BOSMUIS MARKEERT BELANGRIJKE PLEKKEN MET BLAADJES EN TAKJES

De bosmuis (Apodemus sylvaticus) markeert zijn route in het wild met blaadjes en takjes, ontdekten de Tsjechische bioloog Pavel Stopka en zijn Britse collega David Macdonald (BioMed Central Ecology, 2 april). Deze speciale merkpunten dienen als geheugensteuntjes bij het zoeken naar verborgen voedsel. Met het gebruik ervan verkleint de muis volgens de onderzoekers de kans dat hij de positie van `interessante' plekken kwijtraakt. De visuele aanwijzingen kunnen alleen door degene die ze heeft aangebracht herkend worden, en zijn daarom te verkiezen boven bijvoorbeeld geurmarkeringen, die zowel door concurrenten als door roofdieren misbruikt kunnen worden.

Het was Stopka en Macdonald opgevallen dat bosmuizen in het vrije veld blaadjes, takjes en lege notendoppen op specifieke plaatsen achterlieten. De biologen hadden de indruk dat deze objecten dienden als wegwijzers in het uniforme graanveld waarin de diertjes leefden. De muizen foerageren soms tot wel honderd meter van hun nestplaats, een flinke afstand als de lichaamsgrootte van het dier in aanmerking wordt genomen. Het zijn nachtdieren met een uitstekend zichtvermogen, en dus zouden zij visuele merkpunten prima kunnen gebruiken om hun weg te vinden.

De onderzoekers deden een proef met drie groepen van acht wilde bosmuizen onder gecontroleerde omstandigheden. Ze plaatsten tien witte plastic schijfjes middenin een hok van twee bij twee meter en lieten de dieren hun gang gaan. Met behulp van een videocamera werden de bewegingen van de muizen vastgelegd. Spoedig verspreidden zij de witte schijfjes over het hele hok, ze telkens verslepend naar een nieuwe interessante plek.

Als de dieren verstoord werden vluchtten ze het nest in om, zodra het gevaar geweken was, hun gescharrel weer voort te zetten precies bij het schijfje waar ze gebleven waren. Blijkbaar doen de schijfjes dienst als mobiele oriëntatiepunten die de muizen helpen de draad weer op te pikken. Opvallend was ook dat de dieren regelmatig op hun achterpoten gingen staan, kennelijk om een merkpunt op te zoeken, en er dan in een rechte lijn op af renden.

Voor zover de onderzoekers hebben kunnen nagaan is de bosmuis met dit opmerkelijke gedrag het enige dier dat net als de mens gebruik maakt van visuele markeringen om een homogene omgeving efficiënt te kunnen afzoeken.