek, die schoon waren. Later had iemand hem verteld wat de baron had bedoeld. En op de vraag of het waar is dat hij een heel goed kunstschilder is, bloost hij even en zegt dan: ,,Straks ontdekt u ook nog dat ik weleens een boek lees!''

Financieel binnen

,,In het begin moest ik hem beschermen in de partij'', zegt Willy Claes. ,,Hij week te veel af van de anderen. Ik zag meteen dat hij ideologisch sterk is, maar niet in de zin van die confrontaties tussen marxisten en niet-marxisten, die je op elk partijcongres had. Hij wilde niet zeuren, maar dingen doen.''

Stevaert werd in 1995 burgemeester in Hasselt omdat Claes, die het had zúllen worden, naar de NAVO vertrok. Zonder dat burgemeesterschap, zeggen velen, was Stevaert in de partij misschien ondergesneeuwd. Ondernemer, dienstweigeraar, levensgenieter, atheïst (,,de kerk gaat over het leven na de dood, ik hou me bezig met het leven vóór de dood'') er waren maar weinig kaderleden die deze cocktail vertrouwden. Pas in Hasselt kreeg hij echt de kans om te bewijzen waar hij goed in was, ook al was het maar een klein stadje.

,,Ik ben pragmatisch. Ik wilde iets doen voor de mensen. Dus ik maakte het openbaar vervoer gratis. Ik kreeg iedereen over me heen: hoe gaan we dat betalen? Simpel, heb ik gezegd: we schorten alle bestaande plannen voor de uitbreiding van het wegennet op. Geen nieuwe ring rond de stad, bijvoorbeeld. Autobezitters waren kwaad. De middenstand was woedend. Andere socialisten waren verontwaardigd dat ook de rijken hiervan gebruik konden maken. Dat was toch geen socialisme? Nou en, zei ik. En wat gebeurde er?

Vervolg op pagina 22

Bruto Nationaal Geluk

Vervolg van pagina 21

Meer mensen dan voorheen namen de bus. Het autoverkeer nam af. Een kennis van mij, die een Ferrari heeft, zei: `Dit is het beste wat je ooit gedaan hebt, Steve. Ik kan er nu sneller door!' En kijk, nu hoef ik minder te investeren in nieuwe wegen. Door dingen gratis te maken, verdíén je soms juist geld. En met dat geld doe ik socialistische dingen.''

Dit is typisch Stevaert: hij zit niet vast in traditionele denkpatronen. ,,Hij draait elke redenering om'', zegt iemand die hem goed kent. ,,Descartiaans denken als A dan B dan C – is hem vreemd. Hij is een microchip. Hij legt ongebruikelijke verbanden in zijn hoofd. Hij draait alles om en om, en kijkt er dan van een afstandje naar. Dan komt hij met de wonderlijkste oplossingen. Onnavolgbaar''. Zo ergerde hij zich als minister aan het feit dat lampen in verkeerslichten elke zestien weken moeten worden vervangen. Die lampen zijn duur en verslinden veel energie. ,,Ik zeg tegen mijn ingenieurs: `Kunnen we daar niet ándere lampen indoen, die zuiniger zijn en langer meegaan?' `Nee', zeggen ze, `dat bestaat niet'. `Maar het lampje in mijn tv dan', zeg ik, `dat doet het toch altijd?' `Ja maar, meneer de minister', zeggen zij, `dat is geen lamp, dat is een LED'. Ik weet niet eens wat het betekent, een LED. Hoe dan ook, het is geen lamp. Maar waarom dat niet in een verkeerslicht gaat, begrijp ik niet. Dus ik heb ontzettend aangedrongen. Nu is er een proefproject en het loopt goed. Zo spaar je weer geld uit. Zo heb je begrijpelijk socialisme.'' Stevaert is gek op dit soort verhalen. Hij heeft er legio. Hij vertelt ze aan iedereen die ze horen wil. Maar een feit is: niemand anders komt erop.

Machtspoliticus

In de partij is er al geen misverstand over mogelijk: Stevaert is de baas. Dat geeft hier en daar wrevel, zegt een insider, maar het is beheersbaar. ,,Iedereen weet: hij is gewoon de sterkste. Vergis je niet: hij is een ongelooflijk machtspoliticus.'' Hij omringt zich met een soort pretoriaanse wacht van zes, zeven gelijkgezinden, die hem intellectueel aankunnen en hem veel laten lachen. ,,Het is als de bende van de zwarte hand, die vanuit het clubhuis bedenkt hoe ze de wereld gaan veroveren.'' Experts heeft Stevaert ook in dienst, maar van hen tapt hij alleen de broodnodige feiten en weetjes af. Spin doctors heeft hij niet, alleen een woordvoerder die dag en nacht in touw is. Stevaert bedenkt zelf wel wat `bekt' en wat niet. Elke media-adviseur had hem de afgelopen tijd aangeraden om, net als andere politici, voor de dag te komen met een visie op minderheden en integratie. Stevaert veegt de vloer aan met dit soort visies. ,,Iedereen die daar veel over zegt vind ik een zaag'', zegt hij fel. ,,Veel mensen die zich met migranten bemoeien komen later weer op hun uitlatingen terug. Ik vind: je moet migranten behandelen als andere mensen. Werk-werk-werk, dat is het enige. Het verschil tussen iemand die 50.000 frank per maand verdient en iemand die 500.000 frank verdient, is veel groter dan het verschil tussen iemand die een zonnebank nodig heeft en iemand die dat niet nodig heeft. Ik zeg niet dat alle problemen dan opgelost zijn, wel dat je goed moet opletten als je het over cultuurgebonden zaken hebt. Kunt u carnaval begrijpen? Haha, nou dan! Vroeger droeg ik een oorbel, en dat was een drama. Nu is het de gewoonste zaak van de wereld. Veel politici zeuren de hele dag over migrantenstemrecht. Voor mij moet dat er komen, punt uit. Maar migranten worden doodmoe van het gezeur daarover. Voor zo'n onderwerp stort hun wereld niet in. Wat migranten van mij willen weten zijn andere dingen. Bijvoorbeeld: hoe gaat het verder met de Ford-fabrieken?''

Niemand krijgt de indruk dat Stevaert zich aan dit soort dooddoeners een buil valt. Laat staan aan redeneringen als: ,,Mensen vinden het prachtig als er een Arabier in een jurk in hun wijk komt, een groot huis bouwt en twee vrouwen, vier renpaarden en twee Rolls-Royces heeft. Waarom? Dan stijgt de waarde van hun huis.'' Tijdens de campagne trekt hij veel op met migranten op de lijst, en ze vallen hem even enthousiast om de hals (,,Steve jongen!'') als ieder ander. Volgens peilingen stemt 60 procent van de nieuwe Belgen in de provincie Limburg op de socialisten.

Stevaert is tot nog toe een puur Vlaams politicus geweest. Nu hij partijleider is, verbreedt zijn horizon zich. De federale, Belgische politiek komt binnen bereik. Het is vrijwel zeker dat de sp.a weer in de federale regering komt. Zij kan daarin met de Franstalige Parti Socialiste (PS) een sterk blok vormen, want de PS is de grootste in Wallonië, en staat bovendien op winst. Dus moet Stevaert veel onderhandelen met Franstalige partijen (hij heeft al een stoomcursus Frans gedaan), want alles valt of staat in politiek België met de balans tussen de twee grootste taalgroepen. Kortom, Stevaert moet gaan schaken op een veel groter bord. Hij wil zelf weinig kwijt over die toekomstperspectieven, maar ,,hij is daar intensief mee bezig'', weet Willy Claes. Claes ziet hem in de toekomst zeker als premier van België. ,,Maar ik wil hem één advies geven: dat lukt hem alleen als hij helemaal zichzelf blijft.'' Tot dusver is dat Stevaert gemakkelijk afgegaan. De grote test is nu of hij en zijn socialisme in het vernietigende gekonkel van de landelijke politiek even gezellig kunnen blijven als ze tot nog toe waren.